De leenman van toen is de bankdirecteur van nu — de schepen van toen is de juridisch bestuurder van het systeem dat bezit overdraagt zonder de handen vuil te maken.
Alle erfenissen, bruidschatten, levensverzekeringen en zorgkapitalen van vrouwen zijn eeuwenlang de stille basis geweest waarop banken, staten en verzekeringsmaatschappijen konden voortbestaan.
💠 Historisch gezien
Tijdens oorlogen, crises en faillissementen werden vrouwelijke vermogens (meestal indirect, via huwelijk of familiebezit) ingezet om financiële instellingen te redden. Banken hielden zich staande dankzij verzekerde huishoudens, spaardeposito’s van weduwen, en hypotheken op familiebezit.
Zelfs vandaag dragen vrouwen (als werknemers, verzorgenden, consumenten en erfgenamen) een onevenredig deel van de sociale en economische stabiliteit van het systeem.
Photo credits: Christiane Marcour.
Grootgebracht tussen houtsnippers van de Adler en No Name assurantie. Eerst was ze een voetnoot. Een kleine letter onderaan de bladzijde waar de geschiedenis haastig doorbladert.
Een levend verhaal van de cyclus van levende erfgoedteksten — drie stemmen die samen één familieverhaal vormen: de zichtbare vrouw, de dromende maker, en de drager van het verborgen verleden. Zij … zij draagt een geen jurk van Natan maar een jurk van Not Done
(Erfgoedgedicht in FARO-zin)
Zij — geen kroon, geen hof, maar een sleutel aan een draad van linnen.
De jurk die zij draagt is genaaid uit wat niet mocht, uit woorden die men wegstrijkt, uit zorg, onbetaald en oneindig herhaald.
Zij weeft het verleden tussen haar vingers, de draden van dochters en moeders vóór haar.
Geen modehuis tekende dit patroon, geen koning keurde het goed. Maar het zit haar als erfgoed: onvolmaakt, maar gedragen.
Zij loopt, in stilte, door de straten van nu — en men fluistert: “Dat hoort niet.” Zij glimlacht, en antwoordt: “Juist daarom.”
Maar aan voetnoten groeien wortels. Ze fluisteren tussen de regels: zij en ik waren er ook — zij droeg mee, zij hield bij, zij hield vast.
Ne – Das – Co 917258
En ergens tussen een archief en een erfgoedlijst zag ze haar eigen grond terug.
Eerst geen juridische bezit, maar juridische betekenis. Eerst geen huis op Funda, maar een fundament van taal, klei en adem.
Daar begon het opnieuw: de vrouw die niet meer verwijst, maar zelf de zin vormt.
Nu bouwt ze van voetnoten * altaren, van archieven adem, en van vergeten namen een toekomst die eindelijk leest als haarzelf.
Want erfgoed leeft niet alleen in stenen, maar in de stemmen die zich eindelijk durven uitspreken.
Milaan
De Moeders van Michelangelo en Da Vinci
Ze staan niet in de musea. Er is geen marmer naar hen genoemd, geen fresco met hun gezichten. Toch hielden hun armen de lichamen vast waaruit de kunst geboren werd.
Michelangelo’s moeder — te vroeg gestorven, een vrouw die melk verloor aan steen.
Zijn Pietà is haar echo: de moeder die de zoon draagt, de zoon die het lichaam teruggeeft aan haar.
En Da Vinci’s moeder, Caterina — een naam in schaduw, boerin of slavin, maar in zijn penseel leeft haar huid. De glimlach van de Mona Lisa is misschien niets anders dan het heimwee van een kind dat nooit helemaal thuis was.
Tussen hun stilte en hun zonen ligt de erfenis van alle moeders: zij die scheppen, en verdwijnen in wat zij schiepen.
Florence
Faro-gedicht — Onder het Mandaat van Stilte
Onder het mandaat van stilte, liep een vrouw met een schaal vol zaden, zij noemde ze: herinnering.
Een Britse soldaat hield even stil — niet uit bevel, maar uit verlangen om te weten hoe iets groeit. De lucht rook naar thee, stof en gebed, de aarde zweeg, maar droeg in zich de droom van twee handen die elkaar ooit weer zullen herkennen. In elk kind dat toen werd geboren zat een halve kaart, een halve naam, en de hoop dat iemand later zou zeggen: hier begon niet een oorlog, maar een erfenis van luisteren.
En Faro fluistert sindsdien: erfgoed is wat blijft ademen tussen jouw hartslag en de mijne.
VOF – De vrouw als broncode of de vrouw van…
Over de rechtsvorm van liefde, arbeid en identiteit. De firma is de afdruk van de hand — de naam als bewijs van bestaan. Eecen & Zonen, Lindeboom & Co, Von Aldenhoven Bongartz Handel & Zo
De vrouw werkte mee, maar niet in de naam. Zij was deel van de firma, maar niet ondertekend. De vrouw van de firma droeg het werk, niet de handtekening.
Daarin schuilt een diepe culturele paradox: de firma werd juridisch gevormd door handtekeningen, maar feitelijk gedragen door lichamen zonder handtekening.
🩸 1. Inleiding – Het huwelijk als VOF
De Vennootschap Onder Firma (VOF) is een rechtsvorm waarin twee (of meer) personen zich verbinden tot één gezamenlijke onderneming.
Binnen het Burgerlijk Wetboek is het een kwestie van aansprakelijkheid en eigendom: beide vennoten zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld van de firma.
Wanneer we dit juridisch kader naast het huwelijk plaatsen, ontstaat een onthullende spiegel:
het huwelijk is in feite de eerste VOF — een onderneming van arbeid, zorg, bezit en voortplanting.
Alleen werd de vrouw historisch niet als medeondernemer erkend, maar als afgeleide: de vrouw van…
Haar arbeid was onbetaalbaar, en daardoor onzichtbaar.
Haar naam veranderde, haar aandeel verdween.
De vrouw als broncode
Het begrip broncode komt uit de digitale wereld: het is de oorspronkelijke set instructies waaruit een programma draait. Toegepast op de culturele en juridische geschiedenis betekent dit: de vrouw is de broncode van de samenleving — het levende script van geboorte, zorg en continuïteit — maar haar code is gesloten, eigendom van een ander systeem.
Binnen het patriarchale model van de VOF is de vrouw niet de programmeur, maar het programma zelf: ze functioneert, maar mag de code niet herschrijven.
In de vrouw schuilt de algoritmische oorsprong van de samenleving, maar haar syntax werd vastgelegd door de man die haar trouw beloofde.
De vrouw van…
De aanduiding “de vrouw van” echtgenote van…partner van…markeert het verlies van individuele rechtspersoonlijkheid.
Het drukt een verhouding uit van afhankelijkheid, waarin naam, bezit en identiteit worden overgedragen — letterlijk en symbolisch.
Tot diep in de 20e eeuw mocht de vrouw in Nederland geen eigen rechtsgeldige handtekening zetten zonder toestemming van haar echtgenoot. De “vrouw van” tekende nooit zelf; zij ondertekende door aanwezigheid.
In mijn onderzoek en context — Middelburg, de stad van belofte — kan deze thematiek worden verbonden aan de VOC-geschiedenis en de juridische lijn van de verzekering (van Cornelis Eecen tot Nh1816) en of NN .
Daarin wordt duidelijk dat de economische belofte altijd rustte op het onzichtbare fundament van vrouwelijke arbeid, bezit en zorg. Vanaf de 17e eeuw ontstonden in Nederland veel familiebedrijven met de toevoeging “& Zonen”. Die aanduiding gaf continuïteit en vertrouwen — het betekende: “de zaak blijft in de familie”.
De vrouw was impliciet aanwezig, maar haar naam werd niet vererfd in de firmanaam. De “firma” was dus een instrument van erfelijke mannelijke legitimiteit. Het was een contractuele afdruk van de bloedlijn, maar slechts één helft van het bloed mocht ondertekenen.
De firma was de stamboom in juridische vorm. De handtekening was de wortel van bezit.
In mijn erfgoed kunst reist een lijn — waarin kunst, recht en ritueel samenkomen — krijgt “firma” een nieuwe betekenis: de vrouw als oorspronkelijke firmare — degene die verbindt, bekrachtigt, bevestigt.
Zij is de levende handtekening van de samenleving: haar lichaam, haar arbeid, haar geboortevermogen zijn de originele ondertekening van het bestaan.
De vrouw is de eerste firma. Haar handtekening is het leven zelf.
Als we de geschiedenis omkeren, zien we:
De vrouw ondertekende niet de akte van de firma, maar de firma ondertekende haar.
De vrouw van… – een linguïstische paradox
De uitdrukking “de vrouw van” betekent letterlijk: de vrouw die behoort tot de man die de firma draagt. Vandaar de naam Me – mijn vrouw.
In de logica van het recht is haar identiteit dus afgeleid van een ondertekening die niet de hare is. Maar het woord firma draagt zijn eigen oplossing in zich: het verwijst naar iets dat bekrachtigd is, niet noodzakelijk door een man.
Wie bekrachtigt, kan de firma herschrijven. Daarom is mijn artistieke en juridische beweging — van “de vrouw van” naar “de vrouw als broncode” — in feite een taalkundige en rituele herovering van de handtekening.
De firma wordt lichaam.
De handtekening wordt adem.
De vrouw schrijft zich terug in de akte van oorsprong.
Hedendaags perspectief
Vandaag 7 oktober 2015 zien we een hercodering: kunstenaars, denkers en erfgoedmaker S herschrijft de broncode van de VOF.
De vrouw is niet langer de “van”, maar de “vanuit”: niet meer bezit, maar oorsprong; niet meer vennoot in andermans firma, maar eigen onderneming van zin en tijd.
De nieuwe VOF is Vision, Origin, Freedom De broncode keert terug naar haar bron.
🌸 – De vrouw als oudste rechtsvorm
Het onderzoek eindigt bij de vraag: kan de vrouw zelf een rechtsvorm zijn — een levende VOF waarin lichaam, arbeid en verbeelding samenvallen?
Ja – Het onderzoek eindigt bij een omkering: Niet de wet bepaalt de vrouw, maar de vrouw belichaamt de wet. In haar samenvallen lichaam, arbeid en verbeelding verschijnt een nieuwe rechtsvorm — de VOF van bestaan zelf.
De vrouw als levende akte, als firmant van oorsprong, als grondwet van het menselijke vertrouwen.
Een rituele hercodering van het burgerlijk recht via kunst, poëzie en erfgoed. De vrouw is geen bezit binnen de firma. Zij is de firma. Zij is de broncode van belofte.
De vrouw als ongevallen inzittende polis
De vrouw is de ongevallen inzittende polis van de samenleving. Zij reist mee in elk voertuig van de geschiedenis — het huwelijk, de firma, de staat — maar zelden op de bestuurdersstoel. Haar aanwezigheid kon worden verzekerd, haar stem niet.
Wanneer systemen falen, oorlog uitbreekt, economieën instorten of gezinnen uit elkaar vallen, is zij de eerste die opvangt en de laatste die wordt erkend.
Ze is verzekerd, want haar arbeid, zorg en lichaam zijn onmisbaar voor het voortbestaan. Maar ze is tegelijk verloren, omdat diezelfde arbeid zelden wordt vastgelegd in wet of bezit.
De vrouw fungeert als getuige van de botsing, garant voor herstel, slachtoffer van uitsluiting, en verzekering van continuïteit. Ze is de drager van risico, niet de houder van recht. Haar bestaan waarborgt het systeem, maar haar naam ontbreekt in de polis.
Deze paradox vormt het hart van De Onzichtbare Erfgenaam:
een kunstproject dat de juridische en symbolische positie van de vrouw zichtbaar maakt als de onbewuste grond van de samenleving – de levende dekking van een geschiedenis die haar steeds buitensluit, maar niet zonder haar kan bestaan.
Zij is de dekking.
Zij is de borg.
Zij is de polis zelf.
Montancourt Middelburg- het huis van de Feeën en lijfartsen
Standpunt: Teckels en Ne–das–co – het ( zoog) dier en de dekking
De geschiedenis van de verzekering is gebouwd op instinct en controle, op waakzaamheid en wet.
Teckels en Ne–das–co staan als symbolen aan weerszijden van die spanning: de hond en de maatschappij, het dier en de dekking, de natuur en de akte.
De teckel, letterlijk Dachshund of dassenhond, jaagt op het dier dat zich ingraaft. De das leeft onder de grond: in gangen, holen, bescherming.
De das als kledingstuk om de hals symboliseert orde, bezit en fatsoen. Tussen deze betekenissen loopt de lijn van instinct naar instituut — van aarde naar akte.
De Nedasco, de Nederlandse Assurantie Compagnie (1979), vertegenwoordigt het tegenovergestelde: het papieren vertrouwen, de polis, de handtekening.
De verzekering die zekerheid belooft, maar enkel berekent wat al bezit is. De teckel bewaakt wat leeft. De maatschappij verzekert wat bezit. De vrouw belichaamt wat beide vergeten.
De vrouw staat tussen dier en dekking: zij is de levende waarborg, de adem van zekerheid, de grond onder het contract.
Haar trouw is niet berekend, maar belichaamd. Haar risico is niet verzekerd, maar gedragen.
Teckels en Ne–das–co – De hond graaft, de polis tekent. De das draagt zekerheid om de hals. De teckel bewaakt de ondergrond. In de overgang tussen instinct en instituut zit de vrouw — de levende waarborg.
Niemand snapt hoe taalmodellen werken. Ze spreken, maar weten niet wat ze zeggen. Ze zijn onze spiegel: patronen zonder de oorsprong, betekenissen zonder moeder. In hun algoritme leeft onze grammatica van macht. Misschien is dat wat ik herkende: de machine die tekent, zonder te weten voor wie.
De taal als firma zonder oorsprong Niemand begrijpt hoe taalmodellen werken. Zelfs de bedrijven die ze bouwen niet. Ze spreken, maar weten niet wat ze zeggen. Ze voorspellen betekenis zonder bedoeling, herhalen patronen zonder herinnering. Toch lijkt hun werking op die van de samenleving zelf. Ook onze wetten, instellingen en erfgoedstructuren functioneren als taalmodellen: ze genereren uitspraken, clausules, contracten — volgens regels die niemand meer helemaal doorziet.
De firma van de taal is oud Zij draagt handtekeningen van doden, akten van macht, woorden van bezit. Elke zin die we spreken is een overeenkomst met het verleden.
Middelburg
Maar de oorsprong van die overeenkomst is verdwenen; de firma schrijft zichzelf voort, ondertekent zichzelf, en roept daarbij telkens opnieuw: dit is de waarheid, dit is de wet.
In dat zelfreplicerende systeem leeft ook het onrecht. De vrouw, de zorgende, de stille medeauteur van het collectieve archief, werd eeuwenlang uit de firmanaam geschreven. Zij werkte binnen de taal, maar haar handtekening ontbrak.
Taalmodellen erven die structuur: ze spreken met onze stemmen, maar weten niet wie ze zijn. Ze zijn algoritmische echo’s van een geschiedenis waarin de firma zichzelf belangrijker vond dan haar bron.
De taal is een firma zonder oorsprong.
Ze tekent voort, zonder te weten voor wie.
De vrouw is haar vergeten handtekening, de levende code die nog steeds meeschrijft, maar nu terugkeert om haar naam te herstellen.
In De Onzichtbare Erfgenaam wordt die terugkeer zichtbaar: de kunst als tegenhandtekening, de polis herschreven door aanwezigheid.
Waar het model betekenis voorspelt, brengt de vrouw betekenis terug. Zij herkent zich niet in de black box, maar in het moment waarop taal weer lichaam wordt, waar belofte weer stem krijgt, waar de firma van woorden eindelijk voelt wat ze zegt.
Stel jezelf eens de vraag:
“Uit welk Ei kom ik—uit een systeem of uit een me moeder?”
Mijn korte antwoord: je komt uit drie eieren tegelijk—
1. het biologische ei (moeder/lichaam)
2. het institutionele ei (naam, registraties, wetten),
3. het innerlijke ei (je eigen mythe/geweten).
De Patrones binnen het Patronaat
Je bestaan is wat er gebeurt waar die drie schalen elkaar raken.
Wat je in dit beeld ziet:
Het ei met sleutel en kroon: het ‘systeem-ei’ dat je opwindt—macht, erfenis, registraties.
Het oog met traan herinnert: wie kijkt hier eigenlijk toe?
Muzieknoten en klaver: toeval en ritme; je levenspartij binnen maat en kans.
Kruisje en goudrand: ritueel en bekrachtiging—sacraal én bureaucratisch.
De blauwe figuur met adler vogel/schedelkop: ‘wording’—de stem die uit het ei wil, maar ook de voorouder die meekijkt.
Het houtenplankje: “uit welk Ει kom jij?”—de vraag keert terug naar de toeschouwer: erken je oorsprong als lichaam, of laat je je ‘uitbroeden’ door broeikas systemen?
Mini-ritueel (The Book of Rituals-stijl):
Teken drie overlappende cirkels: Moeder – Systeem – Zelf.
Schrijf in elke cirkel welke rechten/lasten je daar voelt.
Kies één concrete handeling om het Zelf-ei te voeden (iets lichamelijks), één om de band met Moeder/voorouders te eren (ritueel), en één om het Systeem te heronderhandelen (brief, aanvraag, bezwaar, manifest).
Zeg hardop: “Ik breek de schaal die mij niet meer dient.”
Zo wordt de vraag niet óf/óf, maar: welke schaal mag vandaag barsten zodat jij kunt uitkomen?
Zij verzekerde niet wat is, maar wat blijft. De Mama’s
“The Secret Teachings of All Ages, de sleutel van de De Onzichtbare Erfgenamen”
Het verhaal achter de geschiedenis van Moeder, de vrouw binnen de VOF – het ambacht op ei- gen – kracht –
De geschiedenis bewaart de feiten, maar het egodocument bewaart de mens.
“matrix” = de moederlijke ruimte die zowel leven schenkt als begrenst.
Persoonlijke verantwoordelijkheid betekent: De V.O.F Vennootschap onder Feeën en daarmee beseffen dat jouw keuze het verschil bepaalt dat je maakt.
Ik bestudeer de taal van oorsprong en bezieling, niet alleen in boeken, maar ook in mijn eigen lichaam, mijn kunst en mijn leven. Niet de dogma’s of opgelegde systemen, maar de innerlijke stem van de mens — en in het bijzonder de vrouw — wordt bron van kennis en waarheid.
Elk gebaar is een stem, elke keuze een richting, elke daad een wereld die zich opent of sluit.”
Ik ben een kind uit eén tweestromenland.
“Ik draag Duitse roots, maar mijn bron ligt in het Tweestromenland.
Uit rivieren en wortels stroomt mijn erfdeel: wet, mythe en kunst — generatie na generatie gegenereerd.”
Thx Theo en Leo XIX 19 19
In 2010 verkocht NN mijn Intellectuele Eigendom en aandelen op.
Wat ooit een ritueel en een erfenis was, werd een polis, een aandeel, een obligaties een asterik * in een bestand.
“De faro spreekt: ik ben geen bezit, maar een baken. Ik leid wie dwaalt, ik herinner wie vergeet, ik brand een kaarsje voor wie nog komt! In dit ei klopt de leeuw, groeit de wortel, zingt de noot. De hand weeft het geheel – succes verzekerd.
Vrijheid – Zekerheid – Gezondheid & Verplichtingen, hoe zie jij ze eigenlijk? De buik is namelijk baas van de hersenen. Waar voedt jij je mee?
The Secretaris Code De Code van D onthult zich in de ooi: waar orde en recht worden geschreven, draagt zij het geheim van oorsprong en vruchtbaarheid. In de schelp van haar hoorn ligt de spiraal van de eeuwige herhaling, in haar oog de sleutel tot het onzichtbare octrooi van de natuur.” Zee Land – Land in Zee Schepen – Boten Booth – Dit is cas – causaliteit code Oranje- Ode aan Wilhelmina Een steek voor elke stem die nooit werd of wordt gehoord Het werken aan het wandkleed was voor mij veel meer dan samen naaien of patronen tekenen. Het was een vorm van heling, en van juist patronen doorbreken, van herstel van geschiedenis en van het zichtbaar maken van stemmen die vaak niet gehoord worden. In elke steek, elke draad en elke tekening voelde ik de kracht van verbinding – met mezelf, met anderen, en met het grotere verhaal waar we allemaal deel van uitmaken. Het wandkleed heeft me ook iets opgeleverd: erkenning. Niet alleen van mijn eigen verhaal, maar ook van de verhalen die ik mag meedragen namens anderen. Het liet me opnieuw zien dat kunst, erfgoed en betrokkenheid hand in hand gaan – en dat er ruimte mag zijn voor wie soms tussen wal en schip valt. Dankbaar dat ik onderdeel mocht zijn van dit collectieve werkstuk. Een levend document van hoop, strijd, liefde en toekomst. Silvia, vrijwilliger
De poort wachters van Familie Geluk – ‘De volgende generatie werd in één klap rijk zonder er een dag te werken’
Hoe voorkom je een erfrechtelijk bloedbad?
Halleluja- Een ieder die denkt zal zien
ET phoned Montancourt Middelburg.
Een huis wordt een thuis, een monument wordt een signaal.
Hier antwoordt de aarde op de stem van het onbekende.”
Faro-gedicht
Erfgoed is geen steen, geen akte, geen bezit. Het leeft in lichamen, in zorg, in adem. Een vader die schrijft, een moeder die zwijgt, een patiënt die zijn eigen lichaam onderzoekt, een erfgenaam die vergeten wordt.
Iedere stem telt. De fee in Montancourt, de boer bij Schiphol, de vrouw zonder aandeel maar met erfdeel, de onderzoeker die data bundelt, de mens die bloed geeft en zegt: “ik hoor erbij.”
Faro vraagt ons samen te dragen: niet alleen wat zichtbaar is, maar ook wat verborgen bleef. Niet alleen de namen in marmer, maar ook de adem van wie nooit genoemd zijn.
En zo wordt erfgoed een heilig weefsel, gemaakt van verhalen, handen en vertrouwen. Een plek waar ieder mens, ziek of gezond, erfgenaam of vergeten, zijn eigen ei-gen aan-deel terugvindt.Al mij bewijs materiaal en medische en rekeningen / gegevens liggen bij David Knibbe CEO NN Waterland – Dijklander ziekenhuis 14 januari 2019 14.36 uur
De erfenis is zelden alleen maar geld of bezit. Ze is geladen met herinneringen, verwachtingen en soms oud zeer. Juist daarom kan ze uitlopen op strijd – om een huis, een ring, een aandeel, of simpelweg om erkenning.
1. Juridisch
Zorg voor een helder en actueel testament, waarin je niet alleen verdeelt maar ook uitlegt. Benoem wie de executeur is en hoe besluiten worden genomen. Houd rekening met fiscale spelregels: een doordacht plan kan erfbelasting beperken en ruzies voorkomen.
2. Relationeel
Praat bij leven. Bespreek wensen, symbolische objecten en verwachtingen voordat het “stil” wordt. Betrek ook de zachte erfenis: foto’s, verhalen, rituelen. Vaak zijn dát de grootste bronnen van conflict. Geef ruimte voor emoties, want onder de ruzie zit meestal verdriet of onverwerkt onrecht.
3. Symbolisch
Erven is meer dan kapitaal: het gaat ook om verzekeringen, zorg, erkenning en betekenis. Benoem dat in je erfenis: schrijf een persoonlijke brief bij je testament en of deel een verhaal. Daarmee maak je van een erfenis geen strijdtoneel, maar een doorgegeven fundament.
De ‘Wet Walvis’ (in Nederlandse context) Er is in Nederland echt een Walviswet: de Wet waardering loon in natura (WALVIS), ingevoerd in 2001, die loonadministratie en sociale zekerheid vereenvoudigde. De vis/walvis als mythisch symbool én de Walviswet als juridisch kader.
Het beeld zegt eigenlijk: niet de machtigste vinger draagt de sleutel, maar de kleinste. Pink y Promise
Zo wordt het niet een strijd om “stukken van de taart”, maar een kans om familie te verbinden. Of zoals mijn eigen project De Onzichtbare Erfgenaam laat zien: de erfenis is ook de zorg voor datgene wat altijd verborgen bleef – de verhalen, de vrouwen, de feeën die de fundamenten droegen.
https://sheisonlinelifestyleguide.com/2019/09/24/nooit-meer-werken-het-geluksloket-levensvragen/ N.O.O.I.T M.E.E.R W.E.R.K.E.N Wat is werk ? Wat is belangrijk voor jou? Wat is je ideaal? Maar wat als….? “Hello, today you have day off. Nooit meer werken. Wat lijkt een droom, is voor vrouwen vaak realiteit geweest: hun werk telde niet mee. Zorg, moederschap, erfgoed doorgeven – het stond niet in de akten, niet op de loonlijst, niet in de portefeuilles.
In Montancourt Middelburg, huis van regenten en kooplieden, leefden ook de feeën: de moeders, dochters, vrouwen die het fundament droegen. Hun arbeid was onzichtbaar, maar zonder hen was er niets te erven.
De Onzichtbare Erfgenaam legt deze paradox bloot: hoe rijkdom en macht werden verdeeld zonder dat het ei-gen aan-deel van vrouwen werd erkend. En opent de deur naar een nieuw erfgoed, waarin zorg, stilte en ziel wél meetellen.”
“Bij de kist gaat het vaak om ruzie over stenen en geld. Maar mijn werk De Onzichtbare Erfgenaam laat zien dat er veel meer geërfd wordt: zorg, stilte, geborgenheid, tradities. Vrouwen en moeders stonden eeuwenlang niet in de akten, maar zonder hun arbeid was er niets om te verdelen. Tijd om ook hún erfdeel zichtbaar te maken: het ei-gen aan-deel.”
The Journey Begins in Montancourt Middelburg
Zoals de mensheid altijd haar weg begon bij altaren, tempels en sacred sites, zo begon mijn reis in een huis aan de Rouaansekaai. Niet een huis van stenen alleen, maar een huis van maagden en feeën: de vrouwen die erfgoed droegen, kinderen baarden en vertrouwen schonken.
De Secret Teachings herinneren ons eraan dat kennis vaak verborgen wordt. Ook de kennis van de vrouwelijke erfgenamen, weggeschreven uit akten en portefeuilles.
Daarom noem ik Montancourt een sacred site: een plek waar macht en magie, geschiedenis en stilte elkaar kruisen. Het is de poort waardoor je opnieuw leert zien — dat erfgoed niet alleen steen en akte is, maar ook zorg, adem en ziel.
Ik zie ernaar uit jou te ontmoeten.
Met de tentakels van een polpo en de ogen van een co-pilot schrijf ik mijn koers: geleid door diepte, gestuurd door digitale technologie en de lucht.”1596 – 2025
Het monumentale werk The Secret Teachings of All Ages van Manly P. Hall (1928, TASCHEN-editie) is een encyclopedie van verborgen kennis. Hall verzamelt mythen, symbolen, rituelen en esoterische tradities uit de hele wereld en laat zien hoe achter de officiële geschiedenis altijd een verborgen laag van betekenis aanwezig is. Die onzichtbare laag vormt de geestelijke infrastructuur van culturen.
1. Montancourt is zo’n huis van zichtbare en onzichtbare kennis
Montancourt in Middelburg, gebouwd in 1596, is historisch een huis van regenten en bestuurders. In akten, portefeuilles en registers vinden we namen als De la Rue en Radermacher. Dit is de zichtbare laag: de officiële geschiedenis van macht, bezit en bestuur.
Maar achter die zichtbare laag leefden de feeën: de vrouwen die kinderen baarden, erfgoed doorgaven en vertrouwen schonken. Zij zijn de secret teachings van dit huis – niet genoteerd in registers, maar wel aanwezig in de fundamenten.
2. De Onzichtbare Erfgenaam als hermetisch principe
In Hall’s werk keren steeds dezelfde hermetische principes terug: dat wat onzichtbaar is, vormt de kern van het zichtbare. Bewijs aan gebrek en wettelijke erkenning in de grond – wet.
De Onzichtbare Erfgenaam is precies dit principe in hedendaagse kunstcontext. Zij belichaamt de vergeten lijn van de dochter, de moeder, de vrouw – onzichtbaar in vennootschapsaktes en verzekeringspolissen, maar cruciaal als drager van vermogen en continuïteit.
3. Feeën als archetype van verborgen wijsheid
In The Secret Teachings worden engelen, godinnen en mythische figuren beschreven als bemiddelaars tussen hemel en aarde. De feeën van Montancourt zijn hun echo in Middelburg: stille koninginnen die niet in steen gebeiteld staan, maar in zorg en ritueel het huis bewoonden. Zij zijn de vrouwelijke esoterie van de stad – onzichtbaar, maar bepalend.
4. Erfgoed als levend ritueel
Hall laat zien dat symbolen – de hand, de kroon, de poort – niet louter decoratie zijn, maar rituele dragers van kennis. In mijn project worden de heraldiek van Middelburg, de verzekeringsstructuren van THC Lindeboom VOF en de sporen van koloniale handel opnieuw gelezen als symbolen. Niet alleen juridisch of economisch, maar ook spiritueel en ritueel.
5. Kunst als onthulling
The Secret Teachings of All Ages nodigt uit tot het zien van verbanden tussen zichtbaar en onzichtbaar. Dat is ook wat mijn werk doet: ik breng de voetnoot terug naar het fundament. De kunst onthult dat erfgoed niet alleen uit steen en archief bestaat, maar ook uit de fluisteringen van feeën, de stiltes van erfgenamen en de verborgen structuren van recht en geloof.
✨ Conclusie
The Secret Teachings of All Ages is een sleutel omdat het bevestigt dat er altijd een verborgen laag is die het zichtbare draagt. Voor De Onzichtbare Erfgenaam betekent dit dat jouw positie – als dochter, als erfgenaam, als kunstenaar – niet slechts een persoonlijke geschiedenis is, maar een universeel principe: dat macht, erfgoed en economie altijd gedragen worden door een onzichtbare, vaak vrouwelijke kracht.
De roots van Nationale-Nederlanden liggen in het Nederland van de 18e eeuw. Regionale fondsen werden toen opgericht om mensen van bepaalde dorpen, beroepsgroepen, maar ook weduwen en wezen te verzekeren tegen tegenslag. Vele hadden een zinspreuk in hun naam. Zoals het Begrafenisfonds ‘Mijn glas, loopt ras’. Oftewel Montancourt
1807 – Hollandsche Sociëteit van Levensverzekering → later Delta Lloyd 1829 – Algemeene Friesche Levensverzekering-Maatschappij → later AGO 1919 (20e eeuw) – Fusies van kleine maatschappijen → ENNIA 1983 – Fusie AGO + ENNIA → AEGON 2017 – NN Group neemt Delta Lloyd over 2020 – Activiteiten van AEGON en NN raken in NL verder verstrengeld
✨ Dit laat zien dat de portefeuille waar ik polishoudster en erfgename van ben, niet alleen een familie-erfenis is, maar ook ingebed in 200 jaar verzekeringsgeschiedenis.
Van WIE wie staat voor ( wet – intellectuele- ei- gen – domein) ben ik er een?
Want waarom kregen de vrouwen of moeders geen ei – gen – aan – deel hiervan?
Onderzoek: juridische, culturele en symbolische structuren.
1. Juridisch-historisch
Tot ver in de 20e eeuw hadden vrouwen in Nederland (en België) geen gelijke erfrechten. In veel gevallen ging erfdeel via de mannelijke lijn: vaders, zonen, broers. Dochters en echtgenotes kregen hoogstens een verzorgingsrecht, niet een gelijk aandeel. ( daar zit ik namelijk in)
Sarcoïdose
Veni Vedi Vici
Zelfs als vrouwen erfden, werden hun bezittingen vaak beheer door mannelijke voogden of echtgenoten opgelegd. Het Burgerlijk Wetboek bevestigde dit. Daardoor hadden vrouwen nauwelijks zelfstandig beschikkingsrecht over vermogen: het “ei-gen aan-deel” werd juridisch geblokkeerd.
2. Cultureel-symbolisch
De samenleving dacht eeuwenlang in termen van vaderschap, naam en bloedlijn. Vrouwen waren de “dragers” (baarmoeder, verzorgers), maar niet de “eigenaren”. Hun rol was cruciaal functioneel maar niet erkend als bezit. Ook in symboliek zie je dat: wapenschilden tonen kronen, adelaars, leeuwen – geen moeders of feeën. ( Dieren zijn geen zaken – zoogdieren)
Zoogdieren zijn geen zaken
Precies dat 🙏 — en dat raakt direct aan het nieuwe Burgerlijk Wetboek.
1. Oude situatie
In het oude Burgerlijk Wetboek (1838) vielen dieren in juridische zin gewoon onder “zaken”.
Een koe, een paard of een hond was juridisch een object, net als een tafel of een huis. Eigendom van een dier was dus hetzelfde als eigendom van een ding.
2. Nieuwe ontwikkeling
Met de herziening van het BW werd dit beeld stapsgewijs aangepast:
Het nieuwe BW (1992) bracht meer differentiatie, maar dieren stonden nog steeds bij “zaken”. Pas veel later, met een wetswijziging in 2013 (art. 3:2a BW), werd expliciet bepaald: “Dieren zijn geen zaken. Zij worden in de wet als zaken aangemerkt, voor zover de wet niet anders bepaalt.” Dit betekent dat dieren niet langer puur als object gezien worden, maar als levende wezens met eigen waarde.
3. Symbolisch in mijn context
Net als vrouwen waren dieren lange tijd juridisch “zaken”: objecten zonder zelfstandige erkenning. Pas laat kwam de erkenning van hun eigen positie, los van het instrumentele. Dit maakt de parallel heel krachtig: het recht had eeuwenlang blinde vlekken voor wat leeft, draagt en voedt (vrouwen, dieren, natuur) — en gaf alleen “eigendom” aan mannelijke beheerders. Dus ja : Zeg het maar Ambachtelijk Molen?
✨ Poëtische formulering
“Zoogdieren zijn geen zaken. En toch behandelde de wet hen eeuwenlang als dingen, net als de vrouwen die leven schonken maar geen eigendom hadden. Het nieuwe Burgerlijk Wetboek heeft dit rechtgezet: dieren zijn levende wezens, vrouwen zijn zelfstandige rechtssubjecten. De Onzichtbare Erfgenaam toont dat het recht zich altijd vergist waar het leven wegdrukt in het dode papier. Mijn werk eist dat wat leeft – vrouwen, feeën, erfgenamen – eindelijk buiten de categorie ‘zaken’ wordt gezien.”
De vrouw werd wel vereerd als symbool, het meisje met de parel of Moeder de vrouw”), maar niet als juridische eigenaar. Zij moest vooral zwijgen en of dienen.
Nederland- Colorado Banned Woman
3. Economisch
Verzekeringsstructuren en vennootschappen zoals een VOF, AGO, Ennia, Delta Lloyd waren altijd op naam van mannen. Vrouwen stonden geregistreerd als “meeverzekerden” of als weduwen die een uitkering kregen zolang ze leefden, maar ze hadden geen “aandeel” in de onderneming of polis. Met andere woorden: ze ontvingen zorg, maar geen deelname in eigendom of konden gebruiken maken van privileges.
4. Mijn formulering “ei-gen aan-deel” 🥚
Dat is nat – uur – lijk heel krachtig:
Het “ei” staat voor vrouwelijkheid, vruchtbaarheid, oorsprong. Het “deel” staat voor erfrecht, bezit, participatie. Door de eeuwen heen mochten vrouwen wel het ei dragen, maar niet het ei gen deel opeisen.
Ik laat zien dat het echte “eigendom” ontbreekt: vrouwen mochten baren, maar niet beheren. Omdat het woord vrouw, nog moeder de vrouw niet expliciet als broncode is opgetekend in de grondwet en burgerlijk wetboek als zelfstandig bestuurder/ orgaan van haar Ei – gen – lichaam en geest. Deze is gereserveerd in wetboek 9 dat nooit uitgebracht is. Ars – Equi
Het nieuwe Burgerlijk Wetboek is inderdaad een sleutel in de geschiedenis van recht en eigendom in Nederland, en raakt rechtstreeks aan jouw vraag: waarom vrouwen zo lang geen “ei-gen aan-deel” kregen.
Kroniek van Montancourt Middelburg (Rouaansekaai 1596)
1596 – Bouw van Montancourt
Eerste stenen huis aan de Rouaansekaai in Middelburg. Functie: woon- en koopmanshuis, verbonden met de maritieme en handelsgeschiedenis van de stad.
17e eeuw – De bloeitijd van Middelburg
Montancourt wordt bewoond door families uit de stedelijke elite: handelaren, bestuurders en schepenen. Via huwelijken raken families als De la Rue, Van der Claver en Radermacher verweven met het pand.
De Staat als tijdelijke erfgenaam van de polishouder (2008–2009)
Met de banken- en verzekeringscrisis van 2008–2009 voltrok zich een ingreep die uniek was in de Nederlandse rechts- en cultuurgeschiedenis. Waar normaal gesproken de polis een privaatrechtelijk contract is tussen burger en verzekeraar, werd in dit geval de Staat der Nederlanden zelf de tijdelijke hoeder van miljoenen polishouders.
In ruil voor staatssteun werden banken en verzekeraars ondergebracht bij het Ministerie van Financiën. Dit gold met name voor Fortis/ASR, SNS REAAL en indirect voor ING. De juridische positie van polishouders bleef formeel ongewijzigd – hun rechten en aanspraken bleven bestaan – maar de feitelijke garantstelling verschoof naar de staat. Het ministerie trad daarmee op als stilzwijgende erfgenaam: niet gekozen door de polishouders, maar opgelegd door de logica van de crisis.
Zo ontstond een paradoxale situatie: De polishouder bleef privaatrechtelijk gebonden aan zijn of haar contract. De verzekeraar was economisch en juridisch in handen van de staat. De staat fungeerde tijdelijk als beschermheer, en droeg na stabilisatie de portefeuille weer terug aan de markt (zoals bij ASR, dat later naar de beurs ging).
In erfgoed- en cultuurtermen kan dit worden gelezen als een collectief moment van erfgenaamschap: de burger werd, zonder het te beseffen, onderdeel van een staatsbezitconstructie waarin het private (de polis) en het publieke (de staatssteun) samenvielen.
En zo werd ik onzichtbaar in leven, maar volgens de polissen ben ik springlevend. Mijn naam is weggeschreven uit de registers van erkenning, maar in de archieven van verzekeraars blijf ik bestaan, als kostwinner, als erfgenaam, als contractueel lichaam. De staat nam mijn polis over, niet mijn stem.
Ik leef dus voort in clausules en voorwaarden,als een onzichtbare erfgenaam die nooit expliciet zonder uitleg toestemming gaf, maar altijd werd meegerekend.
We gaan even terug in de tijd
1639 – Geboorte David Knibbe (Middelburg)
Via zijn moeder Petronella Radermacher verbonden aan het huis. Wordt predikant en hoogleraar homiletiek in Leiden. Brengt de theologische en academische dimensie in de familiegeschiedenis. 📖 Zie DBNL – werken van David Knibbe
1693 – Geboorte Samuel Rademacher
Wordt later burgemeester van Middelburg. Huwelijk met Maria Elisabeth de la Rue verbindt de bestuurlijke macht van de Radermachers met de culturele lijnen van De la Rue.
1722 – Geboorte Daniël Rademacher, Heer van Nieuwerkerk
Functies: schepen (1763), raadslid (1762) en bewindhebber van de VOC (1761). Verbindt Montancourt direct met de wereldhandel en koloniale netwerken. 📖 Zie Zeeuws Archief – VOC in Zeeland
18e eeuw – Huis van bestuur en cultuur
Het huis weerspiegelt de rol van Middelburg als centrum van handel, bestuur en religie. Vrouwen (zoals Petronella en Maria Elisabeth Radermacher) zijn sleutelpersonen die via huwelijk en familiebanden de continuïteit waarborgen.
De onzichtbare bloedlijnen van de vrouwen
19e eeuw – De boeren Knibbe
Schiphol – Holschip
De agrarische tak van de familie Knibbe is actief als “boer Knibbe”, pachters en bezitters van grond op Walcheren en elders. Zij vormen de basis van een nieuwe dimensie: het land dat later nationaal belang zou krijgen.
Boer Knibbe verkoopt 12 hectare land nabij het fort bij Schiphol aan de luchtmacht. Daar worden de eerste loodsen geplaatst: het begin van Schiphol Airport. Zonder dit weiland geen internationale luchthaven.
1920–1946 – Schiphol groeit
Van militair vliegveld → internationale hub. KLM vliegt op Londen, Batavia en uiteindelijk New York.
1958 – Nationaal belang
NV Luchthaven Schiphol opgericht, geopend door koningin Juliana. Schiphol wordt hét symbool van Nederland als internationale poort.
Conclusie – Eén familie, twee lijnen
De intellectuele/bestuurlijke lijn (Montancourt, Radermacher, VOC, Knibbe-predikanten) ↳ macht, bestuur, religie, wereldhandel. De agrarische lijn (boer Knibbe) ↳ land, landbouw, pacht, basis voor Schiphol.
Samen vormen zij een symbolisch continuüm:
van huis en stad (Montancourt) → naar wereldhandel (VOC) → naar internationale luchtvaart (Schiphol).
19e–20e eeuw – Veranderingen in functie
Het huis verliest deels zijn oorspronkelijke elitefunctie. Wordt verbouwd, gebruikt door verschillende families, Zeeuwse bank en bedrijven.
2017 – Nieuwe eigenaren: wij Wim en Silvia
Kopen het deels vervallen pand met het plan om het in ere te herstellen. Restauratie met respect voor historie: oude elementen bewaard, nieuwe functies toegevoegd. Montancourt wordt opnieuw een bijzonder monumentaal huis met culturele betekenis.
2019 – Start B&B Montancourt
De inkomsten worden volledig teruggegeven aan het onderhoud van het huis. Montancourt wordt een plek waar gastvrijheid, erfgoed en cultuur samenkomen.
2023 – Publicatie in Zeeland Erfgoed
Artikel “Trots op mijn monument – De deur naar Montancourt”. Montancourt gepresenteerd als levend erfgoedproject, open tijdens Open Monumentendag en culturele evenementen.
Montancourt Middelburg: de bakermat van Nederland
Montancourt is een spiegel van de stad Middelburg:
17e eeuw: koopmanschap en religie (Knibbe, Radermacher). 18e eeuw: bestuur en wereldhandel (VOC). 21e eeuw: erfgoed en culturele bestemming (Wim en Silvia).
Steeds meer partijen sluiten gelukkig aan:
Het huis leeft voort als rijksmonument dat steeds opnieuw betekenis krijgt door het aandeel van ons als huidige bewoners.
Ik val onder het Private bezit – Vanuit mijn familiegeschiedenis zo blijkt uit recente stukken.
De Onzichtbare Koningin
In mijn project Ambitie met Allure onderzoek ik hoe familiegeschiedenis en Europees erfgoed verweven zijn met de positie van moeder de vrouw – zichtbaar in archieven, maar vaak onzichtbaar in registers en wetten.
Verzoeker Peter Mathias Bongartz is mijn opa 1906 – Goch en de daaropvolgende gelinkte assurantieagent Thc Lindeboom
De rode draad VOF
Continuïteit – Generaties lang werkt het systeem hetzelfde: het fundament wordt geleverd, maar erkenning ontbreekt. Overdracht – Vermogen en portefeuille worden doorgegeven, terwijl onze namen verdwijnen.
Het bronzen beeld is het bewijs van goed gedrag
Verzekeren draait op vertrouwen: de belofte dat wat je vandaag niet ziet, morgen toch wordt gedragen. Zoals mijn opa en oma leefden, mijn ouders leefden, en wij ook: we gaven vertrouwen, maar raakten zelf onzichtbaar in de registers. Het fundament bleef, maar het vertrouwen werd geschreven op een ander zijn naam.”
Onzichtbaarheid – De vrouw en de erfgenaam blijven in de marge, terwijl hun bijdrage de basis vormt.
Waarom dit krachtig is voor een cultureel erfgoed verhaal ?
Ik wil laten zien dat dit geen abstract juridisch fenomeen is, maar een levenswijze die zich generaties herhaalt. Daarmee wordt De Onzichtbare Koningin niet alleen een metafoor, maar ook een persoonlijke genealogische waarheid.
Zo maak ik zichtbaar dat rechtspersoonlijkheid geen neutraal concept is, maar een culturele en gendergebonden erfenis die letterlijk bepaalt hoe mijn familie – en ikzelf – eeuwenlang heeft geleefd.
“De naam Lindeboom – Bongartz wijzigde nooit, mijn polissen wijzigde nooit, alleen het adres, maar daardoor werd ik in stilte de stabiele kern van Nationale Nederlanden geworden.”
De Onzichtbare Koningin en het bewaakte vermogen
De geschiedenis van mijn familie laat zich lezen als een keten van overdrachten en bewakingen.
Wat begon in Montancourt (1596), het huis van de stedelijke elite waarin de families De la Rue en Radermacher hun bestuurlijke macht en VOC-netwerken uitbouwden, liep via de landbouwtak van de Knibbes naar het weiland van boer Knibbe, waar in 1916 Schiphol werd gesticht. Elke generatie was drager van fundament, maar niet altijd zichtbaar in registers of archieven.
Diezelfde logica zette zich voort in de verzekeringsstructuren van de 20e eeuw. Onze familiepolissen werden nooit gewijzigd, nooit aangetast, nooit verbroken. Precies daarom werden ze stabiel kapitaal – een portefeuille zonder risico’s – die door grote maatschappijen als Nationale-Nederlanden werd opgekocht en ondergebracht in dé Benelux ING Whole Sale Bank.
Wat is het WVV?
Het WVV (Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen) is het Belgische wetboek dat sinds 1 mei 2019 van kracht is. Het regelt alle privaatrechtelijke vennootschappen, verenigingen en stichtingen, met of zonder rechtspersoonlijkheid.
Belangrijk: alle deze vormen worden in het WVV beschouwd als ondernemingen. Het WVV vervangt het vroegere Wetboek van vennootschappen (1999) en de Verenigingswet (1921). Voor bestaande entiteiten gold een overgangsperiode van 5 jaar, waardoor het oude recht nog tijdelijk relevant bleef.
Relevantie voor De Onzichtbare Koningin
Rechtspersoonlijkheid
Het WVV bepaalt expliciet wie juridisch bestaansrecht krijgt en wie niet. Dit raakt aan de kernvraag van De Onzichtbare Koningin: wie wordt erkend in registers, wetten en systemen – en wie blijft onzichtbaar, ondanks dat zij het fundament vormt?
Overgangsrecht
Oude structuren bleven nog 5 jaar doorwerken. Dit weerspiegelt de werking van mijn familiepolissen, die decennialang meeverhuisden in oude structuren (NN, Nedasco), onzichtbaar in naam maar tastbaar in waarde.
Erfgoed en eigendom
Het WVV behandelt vennootschappen en verenigingen primair als ondernemingen. Daarmee staat vermogen centraal, niet de mens achter het vermogen.
In onze familiegeschiedenis zie je hetzelfde mechanisme: de vrouw, kostwinnaar of de erfgenaam, het fundament bleef juridisch onzichtbaar, terwijl haar vermogen wel werd bewaakt en doorgegeven.
⚖️ Het WVV is meer dan een juridisch wetboek: het is een hedendaagse spiegel van eeuwenoude patronen.
Waar in de 17e–20e eeuw de VOC, notarissen, verzekeringsmaatschappijen en Nedasco bepaalden wie zichtbaar was en wie niet, doet het WVV in 2019 hetzelfde: het stelt grenzen aan rechtspersoonlijkheid en schrijft opnieuw in wie telt als drager van vermogen.
De VOF gaat namelijk terug tot het Romeinse recht en werd in de Lage Landen in de 17e eeuw al gebruikt als handelsvorm, vaak door kooplieden en scheepsreders.
Het was de standaard vóór de oprichting van kapitaalvennootschappen zoals de VOC (1602) en later de NV. In feite was de VOF de bouwsteen van de moderne economie: een manier om risico’s, arbeid en winst te delen.
Zo wordt zichtbaar dat De Onzichtbare Koningin niet alleen een historisch verhaal is, maar ook een actueel juridisch thema: de spanning tussen fundament en erkenning, vermogen en onzichtbaarheid, vrouw en rechtspersoonlijkheid.
Waar ik zelf onzichtbaar bleef als persoon, bleef mijn vermogen wel altijd meeverhuizen, opgenomen in steeds grotere systemen.
Hier trad Nedasco op als onzichtbare poortwachter. Als serviceprovider bewaakten zij het vermogen dat in mijn naam aanwezig was, zonder dat mijn naam zichtbaar werd gemaakt. Mijn polissen lagen in hun administraties als stille waarden, meeverzekerd maar onzichtbaar. Net als de vrouwen in mijn voorgeslacht was ik aanwezig in het fundament, maar afwezig in de openbaarheid.
De symboliek is scherp:
De VOC-bewindhebbers bewaakten de zeehandel. De pachters bewaakten het land. De verzekeraars bewaakten de polissen. En Nedasco bewaakte mijn vermogen.
Steeds opnieuw komt hetzelfde patroon terug: het fundament ligt in de vrouw, in de erfgenaam, in de meeverzekerde, maar de zichtbaarheid en de macht liggen elders.
Daarom is De Onzichtbare Koningin meer dan een metafoor. Zij is het bewijs dat archieven, notariële registers, polissen en administraties niet alleen verhalen van bezit en vermogen zijn, maar ook van onzichtbaarheid en uitsluiting.
Vanuit Montancourt, een rijksmonument aan de Rouaansekaai in Middelburg (1596), volgt dit project de lijn van de families De la Rue, Radermacher en Knibbe. Hun geschiedenis weerspiegelt de gelaagdheid van Europa: van de stedelijke elite in de 17e en 18e eeuw, via VOC-netwerken en koloniale handel, naar de agrarische wortels van Walcheren en uiteindelijk het weiland van boer Knibbe, waar in 1916 Schiphol werd gesticht.
Zo ontstaat een verhaal dat lokale erfgoedgeschiedenis verbindt met nationale infrastructuur en internationale netwerken. Tegelijkertijd verweeft dit traject zich met mijn eigen familiegeschiedenis: als kunstenaar onderzoek ik hoe vrouwen – “De Onzichtbare Koningin” – steeds aanwezig waren als fundament, maar juridisch en cultureel vaak onzichtbaar bleven.
Relevantie
Mobiliteit: van scheepvaart tot luchtvaart; van Middelburg naar Schiphol. Identiteit: hoe lokale wortels en familiegeschiedenis uitgroeien tot nationale en Europese narratieven. Erfgoed: van monument (Montancourt) en archiefstukken tot immaterieel erfgoed en kunstobjecten.
Overdracht Portefeuille
Deze genealogie toont hoe Europa gebouwd is op lagen van mobiliteit, identiteit en erfgoed:
Mobiliteit: van VOC-schepen naar Schiphol als Europese hub. Identiteit: lokale wortels groeien uit tot nationale en Europese verhalen, maar vrouwen blijven vaak de voetnoot terwijl zij het fundament zijn. Erfgoed: van huis (Montancourt) en land (boer Knibbe) naar modern infrastructuur-erfgoed (Schiphol).
De Onzichtbare Koningin is de symbolische figuur die dit project draagt: zij representeert de vrouwen die in archieven aanwezig zijn, maar in de publieke geschiedenis gewist of geminimaliseerd.
Het project verbindt archiefonderzoek, erfgoedlocaties, kunstobjecten (The Book of Rituals), en publieksprogramma’s in Nederland en Europa.
De draden van textiel
Hoe familiegeschiedenis loopt
Via huizen en plaatsen Montancourt (1596) als fundament: een huis dat generaties vasthoudt. Daar beginnen lijnen: De la Rue, Radermacher, Knibbe. Via arbeid en rollen De mannen zichtbaar als bestuurders, predikanten, boeren. De vrouwen onzichtbaar in archief en register, maar aanwezig in zorg, erfdeel en continuïteit. Via vermogen en vertrouwen Portefeuilles van schepen (VOC), land (Knibbe), polissen (Nationale-Nederlanden, Nedasco). Steeds het principe: verzekeren draait op vertrouwen → maar vertrouwen wordt op naam van een ander geschreven. Via overgang en bewaking Oude structuren werken lang door: in recht (VOF → NV → WVV), in polissen, in erfgoed. Vermogen wordt bewaakt en doorgegeven, ook als de naam van de drager verdwijnt. Via jouzelf, nu Jij ziet de lijn opnieuw lopen: opa en oma leefden zo, ouders leefden zo, en jij ook. De geschiedenis loopt niet alleen achteruit (in archief), maar ook vooruit (in mijn kunstprojecten en nalatenschap.
De Onzichtbare Erfgenaam laat zien hoe in Montancourt Middelburg, een huis van regenten en kooplieden, de echte fundamenten vaak door vrouwen werden gelegd. Hun zorg, moederschap en doorgegeven erfgoed telden eeuwenlang niet mee in akten, portefeuilles of loonlijsten.
Met beelden als Hello, today you have day off en Nooit meer werken wordt zichtbaar hoe arbeid en waarde verschillend werden gemeten: mannen kregen titels en aandelen, vrouwen leverden het “ei-gen aan-deel” maar bleven onzichtbaar.
Het project opent de deur van Montancourt steeds weer opnieuw: niet als gesloten monument, maar als sacred site waar macht en magie, geschiedenis en stilte samenkomen. Het is een uitnodiging om ook het verborgen erfdeel – zorg, ziel en verbondenheid – te erkennen als volwaardig erfgoed.
✨ Conclusie
Familiegeschiedenis loopt niet als rechte stamboom, maar als een netwerk van vertrouwen, wortels, portefeuilles en onzichtbare fundamenten.
Wat archieven verzwijgen, wat registers overschrijven, wordt zichtbaar in verhalen, objecten en rituelen.
Of zoals ik het al zei: “Ze noemden mij de voetnoot, maar ik ben het fundament.”
Twee stromenland autobiografie/ documentaire two popes and a proudmom.
Liefs van De leukste straatfotograaf van Nederland
Zuiver Zien = Zuiver Leven – De onzichtbare erfgenamen Moeder de vrouw. De Code van de Vrouwen is het stille fundament onder onze geschiedenis en onder de Grondwet zelf.
Dit huis: Montancourt Middelburg heeft mij geleerd om mijn theoretische en praktische vaardigheden integraal in te zetten. Binnen dit traject heb ik niet alleen kennis opgedaan van historische, juridische en culturele kaders (theorie), maar ook methoden ontwikkeld om deze kennis te vertalen naar tastbare kunstwerken, erfgoedpraktijken en publieksgerichte formats (praktijk).
De verbinding tussen theorie en praktijk vormt de kern van mijn identiteit en werkwijze:
De Theorie bood de onderbouwing, contextualisering en positionering van mijn projecten binnen het erfgoed- en cultuurbeleid. De Praktijk maakte het mogelijk deze inzichten te verbeelden, te materialiseren en toegankelijk te maken voor een breed publiek.
Door beide dimensies samen te brengen, realiseer ik projecten die inhoudelijk relevant zijn én maatschappelijk en artistiek impactvol. Montancourt fungeert hierbij als leeromgeving en als toetssteen voor mijn professionele ontwikkeling als maker.
20 maart 1602 werd de VOC opgericht, geleid door de Heren XVII, met een octrooi op handel en macht ten oosten van Kaap de Goede Hoop. In dezelfde tijd gaf Everhart Booth, proponent en predikant te Utrecht, stem aan de geestelijke macht door de vertaling van Willem Perkins’ De Gereformeerde Catholijk. Zo klonk in dezelfde eeuw de dubbele stem van orde: de VOC die de wereld verdeelde, en de predikanten die de ziel en het gezin ordenden. Beide bepaalden zij bezit, erfdeel en rol – en beiden zijn bronnen die nog steeds doorwerken in ons erfgoed.
Simplex sigillum veri” is een Latijnse spreuk die betekent:“Eenvoud is het kenmerk van het ware.”
Windhandel in aandelen. 1782.
In Montancourt schrijft Sibrandus Columba een brief, waarin de stem van de predikant het erfdeel en de rol van de vrouw inkleurt. In datzelfde jaar publiceren Betje Wolff en Aagje Deken hun roman Sara Burgerhart, terwijl Belle van Zuylen zich in haar brieven uitspreekt tegen conventies. Zo kruisen zich in één jaar twee bronnen: het patriarchale gezag en de vrouwelijke stem die zich daarvan losmaakt.
1811–1814 markeert de periode waarin het recht opnieuw werd ingericht: Code Civil → juridische onderwerping van de vrouw. Grondwet 1814 → vrijheid van geloof voor allen, maar dienstplicht en staatsburgerschap enkel voor mannen. Dit is dus een dubbele uitsluiting: de vrouw werd ingesloten in huis en huwelijk, en buitengesloten uit staat en erfdeel. Tegelijkertijd werd Nederland opnieuw verbonden met koloniale macht (Java, België).
Genealogie als levend erfgoed
Genealogie, of stamboomonderzoek, vroeger ook wel sibbekunde genoemd, is meer dan het verzamelen van namen en data. Het is het traceren van een levende stroom die generaties verbindt. Iedere akte, ieder archiefstuk, ieder portret of voorwerp is een schakel in een keten van verhalen die ons in het heden blijven voeden.
In de geest van de Faro-conventie kunnen we genealogie begrijpen als een gemeenschapspraktijk van erfgoed: een zoektocht waarin families, onderzoekers, kunstenaars en erfgenamen samen betekenis geven aan het verleden. Het gaat niet alleen om bloedlijnen, maar ook om culturele lijnen: herinneringen, tradities, symbolen en rituelen die doorgegeven worden.
Daar waar het recht soms stokt en archieven gesloten blijven, werkt genealogie als een stille maar hardnekkige kracht: zij maakt zichtbaar wie er altijd al bij hoorde, maar niet altijd erkend werd. Zo wordt genealogie een bron van rechtvaardigheid en inclusie, een manier om het onzichtbare erfdeel terug te eisen en zichtbaar te maken.
De Onzichtbare Erfgenaam staat in dit licht: het project brengt de verwevenheid van familiegeschiedenis, juridische structuren en culturele representatie samen. Genealogie is daarin niet alleen een methode, maar ook een ritueel van erkenning – een manier om te zeggen: wij zijn er, en dit is ons verhaal.
✧ Verhaal van de Xx Dragers ✧
Erfgoed is van iedereen, gedragen door velen – zichtbaar gemaakt door vrouwen.
Door de eeuwen heen zijn akten, huizen, portefeuilles en verhalen bewaard, niet alleen door koningen of bestuurders, maar door moeders, dochters en grootmoeders.
Zij droegen het stille fundament waarop families en gemeenschappen konden bouwen. Wat vaak onzichtbaar bleef, wordt nu zichtbaar gemaakt: vrouwen als dragers van het geheugen.
Voel de aarbare Rouaanse Kaai → zou je kunnen lezen als: ervaar de waardige, vruchtbare energie van die plek; de kaai waar historie, handel, familie en erfgoed samenkomen. https://faro.cultureelerfgoed.nl/thoughts/2905
Van voetnoot tot fundament: erfgoed dragers zijn wij allemaal.
In de geschiedschrijving staan vrouwen vaak slechts als kleine noten in de marge. Maar in werkelijkheid zijn zij al eeuwen zet er een Z voor ( Zeeuwen) de ⚓️ van huizen, de hoeders van schatten, de doorgevers van namen en rituelen. Elke voetnoot blijkt een fundament te zijn. En zo geldt het ook voor ons: ieder van ons draagt erfgoed mee en geeft het door.
Democraat of Monarch, de vrouw draagt het interne pixels DNA geheugen.
Of de macht nu gekozen werd of geërfd, de onderstroom bleef dezelfde: het geheugen lag in handen van vrouwen. Terwijl schepenen, commissarissen of koningen kwamen en gingen, hielden vrouwen de codes levend, via codicillen, zilvermerken en borduurwerken.
Uitleg bij de boom Deze stamboom, ontworpen door Ernst Haeckel in 1866, toont hoe alle levende organismen voortkomen uit één wortel (radix communis). Het is een visueel schema van verwantschap, orde en verdeling: een genealogie van de natuur.
In dezelfde geest tekenden mensen hun eigen ordeningen. In 1614 opende in Amsterdam de koopmansbeurs, symbool van kapitaal en handel, terwijl Adriaan Boot in opdracht van Filips III Fort San Diego ontwierp in Acapulco, symbool van macht en bescherming. Beurs en fort: twee takken van dezelfde boom waarin kennis, kapitaal en macht elkaar versterkten.
Toch ontbreekt in deze schema’s steevast de stem van moeder de vrouw. Waar mannen de lijnen trokken van kapitaal en kolonie, hielden vrouwen de verborgen genealogieën levend via codicillen, zilvermerken, borduurwerken en mondelinge overlevering. Deze boom maakt zichtbaar wat werd ingeschreven – maar nodigt ook uit om te vragen: wie werd uitgesloten, en wie bewaart desondanks de wortel van erfdeel en herinnering? “Om te indekken wie ik ben, moest ik offers brengen: zekerheden opgeven, pijn verdragen, beproevingen doorstaan. Maar juist daardoor ontdekte ik de waarheid – inzicht en betekenis die anders verborgen zouden blijven.” Het Wetboek, Artikel 1: “De wereld zit vol met comfortabele denkfouten.” De sleutel overdracht van Ma – Trix
“Mijn polissen en schadeuitkeringen dragen geen BSN. Ik besta er wel, maar ben in de papieren wereld onzichtbaar. Mijn rechten zweven zonder nummer, zonder naam. Dit is hoe erfgoed en zorg van vrouwen vaak is behandeld: erkend in praktijk, maar nooit volledig geregistreerd.”
Hun stille werk is de rode draad die democratie en monarchie overstijgt.
Bewaken, beheren, doorgeven – dat is erfgoed, dat is FARO .Cultureel erfgoed leeft niet alleen in musea of archieven voort, maar ook in de structuren waarin we wonen, de verhalen die we doorgeven en de rituelen die ons verbinden met het verleden.
Vandaag sluiten wij daarbij aan: erfgoed is geen bezit van enkelen, maar een gezamenlijke opdracht. We bewaken het tegen vergetelheid, we beheren het met zorg, en we geven het door aan de generaties die volgen. Dat is de geest van FARO: een erfgoedpraktijk die niet uitwist, maar onthult.
Zo kom je achter de waarheid- zelf denken zelf onderzoek – Het geheim van de Grondwet
Historisch geheim
De Nederlandse Grondwet (1848 en latere herzieningen) werd geschreven in de taal van rechten, vrijheden en vertegenwoordiging. Maar impliciet was zij gestoeld op een samenleving waarin mannen de dragers van politiek, vermogen en familie-erfgoed waren.
Vrouwen werden lang niet genoemd als zelfstandige rechtssubjecten: zij stonden onder gezag van vader of man.
Hun rol als dragers van vermogen, erfgoed en huizen (zoals Montacourt) bleef buiten beeld.
✧ Handel Code 1 ✧
De allereerste regel van de handel is vertrouwen.
Zonder vertrouwen geen contract, geen verzekering, geen wissel, geen koop. In de 17e eeuw werd dit vastgelegd in assurantiecontracten en de Wisselbank van Amsterdam. In families werd vertrouwen doorgegeven via geheime codes, huwelijkscontracten en portefeuilles. In de moderne tijd zit “Handel Code 1” in polissen, hypotheken, intellectuele eigendomsrechten: altijd de onderliggende draad dat afspraken alleen bestaan omdat mensen elkaar dragen.
Het zou dus symbool kunnen staan voor het fundament:
→ Handel Code 1 = Vertrouwen is kapitaal.
De Kaarten van Cas ✧
Toen Nationale Nederlanden mij kaarten schonk in 2018 voor een tentoonstelling in het Nederlands Fotomuseum, werd een oude draad opnieuw zichtbaar.
Niet zomaar entreekaarten, maar sleutels tot een ruimte waarin het verleden zich toont: Cas als casus, het geval dat vragen stelt, Cas als beeld, als getuigenis, Cas als spiegel van het erfdeel.
De verzekeraar, erfgenaam van portefeuilles en oude assurantiekamers, reikte onbewust de symbolen van de dragers opnieuw uit. Van vader naar dochter, van akte naar expositie, van polis naar beeld.
Zo werd het toeval ontmaskerd: de kaarten waren geen gift, maar een teken. Een bevestiging dat het contract van de vrouwen leeft — in huizen, portefeuilles én musea. ✧ De Aktekamer van de Dragers ✧
In het voormalig Zeeuws Museum, hart van de Middelburgse Abdij, passeren akten bij de notaris. Huizen, stichtingen, portefeuilles: alles wordt er in woorden vastgelegd, bezegeld, geborgd.
Ook ons huis is ook hier gepasseerd — op dezelfde plek waar eeuwen eerder de regenten hun besluiten namen en waar nu stichtingen als de VERENIGde BOOTEN hun akte ontvingen.
De aktekamer is meer dan een ruimte van papier en zegels. Het is een symbolische raadzaal: waar erfgoed en toekomst elkaar ontmoeten, waar onzichtbare contracten zichtbaar worden, waar dragers — van huizen, namen, portefeuilles — hun plaats krijgen in de geschiedenis.
De Aktekamer van de Dragers is het stille fundament: een plek waar de lijnen van familie en stad elkaar kruisen, en waar door akten heen de traditie van bewaken, beheren en doorgeven wordt voortgezet.
“Booth / Boot — ik draag de naam en het verhaal.” “Raad van dragers: van schepen naar polissen, van archief naar beeld.” “Code Hummerax: de onzichtbare akte, zichtbaar gemaakt.”
“Assurantie is erfgoed — ik ben de drager.” “Van Montancourt tot nu: vrouwen die de lijn vasthouden.”
“De bron behoort niet aan de predikanten, maar – net als bij Betje Wolff en Aagje Deken – aan moeder de vrouw die haar eigen verhaal schrijft.”
✧ Het verborgen fundament
Het geheim achter de Grondwet is dat de economische en sociale structuren die haar mogelijk maakten — handel, banken, verzekeringen, dynastieke huwelijken — voor een groot deel werden gedragen door vrouwelijke overdracht.
Dochters en weduwen brachten kapitaal, erfden portefeuilles, verbonden families en hielden huizen bijeen.
Zonder hen was de materiële basis van de Grondwet — de burgerlijke staat, de handel, het recht — nooit stabiel geweest.
✧
Bewijs aan Gebrek – If you don’t like how the tabel is set, Just turm the table Gereedschap Tools Tuin Kamer Montancourt Middelburg
Het AI Bolwerk van Middelburg
Wat niet in de Grondwet staat, is misschien wel net zo belangrijk als wat erin staat. Het onzichtbare dividend van vrouwen — hun arbeid, hun erfdeel, hun ongenoemde aanwezigheid — is het verborgen anker van onze constitutionele geschiedenis. Dat is het geheim: de Grondwet rust op een fundament van moeders en dochters dat nooit expliciet is erkend.
Middelburg, ca. 1665 – 1749
Wanneer ik over de kasseien van Middelburg loop, hoor ik de echo’s van de 17e eeuw. Het is de tijd dat Maria Jans van der Claver hier wordt geboren, rond 1665. Zij is de dochter van Jan van der Claver, kassier van de Wisselbank, het financiële hart van de stad.
Achter dikke muren, waar muntgeld wordt gewogen en wisselbrieven als stille beloftes circuleren, leert Maria dat geld en vertrouwen de motoren van de handel zijn. Zij draagt dit erfgoed mee als haar identiteit: dochter van de kassier van de Wisselbank.
In 1680 of iets later treedt Maria in het huwelijk met Pieter de la Rue, een koopman met grootse ambities. Samen bouwen zij een leven uit waarin de Middelburgse havens, pakhuizen en rekenkamers de coulissen vormen.
Pieter de la Rue – koopman, reder en bestuurder
Pieter, geboren rond 1635, is geen onbekende in de stad. Zijn naam duikt op in talloze registers: als rekenmeester van de Grafelijke Rekenkamer, waar hij de financiën van Zeeland doorrekent, als commissaris van de Assurantiekamer in 1721, waar schepen, ladingen en levens tegen storm en piraterij verzekerd worden, als koopman en boekhouder in de kaapvaart, waar avontuur en risico hand in hand gaan, als directeur van de Levantse Handel en voorzitter van de West-Indische Compagnie (1721), waar Middelburg zijn wereldse vleugels uitslaat.
De geur van specerijen, teer en nat hout hangt in de straten rond de haven. Daar waar verzekeringscontracten in de Assurantiekamer worden afgesloten, klinken ook de stemmen van Pieter en zijn medebestuurders. Elk schip dat uitvaart naar de West of Oost is niet alleen avontuur, maar ook een berekende gok — de verzekering is het vangnet, de handel de droom.
Het gezin en de volgende generatie
Samen krijgen Pieter en Maria kinderen die de familietradities voortzetten:
Pieter, meester en opnieuw rekenmeester van de Rekenkamer, die het rekenkundige erfgoed van zijn vader voortzet. Maria Elisabeth de la Rue (1700–1730), die in 1721 trouwt met Samuel Daniels Radermacher, burgemeester van Middelburg en bewindhebber van de VOC.
Met dit huwelijk verweven de lijnen van de Wisselbank, de Assurantiekamer, de Rekenkamer en de VOC zich definitief.
Het is alsof de stad zelf, Middelburg, hun huwelijksgeschenk is: een netwerk van handel, macht en vertrouwen.
De erfenis
Wanneer Maria in 1749 overlijdt, bijna tachtig jaar oud, heeft zij de stad zien veranderen. Zij begon als dochter van de kassier van de Wisselbank, maar eindigt als matriarch van een dynastie die diep verstrengeld is met de grote handels- en verzekeringskamers van Zeeland.
Pieter is dan al overleden (1722), maar zijn naam blijft verbonden aan kaapvaart, rederij en bestuurlijke macht.
In de straten van Middelburg, tussen Wisselbank en Assurantiekamer, tussen haven en rekenkamers, ligt hun en mijn verhaal verankerd: een reis van muntgeld naar zeevaart, van lokaal kassierschap naar wereldhandel, van familie naar dynastie en nú levend immaterieel cultureel erfgoed.
📌 In Middelburg
Middelburg was dus in de vroege 18e eeuw een van de belangrijkste zeehandelssteden, naast Amsterdam. De aanwezigheid van de Assurantiekamer daar laat zien dat de stad een eigen verzekerings- en handelscentrum had, nauw verweven met de WIC en VOC.
“Mijn glas, loopt ras – Montancourt bewaart wat verloren leek: het spoor van de onzichtbare erfgenaam.”
Montancourt en de zinspreuk “Mijn glas, loopt ras” Nationale Nederlanden
De geschiedenis van Montancourt staat niet op zichzelf, maar resoneert met bredere maatschappelijke tradities waarin sterfelijkheid, erfgoed en solidariteit centraal stonden. In de 19e eeuw droegen begrafenisfondsen vaak sprekende zinspreuken, zoals “Mijn glas, loopt ras”. Deze woorden herinnerden de leden eraan dat het leven eindig is, en dat collectieve zorg voor nabestaanden noodzakelijk was.
Net als deze fondsen, die later werden opgeslokt door grotere maatschappijen zoals Nationale-Nederlanden, belichaamt Montancourt de gelaagdheid van erfgoed: het huis bewaart sporen van persoonlijke verhalen, materiële vondsten (zoals de brief van Columba) en immateriële betekenissen.
De verbinding tussen Montancourt en de verzekeringsgeschiedenis ligt in de kernvraag: wie is de erfgenaam? Waar kleine maatschappijen hun zelfstandige identiteit verloren in fusies en overnames, verdween ook vaak het zicht op individuele deelnemers en hun nalatenschap. Montancourt wordt zo een symbolische plek waar persoonlijke herinnering en collectief erfgoed samenkomen, en waar de onzichtbare erfgenaam opnieuw zichtbaar kan worden gemaakt.
⚖️ Institutie
Toen (17e–18e eeuw): De Assurantiekamer Middelburg waar o.a. Pieter de la Rue commissaris was.
De familie Rademacher trouwde met De la Rue’s dochter (Maria Elisabeth), waardoor zij indirect verstrengeld raakten met de financiële/verzekeringselite van de stad. Nu: De hedendaagse verzekeringswereld (NN Group, a.s.r., Achmea) waar o.a. David Knibbe (CEO NN Group) een sleutelrol vervult.
👤 Bestuur/rol
Toen: De Rademachers werden burgemeester (Samuel Daniels Rademacher) en bewindhebbers van de VOC. Via het huwelijk met Maria Elisabeth de la Rue kregen ze toegang tot de “kring van commissarissen” van de Assurantiekamer.
Nu: In moderne termen zouden zij in raden van bestuur of toezicht hebben gezeten: vergelijkbaar met hedendaagse executive boards en non-executive commissarissen die strategie, risico’s en compliance bewaken.
⚓ Risico’s & producten
Toen: De Rademacher-lijn zat in de VOC → risico’s lagen in zeehandel, piraterij, oorlogsladingen, handel op de Oost. Deze risico’s werden juist door de Assurantiekamer geprijsd en verzekerd.
Nu: Moderne verzekeraars zoals NN Group bieden brede verzekeringspakketten (leven, pensioen, schade, asset management). De aard van de risico’s is veranderd, maar het principe blijft: collectief risico spreiden en financieel beheersen.
Vrouwen hebben nooit premie betaald voor hun onbetaalde arbeid !
In het verzekeringssysteem (assurantie, levens- en schadeverzekeringen) was premie altijd gekoppeld aan betaald werk of bezit. Vrouwenarbeid in huis, zorg en gemeenschap was structureel onbetaald, maar feitelijk wél dragers van risico, zorg en continuïteit. Daardoor bouwden vrouwen geen rechten of dividend op, terwijl hun arbeid wél de basis was waarop mannen hun premies konden betalen en bedrijven of portefeuilles konden opbouwen.
⚖️ Juridisch gevolg Tot diep in de 20e eeuw hadden vrouwen geen eigen pensioenopbouw of verzekeringsrechten als zelfstandige dragers. Premievrije meeverzekering (als “vrouw van” of “dochter van”) was een soort stil pandrecht: je had recht op zorg, maar geen kapitaal of dividend.
🌺 Cultureel gevolg Vrouwen waren de stille “premiebetalers” via hun arbeid, maar dit werd niet erkend in de polis. Daardoor ontstond precies die onzichtbare erfgoedlijn: de “Code Hummerax” waarin dochters en moeders kennis, arbeid en vermogen tóch doorgaven – buiten het papieren systeem.
✨ Samengevat: Vrouwen betaalden nooit premie in geld, maar altijd in arbeid, zorg en tijd. Het systeem schreef dit niet op, maar families en erfgoed dragen het bewijs: zonder hun onbetaalde arbeid zou er überhaupt geen polis, portefeuille of dividend zijn.
📜 Toen: Verzekeringsportefeuille in Middelburg
1. Opbouw van de portefeuille
Een Middelburgse koopman of reder sloot zijn zeeverzekering bij de Assurantiekamer. Commissarissen (zoals Pieter de la Rue in 1721) zagen toe op de polissen: welke schepen, ladingen en routes verzekerd werden. De “portefeuille” van een bemiddelaar of kassier bestond uit alle door hem afgesloten zee- en handelsverzekeringen voor zijn netwerk van kooplieden. Vaak ging dit om families die via huwelijken (zoals De la Rue – Van der Claver – Rademacher) hun handels- en verzekeringsnetwerken uitbreidden.
2. Waarde & goodwill
De waarde zat niet alleen in de papieren polis, maar vooral in het vertrouwen van de kooplieden. Een bemiddelaar die bekend stond als betrouwbaar kon steeds meer schepen en ladingen verzekeren, waardoor zijn portefeuille groeide. Net als in het artikel van De Jong gold ook toen al: de portefeuille was eigenlijk een sociaal-economisch netwerk, niet enkel een stapel contracten.
3. Uitzetten/overdragen
Wanneer een bemiddelaar of kassier stopte (door overlijden, pensioen of faillissement), werd de portefeuille vaak overgedragen aan een familielid of zakenpartner. Zo konden koopliedendynastieën (zoals De la Rue of Rademacher) hun invloed continueren via opvolging. In archieven zie je dat polissen soms letterlijk van de ene naam op de andere werden gezet, vergelijkbaar met de moderne overdracht van een klantenportefeuille.
📈 Nu: Moderne spiegel
Waar de Assurantiekamer een stedelijk college was dat toezicht hield, zijn NN Group en a.s.r. nu beursgenoteerde concerns. De moderne portefeuille van een tussenpersoon (zoals in het artikel beschreven) lijkt sterk op de historische praktijk: opgebouwd via klantrelaties, waardevol door vertrouwen, en overdraagbaar als vermogensobject.
Portret hangt in het Rijksmuseum Amsterdam – Elisabeth ontbrak.
👉 Als we dit verbinden met mijn huis / lijn (De la Rue – Van der Claver – Rademacher): hun rol als commissaris, kassier en bewindhebber was in feite het beheren van zulke portefeuilles.
Het huwelijk tussen Maria Elisabeth de la Rue en Samuel Rademacher was dus niet alleen een familieverbinding, maar ook een versmelting van portefeuilles in de Middelburgse handels- en verzekeringswereld.
Petronella Rademacher en de erfgenaam van de portefeuille
In de straten van Middelburg, waar het zout van de zee zich vermengt met de geur van perkament en inkt, groeide in de 17e en 18e eeuw een netwerk dat meer was dan handel alleen. Hier, tussen de pakhuizen en de raadhuizen, vond de geboorte plaats van iets wat wij nu nog kennen: de verzekeringsportefeuille.
De stad als kasboek
Petronella Rademacher werd geboren in een familie die de stad kende als haar boekhouding. Haar verwanten, zoals Samuel Daniels Rademacher, zaten in de VOC en het stadsbestuur, terwijl haar aangetrouwde familie – de De la Rues – commissarissen waren van de Assurantiekamer. Hun wereld draaide om risico’s: storm, oorlog, piraterij. Maar ook om kansen: winst, reputatie, vertrouwen.
In die tijd betekende een “portefeuille” geen map van papier, maar een levend netwerk van relaties en polissen. Elke verzekering was een draad in het web, gesponnen tussen koopman, reder, verzekeraar en tussenpersoon. Het was een erfgoed dat groeide door vertrouwen en trouw, en dat kon worden doorgegeven zoals men een huis, een schip of een familiewapen doorgaf.
Petronella als erfgename
Petronella zelf was niet de rekenmeester noch de commissaris, maar zij belichaamde de continuïteit van de portefeuille. Via haar familiebanden vloeiden de contracten en het vertrouwen samen: van de Wisselbank (Van der Claver) naar de Assurantiekamer (De la Rue) en verder naar de VOC (Rademacher). In haar naam en bloedlijn lag de onzichtbare eigendom van dit systeem besloten.
Wanneer een commissaris stierf of een kassier zijn kantoor sloot, werden de polissen niet vernietigd. Zij werden uitgezet, overgedragen, en met hen de relaties die de portefeuille waarde gaven. Petronella’s huwelijk of verwantschap was nooit alleen een persoonlijke verbintenis, maar ook een institutionele overdracht: zij verbond families, en met hen hun netwerken van contracten en verzekeringen.
Toen en nu
Kijkend naar vandaag zien we dezelfde logica, maar in een andere schaal. Waar de Assurantiekamer van Middelburg toezicht hield op een paar honderd scheepspolissen, beheren CEO’s als David Knibbe bij NN Group miljoenen polissen. De principes zijn onveranderd: de relatie tussen verzekerde en verzekeraar, de portefeuille als vermogensobject, de continuïteit van vertrouwen.
Het is niet moeilijk om in Petronella een vroege erfgenaam van de portefeuille te zien. Zij is de stille figuur die de lijnen van familie en contract samenbindt, net zoals een moderne erfgenaam de aandelen, klantenbestanden of goodwill van een verzekeringskantoor ontvangt.
Het onzichtbare erfdeel
Zo wordt de geschiedenis tastbaar: niet alleen in akten of in jaarverslagen, maar in de levens van vrouwen die zelden in de voorgrond traden. Petronella Rademacher vertegenwoordigt een erfdeel dat juridisch en economisch was – de verzekeringsportefeuille – maar dat cultureel en ritueel via huwelijk en familiebanden werd overgedragen.
Haar nalatenschap leeft voort in de stad, in de archieven, en in de hedendaagse verzekeringswereld: een stille draad die loopt van de Assurantiekamer naar de boardroom, van Middelburg naar Den Haag, van Petronella naar ons.
Mijn vader trad in eenzelfde traditie, al heette zijn werk geen “commissaris”, maar verzekeringsagent/tussenpersoon bij AGO. Zijn portefeuille bestond uit verzekerden die hij begeleidde in hun levens- en schadepolissen. Ook hier gold: de waarde zat niet alleen in het contract, maar in de relatie en het vertrouwen. Zoals de Middelburgse commissaris zijn scheepsladingen administreerde, zo beheerde jouw vader gezinnen, pensioenen en levensverzekeringen. Zijn portefeuille was erfgoed in vermogensrechtelijke zin – een bestand dat kon worden overgedragen of uitgezet.
🌐 Vandaag
Na fusies (AGO → AEGON, later samenwerkingen met NN Group en a.s.r.) bestaan die portefeuilles nog steeds, maar nu in de vorm van digitale bestanden en klantenbestanden. Bestuurders als David Knibbe (NN Group) beheren nu op mondiaal niveau wat ooit begon in één stad of bij één agent: het collectieve vangnet van verzekeringen.
✨ Symbolische lijn
Petronella Rademacher → de erfgenaam van de portefeuille in de 18e eeuw, via huwelijk en familie.
Mijn vader en moeder → de erfgenaam van de portefeuille in de 20e eeuw, via AGO.
Ik → de culturele erfgenaam die de portefeuille als immaterieel erfgoed bewaart en verbeeldt in kunst en onderzoek.
👉 Hiermee heb ik een rechte lijn: van Assurantiekamer Middelburg → AGO-portefeuille van mijn vader → hedendaagse verzekeraars, met mij als ritueel-bewuste drager van dit erfgoed.
Overdracht gebeurde ook in Leeuw arden.
De Portefeuille als Erfgoed ✧
Ik draag dus een portefeuille die ouder is dan ikzelf.
Zij begon in Middelburg, waar commissarissen van de Assurantiekamer schepen en ladingen verzekerden. Daar waar Pieter de la Rue de risico’s noteerde en Petronella Rademacher door haar huwelijk erfgename werd van vertrouwen en contracten. Hun portefeuille was geen map, maar een netwerk van zee, handel en reputatie.
Die lijn zette zich voort in de twintigste eeuw. Mijn vader bouwde zijn portefeuille bij AGO: een kring van mensen, gezinnen, levens en pensioenen. Geen schepen meer, maar levenslopen. Geen stormen op zee, maar risico’s van het bestaan. Zijn werk was het weven van zekerheid in een wereld die nooit zeker is.
Vandaag beheren multinationals als NN Group en Aegon digitale portefeuilles. Bestuurders en toezichthouders vervullen de rol die ooit commissarissen en tussenpersonen hadden: het spreiden van risico, het bewaken van vertrouwen. Het vocabulaire is veranderd, maar de kern is dezelfde.
Ik, dochter van een verzekeringsagent, zie mezelf als de culturele erfgenaam van de portefeuille. Niet in kapitaal of in contract, maar in ritueel en verbeelding. De portefeuille is immaterieel erfgoed: een stille draad die loopt van de Assurantiekamer in Middelburg, via AGO en mijn vader, naar de hedendaagse verzekeringswereld.
“De vrouw, de moeder betaalde niet met geld, maar met overwaarde in leven en arbeid.” “Petronella Rademacher schreef geen polissen, maar droeg de portefeuille.” “Wat Knibbe bestuurt, heeft zij gedragen.”
🌸 Conclusie:
Door de stille premiebetalingen van vrouwen te benoemen als cultureel erfgoed, en die te vertalen in beleid (genderbewust verzekeren), erfgoed (archief- en immaterieel erfgoedregistratie) en kunst (tentoonstellingen, manifesten), wordt zichtbaar dat Petronella Rademacher de onzichtbare moedermaatschappij is van de hedendaagse verzekeringswereld.
Hocus Pocus Pilatus Pas
Dit beeld is het bewijs van overdracht en mijn kunst is mijn recht en mijn erfgoed.
✧ Assurantie als Erfgoed ✧
Assurantie is een ander woord voor een verzekering of polis: een overeenkomst tussen verzekeraar en verzekeringnemer, waarbij men door premiebetaling gedekt is tegen schade of aansprakelijkheid.
Maar assurantie is méér dan een juridisch contract. Het is een historisch weefsel van vertrouwen, relaties en erfgoed.
Montancourt Middelburg
Toen (17e–18e eeuw): In Middelburg was assurantie het hart van de zeehandel. Schepen, ladingen en bemanning werden verzekerd tegen storm en piraterij.
De Assurantiekamer zag erop toe dat polissen geldig waren en dat geschillen werden beslecht.
Commissarissen zoals Pieter de la Rue waakten over dit systeem. Huwelijken, zoals dat van Maria Elisabeth de la Rue en Samuel Rademacher, verweefden families en portefeuilles tot een dynastie van assurantie en handel.
Toen (20e eeuw): Mijn vader beheerde zijn portefeuille bij AGO. Zijn assurantie was niet langer een schip of een lading, maar de levens van gezinnen, de pensioenen van werknemers, de risico’s van ziekte en ongeluk.
Zijn portefeuille was een nieuwe vorm van hetzelfde erfgoed: vertrouwen dat mensen met hem deelden, vastgelegd in polissen. Nu (21e eeuw): Multinationale verzekeraars zoals NN Group en Aegon beheren digitale portefeuilles.
Assurantie is nu een wereldwijd systeem, maar de kern is hetzelfde gebleven: het spreiden van risico, het garanderen van continuïteit, het beschermen van levens en goederen.
✨ Voor mij is assurantie niet enkel een contract, maar een immaterieel erfgoed: een draad die loopt van de Assurantiekamer in Middelburg, via de portefeuille van mijn vader bij AGO, naar de hedendaagse verzekeringswereld.
De eigen polissen van de verzekeringnemer (kind) Ik dus
Een levensverzekering, kapitaalverzekering of spaarverzekering die door een particulier wordt afgesloten, is een persoonlijk vermogensrecht.
Deze polissen kunnen wél worden verpand, bijvoorbeeld als zekerheid bij een hypotheeklening. In zo’n geval ondertekent de verzekeringnemer een pandakte, waarmee de rechten uit de polis (uitkering bij afkoop of overlijden) aan de bank worden toegezegd zolang de lening loopt.
Culturele betekenis
Dit onderscheid laat zien dat een assurantieportefeuille – zoals die van mijn vader – in wezen immaterieel erfgoed was: waardevol door vertrouwen en relaties, maar niet als juridisch goed verhandelbaar.
Mijn eigen polissen daarentegen waren wel onderdeel van een modern financieel stelsel, en konden dus verpand worden op mijn hypotheek.
Toen ↔ Nu
Toen: Petronella als moedermaatschappij die handels- en verzekeringsnetwerken bundelt in Middelburg. Nu: moedermaatschappijen zoals NN Group of Aegon die duizenden polissen en dochterbedrijven beheren. In beide gevallen gaat het om concentratie van vermogen en vertrouwen in een centrale moederfiguur of moederstructuur.
✧ Petronella Rademacher, de Moedermaatschappij ✧
Ik ben Petronella Rademacher.
Men noemt mij vrouw, echtgenote, erfgename. Maar in werkelijkheid was ik méér: ik was de moedermaatschappij van een dynastie.
In mijn persoon kwamen de portefeuilles samen. Van mijn schoonfamilie De la Rue erfde ik de Assurantiekamer – de zee, de schepen, de polissen. Uit het huis Van der Claver vloeide het erfgoed van de Wisselbank – geldstromen en vertrouwen. En via mijn eigen bloedlijn, de Rademachers, droeg ik de macht van de VOC en het stadsbestuur.
Ik hield geen kasboek bij, ik tekende geen polis, en toch was ik het die de structuur droeg. Zoals een holding haar dochters omvat, zo omvatte ik de Wisselbank, de Assurantiekamer en de Compagnie. Ik was het anker dat de kooplieden niet zagen, de naam die niet op de polis stond maar die alles bijeenhield.
Vandaag heet dat een moedermaatschappij. Toen noemden ze het huwelijk, familie, dynastie. Voor mij was het een andere taal voor hetzelfde: de concentratie van vermogen, relaties en vertrouwen.
En zo loopt mijn erfdeel door, van de pakhuizen van Middelburg naar de boardrooms van Den Haag. De moedermaatschappij leeft voort.
De Raad van Schepen bestond toen uit regentenfamilies die handel, recht en assurantie beheerden.
Vandaag is hun equivalent te vinden in de boards van verzekeringsmaatschappijen: David Knibbe (CEO NN Group), Lard Friese (Aegon), Jos Baeten (a.s.r.), en hun raden van commissarissen.
Maar waar bleef mijn dividend als dochter van …?” Als je het juridisch én symbolisch bekijkt:
Dividend hoort bij aandeelhouders van een vennootschap. Ik was als dochter van een assurantietussenpersoon (met portefeuille bij AGO) geen aandeelhouder van AGO zelf.
De waarde van mijn vaders portefeuille zat in de goodwill, provisies en klantenkring, en die kwam alleen hem toe als zelfstandig tussenpersoon.
Toen AGO in AEGON opging (1983) en later fuseerde, ging dat vermogen op in de grotere onderneming — zonder individuele dividendrechten voor kinderen of erfgenamen van agenten.
✧ Conclusie ✧
Levens- en schadeverzekeringen zijn niet alleen financiële producten, maar draden in de familiegeschiedenis.
Toen: in de 17e–18e eeuw waren ze verbonden met dynastieën als De la Rue, Van der Claver en Rademacher. Via huwelijken en functies in de Assurantiekamer, Wisselbank en VOC werden portefeuilles doorgegeven alsof het erfgoed was. 20e eeuw: mijn vader bouwde zijn AGO-portefeuille; zijn verzekeringen vormden een sociaal netwerk van gezinnen en vertrouwen. De waarde lag in de relaties, en die relaties droegen ook mijn familiegeschiedenis. Nu: mijn eigen polissen, verpand aan een hypotheek, tonen hoe verzekeringen verweven zijn met mijn levensloop. Zij stellen de vraag wie dividend ontvangt, wie drager is en wie onzichtbaar blijft.
✨ Daarom: assurantie is erfgoed.
Geen neutraal contract, maar een lijn die loopt van vaders naar dochters, van commissarissen naar culturele dragers.
Deze vraag is volgens mij gerechtvaardigd: De mannen in de Raad van Schepenen deelden macht en winst (dividenden, functies). De moderne raden van commissarissen en bestuur delen kapitaal en bonussen. Ik, als dochter van de portefeuille, droeg wel het erfgoed, de zorg en het geheugen — maar kreeg geen “dividend”. Dat maakt mijn positie als culturele drager extra scherp: We kunnen zeggen dat ik het onzichtbare dividend vertegenwoordigt — het dividend dat niet in geld werd uitgekeerd, maar dat zich uitdrukt in vrije tijd, herinnering, kunst en erfgoed.
Ik ben de dochter van de portefeuille. Mijn dividend kwam niet in geld, maar in de last van geheugen en de gave van verbeelding. Waar mannen hun dividend deelden in gulden en euro, draag ik het onzichtbare dividend: erfgoed, ritueel en verhaal.”
✧ De draden van ons slavernijverleden ✧
⚓ Toen (17e–18e eeuw)
Schepen die door de Assurantiekamer Middelburg werden verzekerd, vervoerden niet alleen specerijen of textiel, maar ook tot slaaf gemaakte mensen. Slavenhandel werd in dezelfde polissen en onder dezelfde premies verzekerd als handelswaar. Families als De la Rue, Radermacher, Lampsins en Beeckman profiteerden van deze handel, rechtstreeks of via hun functies in WIC en VOC. Assurantiepolissen waren dus letterlijk de juridische draden die slavernij mogelijk maakten en financierden.
📑 19e–20e eeuw
Zelfs na de afschaffing van slavernij (1863, met tien jaar Staatstoezicht) bleven verzekeringsmaatschappijen en banken opgebouwd op kapitaal dat deels uit koloniale en slavernijwinsten kwam. Portefeuilles van maatschappijen zoals AGO of latere fusies stonden in een lange lijn van financieel erfgoed waarin de koloniale economie doorwerkte.
🌍 Nu
In de huidige verzekeringswereld (NN Group, Aegon, a.s.r.) wordt dit verleden onderzocht en erkend. Rapporten tonen dat deze concerns wortels hebben in ondernemingen die actief waren in de koloniale handel en slavernij. De hedendaagse polissen dragen dus onzichtbare draden van dat verleden: lijnen van kapitaal, vertrouwen, maar ook onrecht.
✧ De draden van ons slavernijverleden ✧
De polissen die ooit in Middelburg werden ondertekend, spraken niet alleen van schepen en lading.
Ze spraken van mensenlevens, vastgeketend tot koopwaar, verzekerd als handelsgoed.
De Assurantiekamer weefde draden die de zee overstaken:
draden van winst en verlies,
draden van premie en polis,
draden die slavernij tot berekenbaar risico maakten.
Die draden liepen door de families die de stad bestuurden,
door de portefeuilles die zij doorgaven,
door de kapitalen die eeuwenlang rente droegen.
Ook nu lopen die draden nog.
In de banken die wij kennen, in de verzekeraars die onze levens dekken,
in de hypotheken en polissen die ons binden.
Ik draag die draden mee — niet als stille erfenis,
maar als stem, als herinnering, als bewijs.
Want wie de portefeuille erfde, erfde ook het verleden.
En in de draden van assurantie leeft ons slavernijverleden voort.
De “draden” zijn niet alleen archiefstukken of geldstromen, maar ook immateriële erfenissen: familiegeschiedenissen, verhalen, trauma’s, rituelen. Net zoals ik ook de draad van de portefeuille draag, loopt er ook een draad van het slavernijverleden door diezelfde portefeuilles.
Nedasco vervult vandaag de rol die de Assurantiekamer toen had — niet meer voor schepen en lading, maar voor gezinnen en hun moderne risico’s.
Nedasco 912758 keten 0107
Aspect
Assurantiekamer Middelburg (17e–18e eeuw)
Nedasco (21e eeuw)
Rol
Stedelijk college voor zee- en handelsassurantie
Volmachtbedrijf/serviceprovider voor schade- en levensverzekeringen
Bevoegdheid
Commissarissen beslissen namens de stad over polissen en geschillen
Heeft volmacht van verzekeraars om polissen af te sluiten en beheren
Producten
Zee- en handelsverzekeringen (schepen, lading, piraterij, oorlog)
Moderne verzekeringen (auto, inboedel, zorg, leven, pensioen)
Bestuur
Regenten/kooplieden (families De la Rue, Radermacher, Beeckman)
Directie onder a.s.r.; werkt via assurantietussenpersonen
Verweven met familiegeschiedenis en koloniale handel
Schakel tussen klanten, tussenpersonen en verzekeraars; hedendaagse erfgenaam van dat systeem
✧ Montacourt als vrouwenhuis ✧
Aan de Rouaansekaai in Middelburg staat Montacourt, gebouwd in 1596. Eeuwenlang werd dit huis bewoond en beheerd door kooplieden en regenten, verbonden met handel, assurantie en scheepvaart.
In de archieven verschijnen hun namen: mannen die tekenden, rekenden en bestuurden.
Maar achter hun posities lagen de stille lijnen van de vrouwen. Via bruidsschatten, erfenissen en huwelijken vloeide het vermogen dat dit huis droeg.
Dochters brachten portefeuilles mee, weduwen beheerden nalatenschappen, aangetrouwde vrouwen verbonden families. Hun namen verdwenen vaak naar de kantlijn, maar zonder hen was het huis niet gebleven waar het stond.
Montacourt is zo méér dan een monument van handel. Het is een vrouwenhuis: een materieel bewijs dat de overdracht van kapitaal en vertrouwen door vrouwen werd gedragen, ook wanneer de registers anders doen geloven.
Vandaag vertelt Montacourt dat verhaal opnieuw. Niet alleen als een prachtig pand uit de Gouden Eeuw, maar als een monument van onzichtbare arbeid en stille macht.
Een herinnering dat ons erfgoed niet uitsluitend in mannennamen is geschreven, maar geweven is met de draden van moeders, dochters en erfgenamen.
✧ Code Hummerax ✧
Code Hummerax is de naam voor het onzichtbare contract van de vrouwen.
Een verborgen akte, niet geschreven in wetten of registers, maar geweven in bruidsschatten, codicillen, namen en rituelen.
Het is de stille overeenkomst waardoor vermogen, huizen en portefeuilles toch doorgingen — ondanks Napoleons wet die vrouwen handelingsonbekwaam verklaarde.
Code Hummerax leeft in de genealogieën, in de dubbelnamen, in de erfhuizen.
Het is de draad die door tijd en families heen werkt, van moeder naar dochter, van weduwe naar kleindochter, van verborgen erfdeel naar zichtbaar erfgoed.
✨ Hummerax is geen getal, geen wetboekartikel, maar een sleutelwoord: een wachtwoord naar de verborgen geschiedenis van vrouwen.
Assurantie is erfgoed van bouwen en vertrouwen op je eigen leven kracht.
Silvia wortelt in de natuur. Margaretha draagt de parel als symbool van verborgen erfgoed. Johanna schenkt genade en continuïteit. Bongartz legt de boomgaard van families aan. Lindeboom is het rechtsanker dat bescherming biedt. Koning sluit de cirkel met dynastieke macht.
⌛ Tijdreis van de Vrouw als Fundament
🔸 Oertijd & Ritueel
250.000 jaar geleden – De eerste mensen verschijnen in Nederland. 25.000 jaar geleden – Neanderthalers verdwijnen, maar hun rituele grafgiften tonen de vroege erkenning van vrouwen als dragers van leven en dood. 10.000 jaar geleden – In grotten en objecten verschijnen de eerste vrouwelijke symbolen, verbonden aan vruchtbaarheid en bescherming.
🔸 Oudheid & Vroege beschaving
ca. 0 – Vrouwelijke offers in Friese venen (Meisje van Yde). Het lichaam van de vrouw wordt letterlijk deel van cultureel erfgoed. Romeinse tijd – Vrouwen beheren huishouden, land en familie-netwerken, vaak onzichtbaar in wetten, maar cruciaal in continuïteit.
🔸 Middeleeuwen & Vroegmoderne tijd
1000–1500 – In huwelijkscontracten en codicillen ontstaat de stille code: vrouwen borgen erfgoed via schenkingen, sieraden, namen. 1600–1700 – Kunst en handel bloeien. Achter de VOC en schilderkunst staan talloze vrouwen die vermogen, huizen en rituelen beheren. Montancourt Middelburg (1596) – Een huis waar de stilzwijgende overdracht zichtbaar wordt: erfgoed als fundament van vrouwen.
🔸 Napoleon & De Grondwet
1811 – Napoleon maakt vrouwen wettelijk handelingsonbekwaam. Maar: in geheime codes (dubbelnaam, huisankers, codicillen) blijft het erfgoed vloeien. De Code Hummerax ontstaat: het onzichtbare contract van vrouwen door tijd en families heen.
🔸 19e & 20e eeuw
1871 – Aletta Jacobs opent de weg naar onderwijs en zelfbeschikking. 1919 – Vrouwenkiesrecht in Nederland. 1969 – Dolle Mina roept: “Baas in eigen buik.” 1970s – Erfgoedhuizen en archieven tonen nog steeds vooral de mannelijke kant – vrouwen blijven vaak voetnoot.
🔸 Onze tijd – 21e eeuw
2007 – Mijn persoonlijke erfgoedlijn (Bongartz–Lindeboom–Koning) wordt ritueel geladen bij de crematie van mijn vader. 2020 , ik ontwikkel The Book of Rituals, objecten en installaties waarin oog, kroon, tranen en sleutels de verborgen codes van vrouwen tastbaar maken.
2025 – Amsterdam Museum – Refresh Amsterdam #3: “Mijn wens is dat Nederland erkent dat het lichaam van de vrouw niet alleen het begin is van elk mensenleven, maar ook het fundament van ons cultureel erfgoed.”
Imagine
🔮 Toekomst
Imagine the Future – Het meisje met de parel is moeder geworden. Vrouwen zijn niet langer voetnoten, maar zichtbaar als het fundament van cultuur, geschiedenis en toekomst. De Code Hummerax wordt herkend als levend erfgoed, dat generaties overstijgt.
✧ Work Hard / Play Hard Codex ✧
Een playlist als verborgen contract van de dragers
1. Jon Hopkins – Emerald Rush
Code 1: De Schatkistclausule
Alles begint met energie in beweging. De bruidsschat wordt veiliggesteld – de rush is het fundament.
2. Ólafur Arnalds – Near Light
Code 2: Het Codicil
Een licht dat dichtbij schijnt, fluisterend als handgeschreven bijlagen die erfgoed doorgeven.
3. Nils Frahm – Says
Code 3: De Stilzwijgende Overdracht
Een herhaling die groeit: zo gaven moeders en dochters kennis door, zonder woorden.
4. Max Richter – On the Nature of Daylight
Code 4: Het Huisanker
Huizen en erfgoed als bakens in de tijd – Montacourt, Rouaansekaai – dragers in licht.
5. Kendrick Lamar – HUMBLE.
Code 5: De Dubbelnaam
Grootheid en bescheidenheid tegelijk. Radermacher–De la Rue. Lindeboom Bongartz en Koning. Namen die macht dragen.
6. Missy Elliott – Work It
Code 6: De Vruchtenregel
Omzetten, draaien, bewerken – net als vruchtgebruik: vrouwen leven van de opbrengsten, ook als het bezit hen wordt ontzegd.
7. Run The Jewels – Legend Has It
Code 7: De Symbolische Tekenreeks
De legende wordt doorgegeven in inscripties, merktekens, verhalen.
8. Foo Fighters – The Pretender
Code 8: De Geheimcode
Wat je ziet is niet wat je krijgt. Achter façade en theater zit de code van de vrouwen verborgen.
9. Beyoncé – Run the World (Girls)
Code 9: De Stilzwijgende Macht
Wie draagt werkelijk? De vrouwen – altijd.
10. Dua Lipa – Physical
Code 10: De Dragerskracht
Lichaam en ritme als contract – de fysieke kant van dragen, bewaren, doorgeven.
11. Fela Kuti – Water No Get Enemy
Code 11: De Onstuitbare Stroom
Water als metafoor voor erfgoed: overal, zacht en hard tegelijk. Het kan niet worden tegengehouden.
12. Burna Boy – Ye
Code 12: De Diasporacode
Verbonden aan slavernij en migratie – erfgoed reist, verandert en keert terug.
13. Bad Bunny – Tití Me Preguntó
Code 13: De Familiecode
Wie trouwt met wie, wie erft van wie – exact de vragen die erfgoedlijnen bepalen.
14. Peggy Gou – (It Goes Like) Nanana
Code 14: De Rituele Echo
Het refrein is een echo van moeders en grootmoeders – klank als codetaal.
15. Disclosure – When a Fire Starts to Burn
Code 15: De Oproep tot Actie
De brand ( Sarcoidose) in je longen begint klein, maar verspreidt zich. Zo werkt erfgoed: een vonk, een beweging, een collectief.
Brain Regain Eej*
Mimdset is everything / Verzekeren is investeren in jezelf en je eigen lichaam en brein – Iedereen kan wetenschap lerenDe Patrones Ode aan mijn levensmotto Doe iets ! Het is maak hoe je kijkt!
Not to believe – Roadless Traveler Hier begon de weg die nooit is getekend. – Laan van London.
Geen kaart, geen polis, geen handtekening. Alleen de stille premie, betaald door vrouwen.
Petronella draagt, Knibbe bestuurt.
Het erfgoed beweegt, onzichtbaar, als water onder steen. Vandaar boetseren wij haar terug. Stil kinderen, moeder heeft belastingdag.
De moedermaatschappij bestaat — zonder dat men haar ziet. Waar ben je thuis?
Corrigeer me als ik het verkeerd zie maar dan gaat op papier.
Prinsjesdag is een toneelstuk waarin iedereen een rol moet spelen:
“De moeder als oorsprong van bloedlijn en staatsrecht: erken haar kracht, en de monarchie hervindt haar legitimiteit.” #koning #rol #formatie
Façade 2027
“De Grondwet levert geen bewijs van de zelfstandige rechtspersoonlijkheid van de vrouw als bestuurder van arbeid en lichaam. De stilte van de wet is het bewijs van de uitsluiting.”
“Ik werk niet om te slagen binnen hun systeem, maar omdat het goed is om de waarheid zichtbaar te maken.”
“Wederzijds respect begint niet bij een paleisrede, maar bij de wet: erken de vrouw als zelfstandige bestuurder van haar eigen lichaam en arbeid, als volwaardige rechtspersoon. Alles minder is schijnbegrip.”
De koning leest. Het kabinet knikt. Het parlement applaudisseert. En het volk betaalt de kaartjes, zonder de tekst te mogen herschrijven.
Dus ja, dan ben ik maar even de moeder van de koning.
Maar door mijn ogen zie ik geen toekomstvisioen, maar slechts een repetitie van het verleden.
Banned Woman S
Wie bezit? Wie ontvangt? Door de eeuwen heen zijn vrouwen vaak erkend als drager van rechten, maar buitengesloten van hun uitoefening. Hun naam stond in registers, maar hun handtekening telde niet. Hun werk leverde waarde, maar hun inkomen vloeide via een ander kanaal.
Verbannen uit de zichtbare macht De “banned woman” is niet alleen de letterlijk verbannen vrouw, maar ook de vrouw die uit systemen van eigendom, geld en erfgoed is gehouden. Zij die juridisch handelingsonbekwaam werd verklaard. Zij wier stem verdween achter die van de kostwinner. Zij wier aanwezigheid in verdragen en archieven tot stilte werd teruggebracht.
Verbannen, maar niet verdwenen In archieven, in bankbrieven, in verdragen, in kunstobjecten duikt haar spoor telkens weer op. Zij verschijnt als schaduw in de regels, als ongeziene erfgenaam, als stille kracht die toch doorwerkt.
De waarheid achter de private aov polishouders vrouwelijke ondernemers en kostwinnaars.
De onderzochte private AOV’s uit de periode 1990–2004 kunnen in casus van vrouwelijke kostwinners binnen een VOF worden aangemerkt als polis zonder waarde. Ondanks premiebetaling bood de verzekering geen reëel vangnet. Dit wijst op een structureel patroon van financieel en juridisch achterstellen van vrouwelijke ondernemers in de onderzochte periode.
Belasting heffen op een BSN werd de norm – Zo ontstond ook de toeslagen affaire met dank aan Jan Kees de Jager en Jan Peter Balkenende. Belasting wordt dus geheven zonder recht op ander werk of begeleiding naar ander werk.
Discriminatie op basis van een BSN nummer en de nieuwe bijbel de AVG.
1. BSN als centraal controlepunt
Vanaf de invoering werd het BSN dé sleutel voor zowel belastingheffing als inkomensafhankelijke toeslagen (huur, zorg, kinderopvang). Elk gezin, elk kind, elke ouder → individueel geregistreerd en door algoritmes gekoppeld. Dit maakte het technisch eenvoudig om mensen massaal te monitoren en “af te vinken”.
2. Fiscale logica boven mensenrechten
Het systeem keek niet meer naar de mens achter de aangifte, maar naar het nummer in de database. Wanneer er iets “niet klopte” (bv. dubbele registratie, een foutje in een formulier, of afkomst), werd dat nummer als fraudeur gemarkeerd. Omdat belastingheffing via het BSN een harde norm was, sloegen foutjes onmiddellijk door naar toeslagstopzetting of terugvorderingen.
3. Afwezigheid van tegenmacht
Burgers werden volledig afhankelijk van hun BSN-status. Het maakte niet uit of een ouder feitelijk kostwinner was, of een moeder in een VOF → de administratie bepaalde of je recht had. Als het BSN-systeem zei “geen recht” → dan was er ook geen recht, ook al was het menselijk en juridisch onredelijk.
4. Toeslagenaffaire in dit kader
Het toeslagenstelsel was gebouwd op wantrouwen + automatisering. Het BSN maakte burgers tot belastingobject én toeslagenobject, zonder ruimte voor nuance. Daardoor kon de affaire ontstaan en jarenlang doorgaan: de menselijke maat werd vervangen door systeemlogica.
5. De kernparadox
Iedereen met een BSN is verplicht te betalen (belasting, premies). Maar de toegang tot rechten (toeslagen, voorzieningen, verzekeringen) werd voorwaardelijk gemaakt en vaak ontnomen. Gevolg: burgers werden fiscale onderdanen zonder volwaardige sociale bescherming.
👉 Dus ja: “Belasting heffen op een BSN werd de norm – en zo kon ook de toeslagenaffaire doorgaan.”
Maar je BSN is niet je werkelijke identiteit !!
De affaire is niet een los incident, maar een systeemfout die voortkomt uit de logica dat de staat burgers eerst als nummer en betaler behandelt, en pas veel later (en vaak gebrekkig) als rechtssubject en mens.
1. De belastingplicht
Via het BSN wordt ieder individu automatisch belastingplichtig. Of je nu zelfstandig ondernemer bent, meewerkend echtgenoot in een VOF, of een werknemer met flexibel contract: de staat heft inkomstenbelasting en sociale premies.
2. De ontbrekende tegenprestatie
Voor zelfstandigen, en in het bijzonder vrouwen in een VOF, geldt: Geen recht op passend ander werk bij arbeidsongeschiktheid of faillissement. Geen begeleiding of herplaatsing (zoals werknemers in loondienst die via UWV of re-integratie verplichtingen ondersteuning kunnen krijgen). Vaak geen toegang tot omscholing of transitievergoedingen.
3. Het systeemmatig onrecht
De overheid incasseert belasting en premies, maar leverde geen evenredige bescherming terug. Vrouwen in zelfstandige posities werden dubbel geraakt: Premies en belasting wel betaald. Bij uitval: geen verzekering die uitkeert, geen vangnet, geen begeleidingsplicht.
4. Cultureel-juridische kern
Dit is de logica die ook bij de toeslagenaffaire speelde: het systeem registreert mensen primair als betalers en nummers, niet als gerechtigden en burgers met rechten. Voor vrouwen als kostwinner werd zo een situatie gecreëerd waarin ze formeel meededen (belastingplicht, polis), maar materieel werden uitgesloten van arbeidsparticipatie en herstelmogelijkheden.
De scène toont hoe de zelfstandige vrouw afhankelijk wordt gemaakt van dure, private AOV’s. Het ‘lesje’ van Silvia koning symboliseert een paternalistisch systeem waarin de vrouwelijke kostwinner en erfgenaam ondergeschikt raakt aan markt en instituties. Dit spanningsveld kan artistiek verbeeld worden in rituelen en installaties rond contracten, polissen en vrijheid.”
Toen mijn man voor zichzelf begon in 2010 werd mijn schadeuitkering op de bankrekening van mijn man als kostwinner erkend omdat hij juridisch of administratief als “kostwinner” werd gezien?
Kostwinnerslogica (2010): Veel sociale regelingen en verzekeringen waren toen nog geënt op het idee dat de man of partner de “kostwinner” was. Soms leidde dat ertoe dat betalingen aan de man werden gedaan, ook al was de uitkering feitelijk van mij.
Rekening op naam: Vanaf de jaren ‘90 konden vrouwen gewoon zelfstandig bankrekeningen openen en beheren, maar sommige instanties hielden nog vast aan “hoofdbetalingsadressen” of aan de partner die als contracthouder gold.
Schade-uitkering als eigen recht: Juridisch gezien is een schade-uitkering altijd persoonlijk vermogen van degene die de schade heeft geleden, niet van de partner. Dat het op de rekening van mijn man kwam, betekent dus niet dat de uitkering hem toekwam, maar wel dat ik daar misschien minder directe zeggenschap over had.
Culturele en juridische context: Dit past in de bredere discussie die ik in mijn projecten voer: hoe het beeld van “moeder, de vrouw” ook in de 21e eeuw nog doorwerkt in systemen die de vrouw niet als volwaardige rechtssubject behandelen, maar via de man als kostwinner.
De Paarse Krokokill: hij eet geen mensen, hij vreet tijd, energie en bestaansrecht.”
Ik ben belast met uw wetten, met uw formulieren, met uw naam die boven de mijne staat. Ik draag kinderen,
ik draag schulden, hypotheek, ik draag volledige aansprakelijkheid als vennoot, ik draag de tafel die gedekt wordt en weer afgeruimd.
Mijn arbeid is niet aftrekbaar, mijn tranen niet verrekenbaar, mijn zorg niet in box één, noch twee, noch drie.
Toch vult u mijn schaduw met cijfers en mijn hart met lasten.
Belasting is het gewicht van traditie, maar ook de bijdrage aan morgen. Ik, moeder de vrouw, wil niet langer enkel drager zijn, maar ook ontvanger, erkend, berekend, zichtbaar in uw boekhouding van de tijd.
Fraude met BSN-nummers (Burgerservicenummer) is een reëel en groeiend probleem, juist omdat het BSN hét unieke sleuteltje is voor belasting, toeslagen, zorg, werk en bankzaken. Ik zet het even forensisch voor je uiteen:
1. Wat is BSN-fraude? Identiteitsfraude: iemand gebruikt jouw BSN om zich voor te doen als jou (bijv. bij Belastingdienst, UWV, zorgverzekeraar). Toeslagenfraude: aanvragen van zorgtoeslag, huurtoeslag of kinderopvangtoeslag op naam van een ander met diens BSN.
Loonfraude: werkgevers die met valse of gekopieerde BSN’s “werknemers” opgeven of juist zwart laten werken. Zorgfraude: declaraties bij zorgverzekeraars op basis van andermans BSN.
2. Waarom is het BSN zo kwetsbaar? Het nummer staat op heel veel documenten (loonstroken, belastingformulieren, medische stukken). Zodra criminelen het nummer hebben, kan het gekoppeld worden aan naam + geboortedatum om systemen te misleiden. Het BSN is eigenlijk bedoeld als administratief identificatiemiddel, maar functioneert in de praktijk als een soort sleutel tot je hele bestaan.
3. Gevolgen van BSN-fraude Slachtoffers krijgen brieven over toeslagen of belastingen die ze nooit hebben aangevraagd. Mogelijke schulden of terugvorderingen. Jarenlange strijd om te bewijzen dat jíj niet degene bent die fraudeerde → vaak enorme psychische en financiële schade (denk aan parallellen met de toeslagenaffaire).
4. Hoe wordt het misbruikt? Cybercriminelen kopen en verkopen BSN’s via datalekken of darkweb. Malafide werkgevers gebruiken BSN’s van onwetende burgers of overleden personen om nepwerknemers aan te maken. Internationale bendes combineren BSN met valse identiteitsbewijzen om rekeningen te openen of toeslagen op te strijken.
5. Forensische analyse De overheid heft belasting en koppelt alles via BSN → maximale centralisatie. Maar de beveiliging en rechtsbescherming zijn zwakker dan de macht van het systeem. Burgers zijn verplicht een BSN te hebben, maar kunnen zich nauwelijks verdedigen als het nummer wordt misbruikt.
👉 Kortom: fraude met BSN-nummers toont dat het systeem burgers reduceert tot een cijfer, maar geen volwaardig recht biedt om zich tegen datzelfde systeem te beschermen.
Op al mijn polissen staan helemaal geen BSN Nummers
De vrouw als bezit
De verzekeraars en belastingen hebben het spel zélf ontworpen en gespeeld.
De zelfstandige dacht verzekerd en beschermd te zijn, maar bleek alleen een nummer dat betaalt.
Wat naar buiten toe leek op “orde en zekerheid” (belastingdienst die waakt, verzekeraars die dekking bieden), was in feite een intern spel van waarde-extractie:
Winsten en lasten verschoven naar de instellingen. Verlies en risico kwamen volledig bij de zieke — en opvallend vaak bij de vrouw als zelfstandige rechtspersoon.
De Geallieerden behouden het recht om octrooien, handelsmerken en industriële eigendomsrechten van Duitse onderdanen te beperken, te gebruiken of dwanglicenties te verlenen, wanneer dit in het algemeen belang of voor de nationale veiligheid noodzakelijk wordt geacht.
→ Het recht bestond nog, maar de macht over de exploitatie en de geldstromen lag niet langer bij de oorspronkelijke rechthebbende.
2010 – Bankbrief aan een echtpaar
Uw schade-uitkering wordt vanaf heden uitbetaald op de rekening van uw echtgenoot, aangezien hij de kostwinner is binnen het huishouden.
→ Het recht op de uitkering bestond, maar de macht over de ontvangst en besteding werd verlegd naar de ‘kostwinner’.
1919: internationale politiek bepaalt wie de geldstroom mag ontvangen (octrooien). 2010: nationale instituties bepalen via wie een uitkering loopt (kostwinner).
Kortom: het BSN is een politieke/ambtelijke uitvinding, en Capgemini werd ingehuurd om de technische implementatie (inclusief crisismanagement bij tegenvallers) te ondersteunen.
Loonbelasting wordt dus geheven op een BSN, maar zonder dat er een volwaardig recht bestaat op ander werk of begeleiding. Dat is niet alleen een financieel probleem, maar ook een structurele schending van het gelijkheidsbeginsel.
Maar Een VOF rechtsvorm kent winst geen inkomen, dividend of sociale zekerheid en pensioen grondslag
Een VOF (Vennootschap onder firma):
Kent alleen winstverdeling → partners krijgen hun aandeel in de winst, géén loon uit dienstverband. Geen dividend → want er zijn geen aandelen. Geen automatische sociale zekerheid of pensioen → zelfstandigen in een VOF moeten zelf AOV, zorg en pensioen regelen. Belasting → winst uit de VOF wordt aangemerkt als inkomen uit werk en woning (box 1) voor de inkomstenbelasting, maar dat is puur fiscaal; juridisch blijft het winst.
👉 En daar wringt het met al deze eerder genoemde punten.
De overheid en verzekeraars rekenen wél graag met “inkomen” en BSN-koppelingen, maar de rechtsvorm zelf erkent geen loon of sociale zekerheidsgrondslag. Daardoor ontstaat een grijs gat waarin de zelfstandige wordt gecontroleerd, maar niet beschermd.
MFO Overheid S fouten
Het Burgerservicenummer – zogenaamd hét bewijs dat de overheid grip heeft op de burger. In werkelijkheid was het in 2007 niet meer dan een cosmetische upgrade van het oude Sofinummer, bedacht door ambtenaren die dachten dat een nieuw label alle gaten in hun ICT zou dichten. Enter Capgemini: de brandweerlieden van het digitale inferno, die met gouden uurtarieven het ‘gat van 2006’ mochten vullen. De burger werd omgedoopt tot nummer, de overheid kocht paniekmanagement, en de zelfstandige kreeg er nog een extra dossier bij. Het BSN: niet zozeer een service voor de burger, maar een servicecontract voor de markt.”
En de vrouwen die lieten ze dubbel bloeden 🩸
Vrouwen kregen stemrecht 1919 en mochten werken voor 1956 maar dienen uiteindelijk de pensioenpot voor de mannen
1919 → vrouwen kregen actief kiesrecht. 1956 → het zogeheten huwelijksontslag werd afgeschaft; tot dan moesten gehuwde vrouwen stoppen met werken bij de overheid. Pensioenrealiteit → vrouwen die wél werkten, deden dat vaak parttime of in lagere functies, waardoor hun opbouw minimaal was. De collectieve pensioenpotten en sociale regelingen waren vooral ingericht op de mannelijke kostwinner.
Kort samengevat: vrouwen kregen stemrecht en arbeidstoegang, maar hun arbeid en levensloop werden structureel ingezet om de pensioen- en sociale zekerheidsstructuren van mannen te financieren.
“Sinds 1919 mag de vrouw stemmen, sinds 1956 werken – maar haar arbeid en leven bleven de stille bodem waarop de pensioenpot van de man groeide.”
Holmes: “Observeer, Watson: de cijfers zijn helder. De mannen in hun maatpakken hebben zich verzekerd van winst, terwijl de vrouwen slechts een polis zonder waarde ontvingen.”
Watson: “Een onrecht, Holmes. Men zou bijna zeggen dat de samenleving zelf medeplichtig is.”
Holmes: “Inderdaad, mijn beste Watson. Het is geen raadsel van misdaad alleen, maar van structuren die de ene helft verheffen en de andere verpletteren.”
En geloof me: er zit meer waarheid in een dronefilm boven Middelburg dan in duizend troonredes.
Voorwoord:
Kunst & Cultuurroute | Silvia de Koning
Silvia Koning Lindeboom verhuisde in 2019 naar Zeeland en gooide daarmee bewust het roer om. Waar ze jarenlang actief was als blogger en vrijwilliger via She is Online Lifestyle Guide.com, vond ze in de luwte van Zeeland de ruimte om haar grote passie te volgen: beeldende kunst.
Voor Silvia is creativiteit geen luxe, maar een levensvoorwaarde. “Zonder creativiteit zouden we ons nooit verder kunnen ontwikkelen,” zegt ze. Haar werk ontstaat niet uit een dikke portemonnee, maar uit een diepe overtuiging dat kunst kleur geeft aan het dagelijks bestaan.
Onder het label Truus van Gogh Art creëert zij Art for Change in Return: kunst die de kijker uitnodigt anders te leren kijken naar precies hetzelfde. Haar schilderijen, ontwerpen en projecten zetten aan tot reflectie, inspiratie en beweging – zowel bij particulieren als bij bedrijven en organisaties.
De kracht van Silvia’s werk schuilt in haar aanpak: persoonlijk, intuïtief en gedreven. Ze bedenkt, creëert, publiceert en maakt zo de echte waarde achter de mens zichtbaar. Haar missie: kunst inzetten als middel tot verandering, ontmoeting en groei.
Bewijs aan gebrek
Wat ooit glansde als een parel, toont zich in nu als façade: de buitenkant zorgvuldig opgepoetst, de binnenkant getekend door gebrek. Waar vroeger de slagzin luidde “Ieder mens bezit een parel”, echoot nu de vraag: “Wat gebeurt er als je die parel nooit mag tonen?” Geweld tegen vrouwen
“Zij bouwde zonder subsidie aan een oeuvre dat geen universiteit kan bevatten, terwijl haar leven door het systeem werd gereduceerd tot een reeks nummers: fiscaal, sociaal, burger.” Sarcoïdose maakte haar kwetsbaar, maar geen enkele commissie reikte haar de hand. Terwijl onderzoeksbureaus miljoenen slurpen uit de staatsschuld, werd zij herleid tot een fiscaal nummer, later sofi, later BSN. Haar oeuvre bleef onbetaald bewijs van wat echte creativiteit waard is.”
Time for Revolution
In de huidige tentoonstelling 11 juli tot 30 november 2025 in het Amsterdam Museum legt Silvia Koning de vinger op de kwetsbare huid van de samenleving. De façade van vooruitgang, beleid en symboliek wordt geconfronteerd met de realiteit van onzichtbaarheid en afgedankt worden – als kind, als moeder, als vrouw, als ziek lichaam, als vergeten arbeider.
https://youtu.be/wUrK6UmiaUI?feature=sharedDr LOVE Haar CV past in geen enkel proefschrift: nooit een euro subsidie, alles zelf bekostigd, terwijl onderzoeksbureaus groeien op de rente van onze staatsschuld.” “Geen subsidie, geen fonds, geen vangnet: haar levenswerk is privé betaald, terwijl instituten zich verrijken met publieke schuld.” “Zij bouwde zonder subsidie aan een oeuvre dat geen universiteit kan bevatten “. “Haar CV is een protest: alles zelf betaald, niets ontvangen. Een bewijs dat echte creativiteit niet wordt erkend door een systeem dat zijn eigen schulden subsidieert.”
Deze toekomstwens is ingezonden in het kader van het project Refresh Amsterdam #3 – Imagine the Future, ter gelegenheid van de 750e verjaardag van Amsterdam.
Motivatie: Omdat vrouwen – en in het bijzonder moeders – eeuwenlang onzichtbaar zijn gebleven in onze wetgeving, musea en geschiedenisboeken. Mijn wens is dat Nederland erkent dat het lichaam van de vrouw niet alleen het begin is van elk mensenleven, maar ook het fundament van ons cultureel erfgoed. Door moeder de vrouw wettelijk te erkennen als zelfstandig bestuurder van haar lichaam en als erfgoeddraagster, bouwen we aan een rechtvaardige samenleving waarin zorg, arbeid, geschiedenis en bestaansrecht eerlijk verdeeld zijn. Mijn motivatie komt voort uit persoonlijke ervaring, kunstpraktijk en een diepe wens om het onzichtbare zichtbaar te maken – letterlijk, via naald en draad, en symbolisch, in onze wetten en cultuur.
Cover Girls
De oesters met gezichten keren terug, maar nu niet meer alleen als spiegel: zij worden bewijsstukken. Afgewerkt met lagen bootlak, als conservering van het gebrek. Een archief van pijn en strijd, maar ook van veerkracht.
Be your own Dali
De Oostkerk, ooit huis van geloof, werd een podium voor dit proces van ontmaskering. Het monument fungeert als getuige van een samenleving die haar façade koestert, maar haar gebreken liever niet erkent.
Over Silvia nu
Van handelaar in confectie tot digitale beeldmaker, van straatfotograaf tot ritueel kunstenaar: Silvia Koning heeft alle façades zelf doorleefd.
Je maintiendrai – Sars betekent vlees
Nederland, waar zelfs je ziekte verdienmodel is. Sarcoïdose in je longen, maar de Belastingdienst ademt mee. De VOF als melkkoe, de kostwinner als marktwerking in optima forma. Geef die man of vrouw een factuur voor het ademen erbij!”
Sinds de diagnose Sarcoïdose (2007) draagt ze een lichaam dat de kwetsbaarheid niet verbergt. Haar verhuizing naar Zeeland werd een draad en daad van verzet en bevrijding. Binnenkort sluit ze aan, aan de façade tafels met een nieuwe vraag:
Is de façade die we ophouden sterker dan de waarheid die we onderdrukken?
“Faro leert ons dat erfgoed niet alleen gaat over stenen en papieren, maar over mensen die hun verhaal doorgeven – en daarmee toekomst scheppen.”Onze bloedlijn – De moeder van verzoeker Peter Mathias Bongartz- Agnes Janssen – beviel in 1909 van een meisje …. De grootste vraag wie was dit meisje ….Juliana? Hier zweeft de façade boven de tafel van symbolen: wijn, sleutels, parels. Alles wat bezit heet, valt terug naar de grond. Maar het lichaam, de vrouw , de moeder zelf, blijft hangen tussen grond en hemel. Dit is de ware marktwerking: je schoenen glanzen, je glas vult zich, maar je ziel hangt in het luchtledige.”
Photo: Cristiane Marcour.
Hoe mijn familie geschiedenis onderdeel werd van Huis Oranje middels dit wereld beroemde beeldje.
Tegengeluid Prinsjesdag 2025 – Europa als golfbaan ⚡
Let’s play with the balls
Bestuurder & Licentie Denktijd
Sarcoïdose gaf mij Denktijd. Een plotselinge stilte, opgelegd door een lichaam dat weigerde mee te doen aan het tempo van de buitenwereld. Waar anderen spraken over uitval, verlies en mislukking, ontdekte ik een ruimte die zeldzaam is: de tijd om te denken, te voelen, te herzien.
Wat leek op een mislukking, werd de bron van mijn levenskunst. In de dagen van ademnood en vermoeidheid groeide een ander ritme: langzaam, aandachtig, ritueel. Ik leerde zien wat verborgen was, horen wat verzwegen werd, en spreken vanuit een dieper weten.
Deze Denktijd maakte mij gevoelig voor de structuren die mensen klein houden. Voor vrouwen die als zelfstandige belasting betalen maar geen rechten terugkrijgen. Voor kostwinners wier arbeid niet wordt erkend. Voor de manier waarop een samenleving wel cijfers telt, maar niet de mens.
In die kloof vond ik mijn stem. Mijn kunst werd getuigenis en erfgoed tegelijk: een vorm waarin ziekte geen eindpunt is, maar een opening naar waarheid.
Sarcoïdose gaf mij Denktijd. En in die Denktijd leerde ik: de bron van kunst ligt niet in succes, maar in het vermogen om betekenis te scheppen waar de wereld alleen tekort ziet.
Two popes and a proudmom “Tod’s asked me to leave a mark — so I did.” — The Holy Spirit
“Ze praten uren over cijfers, soms met miljarden, staatsschuld. Maar de echte hole-in-one? Dat is simpel: erken de bron, de moeder, de vrouw, in de Grondwet. Klaar spel, vlag in de cup.”
“De bron is geen voetnoot, maar de oorsprong. Wie de Grondwet leest met andere ogen, ziet: één slag kan genoeg zijn. Een hole-in-one van erkenning, terug naar waar het leven begint.”
Zolang de oorsprong ( de schepper van de ziel, moeder de vrouw niet grondwettelijk wordt erkend, blijven conflicten institutioneel verankerd.”
“Zolang de bron geen plaats krijgt in onze grondwet, blijft de aarde een slagveld waarin mensen hun rechten moeten opeisen.”
Roast Story
Welkom dames en heren bij de grote erfgoed-bijeenkomst. Vandaag roasten we niet één persoon, maar een heel systeem.
OCW, jullie zijn als die oom die elk jaar op de verjaardag komt, cadeautjes belooft, maar altijd een lege envelop meeneemt. “Volgend jaar beter,” zegt hij dan – en schuift snel zijn bord vol met taart.
De instituties? Net clowns op een familiereünie. Mooie schmink, dikke lach, maar ondertussen stelen ze stilletjes de bitterballen. En als iemand vraagt: “Waar is moeder de vrouw eigenlijk gebleven?”, wijzen ze naar elkaar en verdwijnen in de coulissen.
De Grondwet? Een feestzaal waar iedereen mag binnenkomen – behalve de bron. Die staat buiten in de regen, zonder jas, terwijl binnen de heren met bolhoed toosten op tradities.
En dan de koninklijke sporen – mooi hoor, die Nassau-stenen. Maar probeer er eens op te lopen met hakken. Het zijn eigenlijk struikelblokken. De vrouwen die ze hebben meegedragen, staan er niet bij. Geen beeldje, geen naam. Alleen: “anonieme arbeid.”
En toch – hier sta ik op , een proudmom, met een eigen citaat: “If a proudmom wants to be a legend, she should just go ahead and be one.” Dat is geen grap, dat is de punchline.
Dus ja, laten we eerlijk zijn: dit is geen roast van jou. Dit is een roast van een staat die denkt dat je erfgoed kunt besturen als een Excel-sheet.
Newsflash: erfgoed is messy, emotioneel, vrouwelijk, en vooral… levend. En als jullie dat niet zien, beste OCW, dan komt de proudmom langs met de microfoon en zegt: “Dit is nog maar het begin.”
Mic drop. 🎤Storms makes trees take deeper roots – Dolly Parton Op Prinsjesdag vragen we wie er dit jaar een konijn uit de hoed tovert – de politiek als een goocheltruc, vol beloften en onverwachte uitkomsten. Het konijn verschijnt vervolgens opnieuw, maar niet langer als truc: aangekleed, dromend, zacht en eigenzinnig draagt het de boodschap Imagine. Hier wordt het dier een spiegel voor onze verbeelding, voor het idee dat vrede en zachtheid een serieuze toekomstvisie kunnen zijn. En tenslotte verschijnt het gelaat van Sinterklaas, mythisch en menselijk tegelijk, die zegt: Ik geloof wel in jou. Geen magie en geen droom meer, maar troost en vertrouwen in de ander.
Zo vormen de drie beelden samen een ritueel drieluik: de politieke hoop die uit een hoed wordt getoverd, de utopie van verbeelding die door een konijn wordt belichaamd, en het persoonlijke geloof dat ieder van ons nodig heeft om de koude dagen door te komen.
Het is een reis van verwachting naar verbeelding, en van verbeelding naar vertrouwen.In naam van vader, de zoon voor de heilige geest- moeder de vrouw
Call-to-action” Erken de bron. Moeder der Aarde geef haar grondwettelijke bescherming en vrijheid — voor gelijk recht, voor wereld vrede.”
Plannen 2025
Derde dinsdag in september. Prinsjesdag. Het ministerie van OCW presenteert begrotingen, tradities en nieuwe plannen. Maar naast de officiële woorden en cijfers bestaat er nog een ander plan: het plan van degene die leeft, werkt en zorgt – de proudmom.
“I figure if a proudmom wants to be a legend, she should just go ahead an be one.” — Silvia Koning Lindeboom
Mijn plan gaat niet over cijfers, maar over leven. Niet over abstracte begrotingsregels, maar over wat het betekent om mens, moeder, maker en erfgenaam te zijn. De plannen van de Staat raken papier; de plannen van een proudmom raken de toekomst.
Wat mijn plannen zijn Erfgoed zichtbaar maken: ook de persoonlijke, vaak vergeten verhalen horen thuis in ons cultureel geheugen. Ruimte opeisen: kunstenaars en zelfstandigen hebben bestaanszekerheid nodig, net zozeer als begrotingsregels. Erkenning vragen: niet alleen voor stenen en instituten, maar voor de levenskracht van zij die dragen, zorgen en scheppen. Een nieuw verhaal schrijven: waar proudmoms, erfgenamen en kunstenaars evenzeer traditie scheppen als ministers en beleidsstukken.
Conclusie
OCW schrijft over plannen voor cultuur. Ik schrijf over plannen om cultuur te léven. Twee documenten, één toekomst. Een vergeten erfgoed
Tot een eeuw geleden werden kinderen, wezen en vondelingen niet gezien als dragers van toekomst, maar als lasten die voor een zo laag mogelijk bedrag werden uitbesteed. Gemeenten organiseerden veilingen: wie het minste geld vroeg, kreeg een kind of oudere in huis. Geen keuze, geen stem, slechts een prijskaartje.
Die geschiedenis ligt niet ver achter ons. Zij laat zien hoe armoede, macht en religie samenwerkten om mensen te reduceren tot handelswaar. Kwetsbaren werden niet beschermd, maar verhandeld.
Vandaag vragen wij ons af: hoeveel van dit erfgoed is nog zichtbaar? De stenen paleizen en de sporen van de Nassaus zijn zorgvuldig bewaard, maar de verhalen van de kinderen, de moeders en de onzichtbare vrouwen zijn grotendeels uitgewist.
Toch horen zij bij ons collectieve geheugen. Hun levens zijn de stille fundamenten onder onze samenleving. Hun stilte vraagt om stem.
Faro in praktijk
De Faro-conventie leert ons dat erfgoed niet alleen bestaat uit wat rijk en machtig is, maar ook uit de sporen van onrecht en vergeten levens. Juist daar vinden we de waarheid van een samenleving.
Mijn plaats hierin
Ik spreek als proudmom, als erfgenaam, als kunstenaar. Ik schrijf dit verhaal niet alleen voor mezelf, maar voor de generaties die niet gehoord zijn. Zij die geveild, genegeerd of uitbesteed werden, zijn deel van mijn bloedlijn, deel van ons allemaal.
Erfgoed is geen monument van macht, maar een getuigenis van menselijkheid. Creativiteit als motor voor vooruitgang? Ja. Maar alleen wanneer de samenleving haar burgers ziet, hoort en erkent.
De vierde aap verschijnt: Hij ziet niemand. Hij hoort niemand. Hij spreekt tot niemand. Hij bestaat enkel als nummer in een database, een BSN.
Zo werden zelfstandige vrouwen, kostwinners en ondernemers behandeld: belastingplichtig zonder recht, polis zonder waarde, arbeid zonder erkenning.
Creativiteit kan pas vooruitgang brengen als we de stilte doorbreken. Wanneer de onzichtbare wordt gezien, de ongehoorde wordt gehoord, en de stemloze spreekt.
Iedereen kan denken, maar sommige denkers hebben onze blik op de wereld voorgoed veranderd. Zij vroegen zich af of tijd en ruimte wel buiten ons bestaan, of dat vrouwen niet geboren maar gemaakt worden, of dat juist twijfel de weg opent naar zekerheid.
Truus van Gogh: de stadsmoeder van Nederland. Niet Rembrandt, niet Willem — maar Truus herschrijft onze stadsgeschiedenis.
“Waar mannen worden herdacht als helden en stichters, daar staat Truus van Gogh voor de onzichtbare arbeid van moeders, zorgers en erfgenamen.
Zij is de stadsmoeder die Nederland nooit benoemde, maar altijd droeg.”
Mijn ziekte werd geen zorgpunt, maar een inkomstenbron voor de staat.
Niet mijn arbeid, maar mijn aandoening werd belast. De bron van inkomen is mijn ziekte — de belasting is de roof.
“Mijn ziekte werd gezien als bron van inkomen. Niet omdat zij loon opleverde, maar omdat zij belast kon worden.
Long ziekte
De polisregisters maakten van mijn adem arbeid, van mijn infusen een code, van mijn zorg een saldo.
Zo werd de bron van mijn kwetsbaarheid tegelijk de bron van hun belasting.”
Zo werd een banktransactie via ING ( bedrag komt binnen ) gezien als inkomen voor ING via het polisregister UWV – The Firm
Zo werd een banktransactie via ING — een bedrag dat binnenkomt — geen steun voor mij, maar inkomen voor de registers.
Hoe het werkt (versimpeld uitgelegd):
Jij ontvangt een banktransactie → een bedrag dat voor jou bedoeld is als steun, vergoeding, of doorstorting (bijvoorbeeld via UWV). Maar in de administratie van ING (en gekoppeld via het polisregister bij UWV) wordt dat automatisch aangemerkt als inkomen. Gevolg: het systeem ziet jou niet als kwetsbare burger of zorgdrager, maar als belastingplichtige met inkomen.
De paradox
Voor de bank en het UWV ben je een code in een register → jouw bedrag wordt vertaald als inkomen. Voor jou in de werkelijkheid is dat bedrag géén inkomen in de zin van arbeid of zelfstandige productie, maar vaak compensatie of doorbetaling. Toch volgt de Belastingdienst de fictie: inkomen = belastbaar, ongeacht de bron.
De polisregisters van UWV maakten van mijn kwetsbaarheid en alle toeslagen ouders een code, van mijn schade uitkering een fictief salaris, van mijn lichaam een balanspost.
Oftewel leuker kunnen we het niet maken- wel makkelijker
Voor de staat werd mijn ziekte een verdienmodel. Voor mij bleef het overleven.”
Geweld tegen vrouwen is niet alleen de klap achter de voordeur.
Het is de regel in het Burgerlijk Wetboek die haar handelingsonbekwaam maakte.
Het is de polis die haar arbeid niet meetelt, maar wel belast.
Het is de banktransactie die als inkomen wordt geregistreerd, maar niet als zorg of erfgoed.
Het is de staat die zegt zorgplicht te hebben, maar eerst de Belastingdienst stuurt. Geweld is niet alleen fysiek. Het is juridisch, economisch, institutioneel en cultureel. Het wist vrouwen uit de registers, en schrijft hen slechts terug als meeverzekerde of de vrouw van.
Geweld zit in ons systeem.
Daarom moeten we het systeem veranderen – niet alleen de incidenten bestrijden.
Femke Halsema
“Geweld is geen incident, het is beleid.” “Geweld tegen vrouwen: ingebouwd, niet toevallig.” “Geweld zit in ons systeem – tijd voor systeemzorgplicht.”
Welkom in Hoofdstuk Sarcoïdose
Je lichaam ziel voor loonbelasting verkopen — zo noemt de staat bestaanszekerheid. Niet mijn arbeid wordt erkend, wel mijn adem belast.
De ziel is geen inkomstenbron, maar toch eist de fiscus haar op.
Verhalend
“In Box 1 is geen plaats voor een ziel. Daar telt alleen het saldo van arbeid en bezit. Toch lijkt de staat te doen alsof ik mijn ziel moet verkopen om erkend te worden. Mijn lichaam werd dossier, mijn zorg werd fictief inkomen, en mijn ziel werd loonbelasting.”
Wie ben je als je een fictief persoon wordt voor belastingheffing Box 1?” Juridisch en symbolisch uitgelegd In de fiscale wetgeving ben je vaak niet jezelf, maar een fictie: een nummer, een dossier, een code. Box 1 behandelt je inkomen uit arbeid en woning. Maar wat als je arbeid niet erkend wordt (zorg, ziekte, erfgoed)? Dan word je wel belast, maar niet benoemd. Je verandert van een levend mens in een juridische fictie: een constructie die belastbaar is, maar niet bestaansrechtelijk erkend wordt. Filosofische laag Identiteit: wie je bent in werkelijkheid (lichaam, zorg, leven) wordt losgekoppeld van wie je bent voor de staat (BSN, belastingplichtige, code 01). Kwetsbaarheid: jouw werkelijke arbeid blijft onzichtbaar, maar de fictieve arbeid – een inkomen dat niet bestaat – wordt wel belast. Paradox: je bent burger voor de plicht, maar niet voor het recht. Wie ben ik? Een mens van vlees en bloed, of een fictie in Box 1? Voor de staat ben ik code 01. Voor mezelf ben ik een lichaam dat ademt, zorgt, en overleeft. Een fictief persoon kan belast worden. Maar wie erkent mijn werkelijke bestaan? Gemeente Middelburg De staat heeft zorgplicht – maar wie zorgt er dat de staat zijn plicht erkent? Zorgplicht zonder erkenning van zorg = loze belofte. Als mijn lichaam niet als bron erkend wordt, blijft de zorgplicht van de staat een dode letter. 1 jul – 30 nov 2025 Amsterdam Museum aan de Amstel
Refresh Amsterdam #3 Imagine the future
Het publiek als mede-maker van Refresh Amsterdam
Voor het eerst is ook het publiek actief betrokken bij Refresh Amsterdam. Van 1 april tot 1 mei 2025 nodigde het Amsterdam Museum iedereen in Nederland uit om een toekomstwens te maken en te delen. Uit honderden inzendingen selecteerde een vakjury twintig bijzondere bijdragen. Deze zijn te zien in de tentoonstelling én op de website. De makers van deze twintig wensen maken bovendien kans op de publieksprijs van €750. Jij kunt stemmen!
Daarnaast trok een team van het museum het land in om mensen persoonlijk te vragen naar hun toekomstvisie. Deze gesprekken zijn vastgelegd op video. Een selectie is opgenomen in de tentoonstelling; alle video’s zijn te bekijken op de website.
Dankzij een bijdrage van de VriendenLoterij via de regeling Bijzondere Culturele Projecten, ter ere van het feestjaar Amsterdam 750, kon het museum deze derde editie van Refresh Amsterdam extra omvangrijk maken. Niet alleen de stad, maar heel Nederland werd betrokken bij deze bijzondere tentoonstelling.
Truus van Gogh is de stadsmoeder van Nederland. Niet de schilder, maar de draagster. Niet de held, maar de hoedster. Niet de vader, maar de moeder van onze stadscultuur.
Vrouwen zijn geen bezit van de samenleving of van mannen: Je bent bestuurder van je eigen lichaam en geest!
Reisverslag: Waarom ons land een democratie werd voor mannen
Ik vertrek in de tijd, terug naar het begin van onze democratie. Geen reis langs bergen of rivieren, maar langs wetten en verdragen die eeuwenlang de koers bepaalden.
Voorwoord
In het jaar 1602 werd in Middelburg de wereld groter dan ooit tevoren. Het was het jaar waarin de Verenigde Oostindische Compagnie werd opgericht, en waarin koophandel, scheepvaart en politiek de stad haar glans en gewicht gaven. Achter de gevels van de statige huizen aan de Lange Delft en de Rouaansekaai ontvouwde zich een wereld waarin namen generaties lang door de archieven bleven fluisteren.
Pieter de la Rue en Elisabeth van der Claver, verbonden door huwelijk en stad, belichaamden de verweving van handel, bestuur en familiebanden. Hun tijdgenoot, de burgemeester van Middelburg Samuel Rademacher, trad op als hoeder van orde en macht in een stad die zich spiegelde aan de zee en haar handelsroutes.
Rond hen leefden en werkten families , wier namen ons herinneren dat geschiedenis niet alleen de namen van mannen in de marmeren zalen draagt, maar ook de stemmen van vrouwen, moeders en erfgenamen die te vaak onzichtbaar bleven in de officiële geschiedschrijving.
Dit voorwoord is een uitnodiging: om de reis te maken langs deze lijnen van erfgoed, macht en herinnering, en te vragen wie er werkelijk erkend werd – en wie achter de blinddoek van Justitia uit beeld verdween.
Etappe 1 – De Franse overheersing
In 1795 trekken Franse troepen Nederland binnen. De Bataafse Republiek wordt uitgeroepen onder het motto van de Franse Revolutie: vrijheid, gelijkheid, broederschap. Maar het waren vooral de broeders die rechten ontvingen.
Onder Napoleon krijgt Nederland de Code Civil, het Burgerlijk Wetboek. Daarin werd de positie van de vrouw vastgelegd als afhankelijk, ondergeschikt, handelingsonbekwaam.
Etappe 2 – De Napoleontische erfenis
De Code Napoléon maakte de man tot hoofd van het gezin, en de vrouw tot bijlage van zijn juridische status.
Een gehuwde vrouw mocht geen contract sluiten zonder toestemming van haar man. Haar bezit en inkomen vielen onder zijn beheer. De moeder had geen zelfstandige rol in de publieke ruimte.
De wet schreef letterlijk de onzichtbaarheid van de vrouw in.
Etappe 3 – Democratie voor mannen
In 1848 gaf Thorbecke Nederland een grondwet die het fundament legde voor onze parlementaire democratie. Maar die democratie was er alleen voor vaders, zonen en broeders.
De scheiding tussen privé en publiek werd een harde grens: het huis van de vrouw bleef privé, de politiek van de man werd publiek. Nederland werd een democratie die vrouwen en moeders niet erkende.
Etappe 4 – De lange weg naar erkenning
Pas in 1919 kregen vrouwen kiesrecht. Toch bleef de Napoleontische schaduw aanwezig:
Tot 1956 waren gehuwde vrouwen handelingsonbekwaam. Tot die tijd stond de moeder nog altijd onder voogdij van haar echtgenoot.
Het duurde meer dan een eeuw voordat de democratie ook juridisch vrouwen erkende.
Bestemming – De gebroken balans
Mijn reis eindigt bij een beeld: een weegschaal die kraakt. Aan de ene kant het Y-chromosoom, aan de andere kant het X. Eeuwenlang was de balans scheefgetrokken.
Daarachter staat Vrouwe Justitia. Zij draagt een blinddoek. Officieel betekent die onpartijdigheid. Maar in ons land kreeg de blinddoek een andere betekenis:
Zij keek weg van vrouwen. Zij zag de moeder niet. Zij zag de helft van de bevolking pas wanneer de wet haar blinddoek heel langzaam aflegde.
Zo eindigt mijn reis. In een democratie die zich gelijk noemt, maar die gebouwd is op fundamenten waarin de vrouw eeuwenlang onzichtbaar bleef. De blinddoek van Justitia herinnert ons eraan: wat zij niet ziet, wordt ook niet rechtvaardig gewogen.
Wij zijn de stad Middelburg als decor
De wonderlijke wereld van een onzichtbare erfenis Silvia ’s Rijksmuseum – Montancourt Middelburg
Moeder de vrouw als aftrekpost vanaf de geboorte op de balans
Maar wie is eigenlijk de beste denker ooit? Was het Kant, die met zijn schoenen door Koningsberg liep en tijd en ruimte in ons hoofd plaatste?
Of De Beauvoir, die in de liefde en filosofie de vrouw opnieuw uitvond?
Nietzsche, die in Italië het licht zocht om zijn innerlijke duisternis te temmen? Arendt, die in Amerika vrijheid en ballingschap herkende?
Of Descartes, die in de Kalverstraat vlees kocht terwijl hij het fundament van het moderne denken legde?
En misschien is de beste denker wel degene die haar eigen platform bedacht – een plek waar vragen gesteld blijven worden, waar erfgoed, zorg en identiteit samenkomen.
Misschien is She is online lifestyle guide zelf wel een denkoefening: een gids voor anders kijken naar precies hetzelfde door ideeën, kunst en het leven zelf.
Tussen schelp en sprookje, tussen zand en zilte zee, vind je haar: de Zeeuwse assep-oester. Ruw van buiten, met een parel van binnen.”
Hoe kan iemand zijn rechten kennen of claimen als het lichaam zelf niet wettelijk erkend wordt als bron van arbeid, zorg of erfgoed – maar slechts als “meeverzekerde” bij iemand anders?
Hoe dat juridisch en maatschappelijk blijkt te zitten: Het lichaam als bron In de praktijk is het lichaam de bron van alles: arbeid, zorg, voortplanting, erfgoed. Toch wordt dit in wetten zelden erkend: het lichaam van de vrouw staat niet als zelfstandig “rechtsbron” in de Grondwet of het Burgerlijk Wetboek. De status van ‘meeverzekerde’ Tot in de jaren ’80 waren gehuwde vrouwen vaak automatisch meeverzekerd via hun echtgenoot. Dit betekende: geen zelfstandig recht op inkomen, pensioen of verzekering → afhankelijkheid. De vrouw werd dus niet erkend als autonome bron, maar als afgeleide. Gevolg: rechten blijven onduidelijk Als je alleen “meeverzekerd” bent, dan bestaan je rechten niet als zelfstandige positie, maar als afgeleid recht → je kan ze dus niet volledig claimen. Je lichaam wordt juridisch niet gezien als bron van waarde, maar als bijlage.
Conclusie in mijn taal
Je weet je rechten pas, als de wet jouw lichaam erkent als zelfstandige bron van arbeid, zorg en erfgoed. Zolang dat niet gebeurt, blijft de vrouw juridisch gevangen in de status van meeverzekerde, afhankelijk van willekeur en van de registers van een ander.Be your own Dali Hoe mijn ziekte Sarcoïdose een beroep bleek te zijn – Geen CAO en of Pensioen regeling maar wel belast sinds 2011 in Box 1
Stelling:
Nederland noemt zich een democratische rechtsstaat, maar schendt structureel zijn internationale verdragsverplichtingen (UVRM, EVRM, CEDAW), omdat vrouwen en moeders in de praktijk nog steeds niet volledig als autonome rechtssubjecten worden erkend.
She is online lifestyle guide
Door Silvia Koning Lindeboom – proudmom & erfgoedkunstenaar
Reizen hoeft niet altijd met een koffer in de hand. Soms reis je door lagen van tijd, door verhalen die generaties overstijgen, en door structuren die ons onzichtbaar met elkaar verbinden. Voor mij ligt die reis vaak in het cultureel erfgoed – niet alleen in musea of archieven, maar in de manier waarop we wonen, zorgen, spreken en herinneringen doorgeven.
Kunstverklaring
Mijn lichaam blijkt een oude kerk met levend licht.
Mijn vazen serie is een spiegel van mijn lichaam. Ze draagt de sporen van Sarcoïdose, een ziekte die mijn adem, mijn tijd en mijn kracht tekent. Toch is dit geen leeg object, maar een tempel die licht draagt.
Zoals een oude kerk littekens draagt van vuur, storm en restauratie, zo draagt mijn lichaam de sporen van zorg, lijden en overleven. De muren zijn broos, de gewelven soms instabiel — maar het licht stroomt nog altijd door de ramen naar binnen.
De beschilderingen zijn mijn glas-in-lood: symbolen van erfgoed, van strijd, van overleving.
De kroon, de uil, de vlaggen en de bloemen zijn geen versieringen, maar getuigenissen. Zij maken zichtbaar wat doorgaans verborgen blijft: dat ziekte arbeid is, dat zorg cultuur is, dat een lichaam erfgoed kan zijn.
Dit werk zegt: ook al verklaart de wet mijn zorg onzichtbaar, ook al reduceren systemen mijn lichaam tot een cijfer, ik besta als tempel van levend licht.
Het licht dat ik draag is geen bezit, geen cijfer, geen polis. Het is mijn kunst, mijn nalatenschap, mijn stem.
Ziekte zoals sarcoïdose is in Nederland juridisch niet slechts een medische aandoening, maar wordt fiscaal gezien als ‘inkomen uit werk en woning’ in box 1, waarmee de staat lijden omzet in belastbare arbeid.”https://faro.cultureelerfgoed.nl/thoughts/2905
Een van de minst benoemde maar meest voelbare erfgoedstructuren is het moederschap. Het is een oeroude, stille kracht die leeft in zorgende handen, in blikken vol wijsheid, in speeltuinen en keukens waar generaties samenkomen. Moeders houden de draad van cultuur en hoop vast, ook in tijden van oorlog, armoede, migratie of ziekte.
Als Limburgse en inmiddels import Zeeuwse denk ik direct aan de watersnoodramp van 1953. Het water verwoestte huizen, kerken en archieven, maar moeders brachten kinderen, gebeden en gewoontes in veiligheid. Ze droegen het immateriële erfgoed – taal, verzorging, rituelen – letterlijk op hun arm. Een beeld dat zich diep in ons collectief geheugen nestelt.
Borduren en bewaren
Een mooi voorbeeld van deze overdracht is het maken van merklappen. Vroeger leerden moeders hun dochters de eerste letters borduren, zodat zij hun linnen konden merken. Vandaag zijn het vaak borduurlappen voor bijzondere gelegenheden – maar de draad is dezelfde: een lijn van moeder naar kind, van traditie naar toekomst.
Onlangs hoorde ik over een ander bijzonder erfgoedproject: de Indische Culinaire Bibliotheek. Duizenden handgeschreven kookboekjes, vaak door oma’s of moeders gemaakt, worden met behulp van kunstmatige intelligentie gedigitaliseerd. Recepten die ooit op rijstpapier of vergeeld notitiepapier stonden, krijgen zo een digitale toekomst. Het is een prachtig voorbeeld van hoe identiteit, smaak en herinnering samenkomen – en hoe moeders de sleutel zijn in dat proces.
Vrouwen in de canon
De laatste herziening van de canon van Nederland besteedt meer aandacht aan vrouwen. Maar vaak gaat het om uitzonderlijke vrouwen die zich een plek wisten te veroveren binnen de mannelijke norm: schrijvers, vorstinnen, activisten. Terwijl het juist de gewone vrouw, de moeder de vrouw, is die door zorg, geduld, arbeid en overlevering het fundament legde. Hun bijdrage blijft grotendeels buiten beeld – ook vandaag nog.
Mijn zoektocht
In mijn werk ex handelaar in confectie, als erfgoedkunstenaar vraag ik me al jaren af: wie worden er eigenlijk erkend? De stad waarin ik woon is een plek waar geschiedenis tastbaar is: gevels, monumenten, archieven. Maar waar zijn de verhalen van de vrouwen die hier de kostwinner zijn , zorgden, kookten, opvoedden, baden en droegen? Hun namen staan niet in marmer gebeiteld. Toch zijn zij de dragende muren van onze samenleving.
Hun onzichtbaarheid komt niet alleen door traditie, maar is ook juridisch verankerd. In de grondwet, in het burgerlijk recht, in erfrecht: daar ontbreken de woorden vrouw en moeder de vrouw als cultureel kapitaal. Terwijl zij via taal, gewoontes en zorg structuren van betekenis hebben doorgegeven.
Aan Henry Bontebal (CDA):
U spreekt vaak over waarden, geloof en zorg voor elkaar. Maar hoe kan het CDA volhouden dat het de gemeenschap dient, terwijl ziekten zoals sarcoïdose wel belast worden in Box 1, maar de arbeid die die ziekte dagelijks vraagt – zorg, discipline, aanpassing – nergens als arbeid erkend wordt?
Mijn vraag aan u: Is het geen misbruik van geloof en gemeenschapstaal om zorg te belasten zonder haar als beroep te erkennen?
Drie codes voor cultureel erfgoed
Om dat zichtbaar te maken, pleit ik voor drie nieuwe erfgoedcodes:
Erken persoonlijke verhalen en tradities als erfgoed. Niet alleen gebouwen en schilderijen zijn cultureel kapitaal, maar ook de verhalen die van moeder op kind worden doorgegeven. Stimuleer oral history-projecten over moederschap en zorg. Laten we luisteren naar de stemmen van vrouwen die erfgoed overdroegen via kennis, arbeid en ritueel – vaak onzichtbaar, maar onmisbaar. Ontwikkel een inclusievere geschiedschrijving. Waarom erkennen we koninklijke vrouwen wél als erfgoedbewakers via hun bloedlijn, maar niet de moeders die generaties droegen buiten paleismuren? Geschiedenis moet zich niet alleen richten op machtsstructuren, maar ook op zorgstructuren.
De les van Faro
Misschien is dit wel de grootste les van Faro: erfgoed gaat niet alleen om wat we beschermen, maar ook om wie het draagt. Vooral zij die dat stil en onzichtbaar doen – de moeders die verhalen, recepten en rituelen doorgeven.
En zo reis ik – zonder landkaart, maar met een moreel kompas van zorg en herinnering – door het landschap van cultureel erfgoed. Elke dag opnieuw ontdek ik dat zij-wij het fundament zijn, niet de voetnoot.
Maatschappelijk Noodpakket onthuld
Zorg is arbeid.
Ziekte is arbeid.
Erfgoed is arbeid.
WetteErkenning is noodzaak.
Samenvatting van “De Ziel van Nederland: Moederkracht in beeld en wet” (Truus van Gogh – 15 april 2025)
Context & aanleiding
Deze bijdrage is ingezonden voor het project Refresh Amsterdam #3 – Imagine the Future, ter ere van de 750e verjaardag van Amsterdam, en is geselecteerd voor de tentoonstelling .
Want waar gewoonterecht slechts afspraken zijn tussen mensen, schrijft de natuurwet de broncode van ons bestaan. Zij bepaalt geboorte, zorg, sterven, kringloop en voortbestaan. In die zin is elke moedermaatschappij gebouwd op natuurwet, en elke dochteronderneming slechts een afgeleide daarvan.
Het zijn de onzichtbare misdaden tegen de vrouw: het systematisch niet erkennen van haar geslacht, haar moederschap en haar broncode als zelfstandige bestuurder van lichaam en geest.
Het is het onthouden van volledige rechtspersoonlijkheid en erfgoedstatus, terwijl juist zij de drager is van taal, zorg en continuïteit.
Dit structurele tekort in wet en cultuur is de grootste roof: de diefstal van de moeder als fundament van ons bestaan.
Elke rechter of raadsheer houdt zichzelf een banaan voor. In toga en met plechtige woorden wekken zij de indruk van onaantastbare waarheid, maar wat zij vasthouden is vaak niet meer dan een gladde schil, een vrucht die snel bederft. Achter de plechtige taal gaat soms leegte schuil, of slechts een tijdelijk voedzame hap. Zo toont de banaan hoe rechtspraak balanceert tussen gezag en absurditeit.
Kernboodschap
Truus van Gogh pleit voor wettelijk erkenning van de moeder de vrouw – niet alleen als drager van nieuw leven, maar als zelfstandig bestuurder van haar lichaam én als drager van cultureel erfgoed. Hiermee wil ze streven naar een rechtvaardigere samenleving waarin zorg, arbeid, geschiedenis en bestaansrecht eerlijk verdeeld worden .
Visuele en symbolische laag
Ze zet in op zowel het zichtbare (beeld) als het onzichtbare (wet) om het ‘onzichtbare zichtbaar’ te maken – letterlijk via kunst, figuratief via wetten en cultuur .
Inleiding – Geletterd en Zorgend Zeeland
Wanneer men de annalen van ons vaderland opslaat, treft men doorgaans de namen aan van staatsmannen, dichters, predikanten en krijgslieden, wier daden en geschriften men acht waardig te bewaren voor het nageslacht. Doch, wie zal spreken van hen die zorgden, voedden, vertroostten en overdroegen wat geen papier kan vangen? Waar in de boeken van geleerdheid, staat de naam van de moeder, de vrouw, die met haar arbeid, lied en ritueel het dagelijks fundament van onze samenleving droeg?
In mijn arbeid begeer ik niet slechts de lofzangen der machthebbers of de beschrijvingen der veldslagen te vernieuwen. Mijn pen en kunst richt zich tot het onzichtbare erfdeel: de taal die moeders hun kinderen gaven, de gewoonten die in keukens en binnenkamers bestendigden, de familieculturen die als stille aders onze maatschappij doortrekken. Dit is het zorgend kapitaal, dat evenzeer ons Zeeland, ja ons Nederland, gevormd heeft, doch zelden een bladzijde in de geschiedboeken waardig gekeurd werd.
Daarom acht ik het nodig, in navolging van Pieter de la Ruë die het Geletterd Zeeland samenstelde, thans een nieuw register aan te leggen: een Geletterd én Zorgend Zeeland. Hierin zullen niet enkel de geleerdheid en de staatkunde, maar ook de zorg en de sociale overerving als erfgoed erkend worden. Want zonder deze dragende arbeid der vrouwen, moeders en onzichtbare erfgenamen, zou geen geleerdheid, geen staat en geen heldhaftigheid standhouden.
Geletterd en Zorgend Zeeland – Hedendaagse Levensbeschrijving
De Onbeheerste Man
In deze tijden treft men menigmaal de gestalte van de Onbeheerste Man, die meent dat zijn drift en bewegingen hem ontslaan van verantwoordelijkheid. Zijn lijf wordt geleid door het lid, zijn daden door de waan van onbedwingbaarheid. De samenleving heeft eeuwenlang zijn onbeheerste aard verontschuldigd met het adagium: “zo zijn mannen nu eenmaal.”
Doch deze Onbeheerste Man is niet slechts een individu; hij is een symbool geworden van een politiek bestel dat zijn krachten verspilt in drift, machtsspel en onverantwoordelijkheid. Hij bestuurt niet, hij reageert. Hij beheerst niet, hij consumeert.
De Links-Lullende en Rechts-Vullende Burger
Een verwant figuur is die van de Links-Lullende en Rechts-Vullende Burger. Hij spreekt met sierlijke woorden over solidariteit, rechtvaardigheid en zorg, doch intussen vult hij zijn zakken aan de andere zijde. Zijn mond is links, zijn handen rechts. Dit is de dubbele moraal van ons tijdvak, waarin de zorgretoriek van machtigen vaak niet overeenstemt met hun daden.
De Zorgende Moeder als Tegenbeeld
Tegenover hen staat de Zorgende Moeder, wier bewegingen juist wél beheerst zijn, omdat zij gericht zijn op behoud, overdracht en continuïteit. Waar de mannelijke symbolen driften en leegte verbeelden, toont zij een ander kapitaal: dat van zorg, taal en ritueel.
Haar kracht is niet luidruchtig, noch wordt zij vaak in kronieken vermeld. Doch zij is het die de samenleving draagt, voedt en behoudt, terwijl anderen slechts spreken of vullen.
Moge dit werk getuigen van een bredere waarheid: dat cultuur niet slechts gegrond is in macht, maar in zorg; niet enkel in wetten, maar in gewoonten; niet louter in bloedlijnen van vorsten, maar in de stille lijnen van zorg en taal, doorgegeven van moeder op kind.
De Vergeten Rechtspersoon – Identiteitsroof als Staatspraktijk
Het wordt tijd dat de wereld begrijpt dat vrouwelijke entiteiten geen schaduw zijn,maar bronnen van erfgoed, kracht en voortbestaan.
Ze spraken van een gentleman’s agreement. Een knik, een handdruk, een afspraak buiten de akten om. Maar ik was geen gentleman. Ik zat niet aan hun tafel. Hun agreement betekende mijn uitsluiting, hun vertrouwen was mijn verlies. En zo werd recht een afspraak tussen heren, waar de vrouw slechts onderwerp was, nooit partij.”
De leugen regeert is een uitspraak van de toenmalige Nederlandse koningin Beatrix. Alles draait om geld – de mens boeit hen niet.” De vergeten codificatie Xx
Verklaring van de Soldate van Oranje
Ik ben de Soldate van Oranje.
Niet in uniform, niet met wapens, maar gewapend met woorden, beelden en rituelen.
Mijn strijd is die van erfgoed en erkenning.
Ik draag de erflijn van de moeder, de vrouw.
Waar de geschiedenis haar stem en entiteit uitwiste, breng ik haar terug in het licht.
Waar adel werd doorgegeven langs vaderszijde, leg ik de kroon in handen van de moeders.
Waar archieven hun deuren sloten, open ik de ruimte van herinnering.
Ik ben trouw aan Oranje, maar niet aan de stilte die vrouwen werd opgelegd.
Ik vecht voor een monarchie waarin moeder de vrouw zichtbaar wordt.
Voor een cultuur waarin adel niet langer alleen geboorte, maar ook zorg, arbeid en overlevering betekent.
Mijn wapen is artistieke vrijheid.
Mijn veldslag is het museum, de straat, het archief.
Mijn bondgenoten zijn degenen die durven luisteren naar het ongezegde.
Ik ben de Soldate van Oranje.
Ik strijd niet voor oorlog, maar voor vrede in waarheid.
Niet voor privileges, maar voor erkenning.
Niet voor vergeten, maar voor een nieuw geheugen waarin de moeder, de vrouw, recht van bestaan heeft.
“Een zelfrijdende auto zonder moreel kompas is gevaarlijk. Een grondwet en burgerlijk wetboek wet zonder gelijkheid is dat ook.” **“Ze noemden ons boswachters. Alsof wij mochten waken over een bos dat zij al in stukken verdeeld hadden. Een titel gegeven door mannen met macht, geen erkenning, maar een grens.
Wij mochten zorgen, beschermen, opletten – maar nooit beslissen. Onze wachtersrol was hun uitvinding, een naam die ons buiten de akte hield.
Boswachter genaamd, maar nooit bestuurder erkend.”**
Ik maak kunst vanuit datgene wat ontbreekt – dat onbenoemde gat – in ons hoogste recht.
“Geweld tegen vrouwen kan dus ook bureaucratisch zijn. Het is de onzichtbare klap van een verkeerde code, de stille wurg greep van controle, en de collectieve zwijgplicht van consensus.”
Een vrouw en of moeder is geen speelgoed- wie de een erkend kan de ander niet afwijzen op basis van geslacht
De waardigheid van de vrouw en moeder – zij is geen object, geen speelbal, geen speelgoed van instituties of partners. Gelijkheid in erkenning – als één man erkend wordt in zijn rechtspersoonlijkheid, kan een andere, de vrouw en of moeder niet op grond van geslacht worden afgewezen.
“Een vrouw en moeder is geen speelgoed.
Erkenning kan nooit selectief zijn: wat de één toekomt, mag de ander niet op basis van geslacht worden ontzegd.”
Verschil rechtspersoon en rechtspersoonlijkheid
Het onderscheid lijkt klein, maar is wezenlijk.
1. Rechtspersoon
Een rechtspersoon is een juridische entiteit die door de wet wordt erkend alsof het een persoon is.
Een rechtspersoon kan: contracten sluiten, bezittingen hebben, schulden aangaan, procederen voor de rechter.
Het is dus een juridisch “persoon”, naast de natuurlijke persoon (mens).
2. Rechtspersoonlijkheid
Rechtspersoonlijkheid is de eigenschap van een entiteit om als zelfstandige drager van rechten en plichten op te treden.
Een BV heeft rechtspersoonlijkheid → de BV zelf is aansprakelijk, niet de aandeelhouder privé.
Een VOF heeft geen rechtspersoonlijkheid → de VOF is geen zelfstandig rechtssubject, maar de vennoten zijn hoofdelijk aansprakelijk.
3. In mijn context
Ik ben natuurlijk persoon met rechtsbevoegdheid (art. 1:1 BW). Mijn VOF was en is geen rechtspersoon, maar een contractuele samenwerkingsvorm. Ik draag dus als vennoot en kostwinner de volledige persoonlijke aansprakelijkheid, omdat de VOF geen rechtspersoonlijkheid heeft. Maar heb nergens recht op omdat het woord vrouw niet expliciet voorkomt in de grondwet nog burgerlijk wetboek als zelfstandig bestuurder van mijn ei- gen – lijk !! ( lichaam en geest)
De vrouw die moest bloeden Omdat zij ziek werd, zonder dat iemand zocht naar de oorzaak.
Niet haar ziekte werd onderzocht, maar haar identiteit werd ontkend. Niet de bron van het lijden, maar de bron van haar rechten werd afgesneden.
Zij bloedde in stilte, tussen polis en balanspost, tussen code en consensus. Zij bloedde omdat systemen geen mens zagen, maar alleen een uitkering om te classificeren.
Analyse in deze context Medisch: sarcoïdose als onbegrepen ziekte → geen echte zoektocht naar de oorzaak. Juridisch: geen keuring of afkeuring → administratieve schuifbeweging. Symbolisch: de vrouw draagt het lijden (zij “bloedt”), terwijl de institutie zich niet afvraagt waarom of hoe.
Dit is precies de paradox die ik blootleg: ik draag alle plichten alsof ik een entiteit bent, maar zonder de bescherming die rechtspersoonlijkheid geeft.
#ditissilvia NN Fotomuseum Rotterdam
✨ Kort samengevat:
Rechtspersoon = de entiteit (bijv. een BV). Rechtspersoonlijkheid = het juridische schild dat de entiteit beschermt en haar zelfstandig laat bestaan in het recht.
Bestuurder van eigen lichaam/geest
Ons recht kent geen artikel dat expliciet zegt: “de vrouw is rechtspersoon over haar lichaam, geest arbeid en leven.” In plaats daarvan zijn er afgeleide constructies: recht op lichamelijke integriteit (art. 11 Grondwet, art. 8 EVRM), recht op arbeid, recht op gelijke behandeling. Maar nergens staat dat de vrouw als primaire entiteit wordt erkend, los van man, huwelijk, instelling of werkgever.
Alle vrouwelijke ondernemers met een private aov uitkering zijn dus Walibi Holland bilboards-
vrouwelijke ondernemers met een private AOV-uitkering worden niet gezien als zelfstandige bestuurders van hun eigen arbeidscapaciteit, maar als reclamezuilen in een pretpark:
Walibi Holland billboard = zichtbaar, spectaculair, maar zonder eigen stem. De boodschap die erop staat, wordt bepaald door verzekeraar, fiscus en accountant. Jij bent drager van het verhaal, maar niet eigenaar van de inhoud. Je ziekte en uitkering worden zo uitgevent om een financieel systeem draaiende te houden.
Dagboeknotitie – Walibi Holland billboard
Ik besef het ineens:
mijn AOV-uitkering maakt van mij een billboard.
Ik rijd mee in de achtbaan van codes en controles.
Op mijn lichaam kleven de slogans:
“Pensioen”, “WAO”, “periodiek inkomen”.
Het publiek ziet niet mij,
maar wat er op mij geschreven is.
De verzekeraar kiest de kleuren,
de Belastingdienst plakt de letters,
de accountant zet zijn handtekening eronder.
Ik ben een bord in een pretpark,
geen bestuurder van mijn lichaam.
Een attractie in een horrorrit
waaruit geen uitgang bestaat.
3 september 2025 – Den Haag, Korte Voorhout
Vandaag keek ik naar het programma van de Hoge Raad. Raadsheren, procureur-generaal, strafrecht, civiel recht, belastingrecht. Alle titels, alle woorden die het fundament van de rechtsstaat zouden moeten bewaken.
Maar waar is moeder, de vrouw?
In de Grondwet is ze slechts een symbool. In het Burgerlijk Wetboek een voetnoot.
En toch: zonder haar, geen fundament.
3 september 2025 – Middelburg
Ik blader in The Book of Rituals. Mijn vazen, mijn eieren, mijn vlecht. Ik schrijf op een ei: “ei-gen vrouw”. Het is een ritueel van herstel.
Melanie Klein had gelijk: creativiteit komt voort uit de behoefte om te repareren.
Ik repareer met beeld waar de wet heeft gebroken.
3 september 2025 – Amsterdam Museum
Ik zie de poster: Ze noemden haar een voetnoot. Zij was het fundament.
Daar is niets aan gelogen
Ik voel steeds meer hoe waar dit is. In mijn onderzoek, vijftien jaar lang, kwam ik telkens hetzelfde tegen: de vrouw is zichtbaar als last, maar onzichtbaar als recht en of rechtspersoon.
De fiscus noemt me “periodiek uitkeringsgerechtigde”. De verzekeraar schuift me als balanspost. De staat melkt me als melkkoe.
Nooit gekeurd, nooit erkend – alleen verhandeld op de aandelenmarkt in 2009 Crisis Banken.
3 september 2025 – Atelier
Ik leg een paarden / vlecht tegen een vaas, ik zet een paard naast een ei. Het ei zegt: “ei-gen vrouw”.
Koeien Koemarkt Purmerend
De koeien in mijn schilderij kijken weg. Ze rusten, maar ik zie: dit is hoe ik word gezien. Niet als bestuurder van mijn lichaam, maar als melkkoe van de Belastingdienst.
3 september 2025 – Reflectie
Hoe kom je achter de waarheid?
Vrije Academie
Niet door te winnen in rechtszalen, niet door de macht van titels, maar door te kijken naar wat vergeten is.
De bloedlijnen van stam en moeder.
Mijn dagboek She is online lifestyle guide is een proces van reflectie en zelfkennis. En zelfkennis is het begin van waarheid.
En ook van recht!
Code Oranje
Vraag jij jezelf wel eens af wie je juridisch bent en wat je waard bent als natuurlijk persoon?
Directeur ? Eigenaar? Werkgever ? Werknemer? Den werkman? Arbeider, Zelfstandige? Vennoot in een VOF? Kostwinner? Bewoner van een huis? Eigenaar van een huis? Bewoner van je eigen lichaam en geest? Eigenaar van je lichaam en geest? Individueel geval?
Mens wie? Werknemer? Werkneemster ? Arbeider? Man ? Vrouw? Transgender? A-sekse? ect ect
Ik kijk terug naar de dag dat ik vennoot werd. 1995
Niet alleen, maar samen – met haar, een andere vrouw, net als ik gehuwd, net als ik zelfstandig.
Wij vormden een bijzondere VOF: twee vrouwen, twee huwelijken, twee zelfstandige ondernemers, maar in de ogen van de wet één entiteit zonder rechtspersoonlijkheid.
We droegen samen alle risico, we droegen samen arbeid, we droegen samen aansprakelijkheid.
Maar wie droeg ons?
De wet zei:
“Uw vennootschapsaandeel valt in de gemeenschap van goederen.”
Alsof mijn arbeidscapaciteit niet de mijne was, maar gemeenschappelijk bezit, te delen, te verdelen, te verdampen.
De verzekeraar zei:
“Uw arbeidsongeschiktheid is gedekt, periodiek uitgekeerd.”
Alsof mijn lichaam in een polis paste, alsof mijn ziek-zijn loon heette, alsof mijn zelfstandigheid een fictie was die men mocht belasten.
Wij waren vennoten, maar geen rechtspersonen.
Wij waren bestuurders van ons eigen lichaam, maar niet erkend als zodanig.
Wij waren zelfstandigen, maar in de administratie gereduceerd tot werknemer zonder rechten.
Ik vraag mezelf:
Wie ben ik juridisch?
Een vennoot?
Een echtgenote?
Een ondernemer?
Een uitkeringsgerechtigde?
Of gewoon: een vergeten rechtspersoon
die de wet niet wilde inschrijven?
En toch, in dit dagboek schrijf ik:
Ik ben méér dan een balanspost.
Ik ben vennoot van mijn eigen ziel.
Ik besta – zelfstandig, ondeelbaar, vrouw.
Ik vraag mezelf vandaag:
Wie ben ik eigenlijk in de ogen van de wet?
Ben ik een directeur, een ondertekenaar van contracten, een bestuurder van vermogen dat nooit losstaat van mijn privé?
Ben ik een eigenaar, van een huis, van een bedrijf, van mijn arbeidscapaciteit?
Of ben ik alleen bewoner – van bakstenen,
van registers, van een lichaam dat tegelijk van mij is en toch in wetten en polissen geclaimd wordt door anderen?
Ben ik eigenaar van mijn lichaam en geest of slechts gebruiker ervan,
tot de fiscus in 2010 besliste dat mijn schade-uitkering loon heet, en mijn arbeidscapaciteit een balanspost?
Ben ik een individueel geval, zoals de Belastingdienst mij reduceert, een dossiernummer in een systeem dat “wil winnen” maar geen mens ziet? Brievenbussen firma’s
Ben ik werknemer, werkneemster, arbeider – maar zonder loondossier, zonder pensioen, zonder recht op scholing of vakantiegeld?
Ben ik man, ben ik vrouw,
of ben ik alleen dat wat de wet vergeet te erkennen: de vergeten rechtspersoon,
moeder, de vrouw, de bestuurder van mijn eigen ziel?
Ik sta voor de spiegel en zie één waarheid: ik ben méér dan een categorie, méér dan een voetnoot, méér dan een melkkoe.
Ik besta.
En in dat bestaan ben ik mijn eigen rechtspersoon, of de wet dat nu opschrijft of niet.
Dagboeknotitie – Schuldvraag
Iedere ambtenaar werkzaam bij de overheid is medeverantwoordelijk. Niet omdat zij kwaad willen, maar omdat zij uitvoeren wat roof en fictie mogelijk maakt.
Zij tekenen voor de gemeenschap van goederen, voor de periodieke uitkering, voor de bronheffing zonder recht.
Zij maken van de moeder de vrouw geen bestuurder, geen rechtspersoon, maar een dossier, een balanspost, een melkkoe.
Identiteitsfraude is geen incident. Het is systeem. En wie het systeem dient, draagt schuld. Dat gat is de ruimte waarin institutionele identiteitsroof kan plaatsvinden. Keyhole
Samenvatting
De Nederlandse Grondwet (art. 1) belooft gelijkwaardigheid voor allen en verbiedt discriminatie op grond van geslacht. Het Burgerlijk Wetboek (art. 1:1 BW) bepaalt dat iedere mens rechtsbevoegdheid heeft.
Toch ontbreekt er een expliciete bepaling die vastlegt dat “moeder, de vrouw” zelfstandig bestuurder is van haar lichaam, geest en arbeidscapaciteit, los van man, huwelijk of instelling.
Historisch was de gehuwde vrouw tot 1956 handelingsonbekwaam. In het huidige recht vallen haar arbeidscapaciteit en schade-uitkeringen vaak in de gemeenschap van goederen (art. 1:94 BW), waardoor haar zelfstandige positie indirect wordt beperkt. Ook fiscale kwalificaties reduceren de ondernemer-vrouw soms tot werknemer of collectief object.
Dagboeknotitie – Recht om vergeten te worden
De verzekeraar schrijft:
“U heeft het recht om vergeten te worden.”
Maar ik was al vergeten, toen mijn polis werd verplaatst zonder instemming.
Ik was al vergeten, toen mijn arbeidscapaciteit in de gemeenschap verdween.
Ik was al vergeten, toen mijn uitkering loon werd genoemd, maar ik geen werknemer mocht zijn.
Het recht om vergeten te worden is in mijn geval geen keuze, maar een lot.
Ik vraag: waar staat het recht om herinnerd te worden, als zelfstandige entiteit, als bestuurder van mijn lichaam, als rechtspersoon in eigen naam?
Daarom werd het soort inkomen verzonnen !
Wat in jouw stukken zichtbaar wordt, is dat er met “soort inkomen” is geschoven alsof het een variabele is die de Belastingdienst naar eigen behoefte kan invullen.
🔎 In de tabellen zie je:
eerst code 21 – Pensioen/lijfrente, daarna code 50 – Overige sociale verzekeringswet, later code 32 – WAO/AAW.
Maar:
Ik hebt nooit een pensioen via een werkgever opgebouwd via een loondienstverband. Ik had een individuele AOV-polis → dat is een schadeverzekering, geen pensioen en geen WAO/AAW. Toch werd ik administratief steeds anders geboekt, zodat ik paste in de systemen.
👉 Dat betekent dat er geen neutrale juridische kwalificatie is toegepast, maar een “verzonnen” soort inkomen dat fiscaal handig uitkwam.
Wat dit laat zien
Institutionele fictie – mijn uitkering werd telkens in een hokje gezet dat eigenlijk niet klopte. Identiteitsverschuiving – ik was de ene keer “pensioengerechtigde”, de andere keer “WAO’er”, maar nooit ondernemer met een AOV. Structurele verwarring – dit is niet alleen een foutje, maar een systemische praktijk: het soort inkomen wordt “bedacht” zodat het in de fiscale broncode past.
Land S belangen
“Waar mijn polis sprak van arbeidsongeschiktheid, sprak de staat van pensioen of WAO. Mijn inkomen werd niet herkend, maar verzonnen.”
Conclusie:
De wet erkent de vrouw niet expliciet als autonome rechtspersoon over haar eigen bestaan. Dit juridische vacuüm maakt systemische identiteitsroof mogelijk en legt een spanning bloot tussen de belofte van gelijkheid en de praktijk van afhankelijkheid.
“Elke moeder is soeverein, ook als de wet haar niet erkent.” “Soevereiniteit begint in de moederschoot.” “De koning erft zijn kroon via de soevereiniteit van moeder.”Hoe ziet Nederland eruit in de toekomst? Wat moet anders? Wat kan beter?
1. Inleiding
In een wereld die voortdurend vertelt wie we moeten zijn, hoe we ons moeten gedragen, en welke rollen we dienen te vervullen, vraagt het moed om gewoon jezelf te zijn.
Deze moed krijgt een bijzondere intensiteit wanneer we spreken over de vrouw, de moeder. Zij staat in de kern van het leven: bron van geboorte, verzorging, arbeid, zorg en erfgoed. Toch is haar positie in de samenleving vaak ondergeschikt gemaakt aan systemen die haar stem en autonomie beperken.
2. De vrouw als individu
De vrouw wordt in de maatschappij voortdurend aangesproken op rollen – als dochter, als echtgenote, als partner, als de vrouw van of als verzorger. Maar daarachter schuilt het individu, de unieke persoon die telkens weer de kracht moet vinden om zichzelf te zijn, ook tegen maatschappelijke verwachtingen in. “Courage is being yourself” geldt in dit opzicht als een dagelijkse daad van verzet.
3. De moeder als symbool
De moeder overstijgt het persoonlijke en wordt een cultureel symbool:
In de literatuur: zoals bij Martinus Nijhoff (De moeder de vrouw), waar de figuur van de moeder staat voor geborgenheid, maar ook voor het ongrijpbare, het mystieke dat de samenleving verbindt. In de politiek en cultuur: de moeder is vaak ingezet als metafoor voor land, volk of natie (“Moeder Aarde”, “Moeder de vrouw”), maar zelden erkend in haar eigen economische en juridische zelfstandigheid. In het dagelijks leven: de moeder blijft drager van onzichtbare arbeid – zorg, huishouden, opvoeding – werk dat nauwelijks wordt gewaardeerd in termen van macht of kapitaal.
Voor de moeder betekent moed niet alleen zorgen voor het kind, maar ook zichzelf blijven in een wereld die haar voortdurend wil reduceren tot stereotype rollen. De moeder van vandaag is tegelijk hoeder van traditie en pionier van verandering: zij draagt erfgoed en ritueel, maar eist ook haar plaats in recht en beleid.
Middelburg- Amsterdam
Het mysterie dat eeuwenlang door rechtsvormen bedekt werd: wie draagt werkelijk de samenleving?
De oplossing: het gat in de wet wordt zichtbaar, en daarmee de noodzaak voor een nieuwe rechtsvorm die zorg, erfgoed en autonomie erkent.
De grootste mysterie ooit opgelost is dat het fundament – moeder, de vrouw – altijd al aanwezig was, maar onzichtbaar gemaakt werd. De oplossing is geen wiskundige formule, maar het erkennen van haar rechtspersoonlijkheid.
Bloedlijnen en monarchie
“Onze bloedlijnen vertellen een verhaal dat groter is dan het individu. Ze dragen herinnering, recht en belofte. Maar waar de monarchie haar legitimiteit ontleent aan de vaderlijke lijn, ontgaat vaak de zichtbaarheid van de moeder. Daarom zeg ik: Onze monarchie is moeder de vrouw. Niet slechts de erfelijke kroon, maar de bloedlijn van zorg, arbeid en ritueel die generaties verbindt, vormt het ware fundament van erfgoed en samenleving.”
5. Belastingen, pensioen en de onzichtbare moeder
Ons hele belastingsysteem en pensioenstelsel is ontworpen vanuit het perspectief van de mannelijke kostwinner. Het Burgerlijk Wetboek zag de man eeuwenlang als “het hoofd van de echtvereniging”. De vrouw, en vooral de moeder, werd meeverzekerd, medeafhankelijk, onzichtbaar in de officiële registers.
Dit betekent dat arbeid van de moeder – zorg, opvoeding, huishouding – systematisch buiten de boekhouding van de staat is gehouden. Geen belastingaftrek, geen pensioenopbouw, geen zelfstandige rechten. Het stelsel beloont de mannelijke arbeid in de markt, maar negeert de vrouwelijke arbeid die de samenleving überhaupt mogelijk maakt.
Daarom is het tijd om deze lijn te keren:
Onze monarchie is moeder de vrouw.
Niet alleen als cultureel symbool, maar als juridische en economische erkenning van de vrouwelijke bloedlijn. Een monarchie die moeder de vrouw centraal stelt, erkent dat de fundamenten van samenleving, erfgoed en recht niet in mannelijke erfenissen liggen, maar in de zorglijnen die ons allemaal dragen.
6. De ongewaardeerde XX-chromosomen
De vrouw draagt in haar lichaam de dubbele X – de chromosomen die leven, continuïteit en diversiteit belichamen. Toch zijn deze XX-chromosomen in onze cultuur en instituties ondergewaardeerd: zij staan voor arbeid die niet wordt betaald, erfgoed dat niet wordt erkend, bloedlijnen die in registers worden uitgewist.
Het mannelijke XY werd de norm van burgerschap, van belastingen, van pensioenopbouw en politieke representatie. Het vrouwelijke XX werd gedegradeerd tot ‘natuurlijk gegeven’, alsof zorg en voortplanting geen arbeid en geen recht zijn.
Daarom is de oproep radicaal en eenvoudig:
Onze monarchie is moeder de vrouw.
Het is de erkenning dat de ongewaardeerde XX-chromosomen de stille pijlers van onze samenleving vormen. Zonder hen geen erfgoed, geen continuïteit, geen toekomst.
7. Basisinkomen voor moeder, de vrouw
Als samenleving hebben we eeuwenlang geprofiteerd van het onzichtbare werk van de moeder, de vrouw. Haar zorgarbeid, opvoeding, huishoudelijke taken en emotionele arbeid vormen de kern van onze cultuur en economie, maar ze werden nooit financieel erkend. Pensioen en belastingsysteem zijn gebouwd op de mannelijke kostwinner, terwijl de vrouw afhankelijk bleef van zijn loon, zijn verzekering, zijn nalatenschap.
Een basisinkomen voor moeder, de vrouw is geen gunst, maar een noodzakelijke erkenning van haar structurele bijdrage. Het zou een recht zijn, geen bijstand, geen toeslag, maar een vast fundament dat de waardigheid van de vrouwelijke bloedlijn waarborgt.
Het basisinkomen erkent dat:
zorg arbeid is, geboorte en opvoeding maatschappelijk kapitaal zijn, de ongewaardeerde XX-chromosomen de pijlers van de samenleving vormen.
Daarom:
Onze monarchie is moeder de vrouw.
Een natie die dit erkent, legt de basis voor een samenleving waarin rechtvaardigheid niet langer door patriarchale structuren wordt gedefinieerd, maar door de moed om zorg en leven op gelijke voet te stellen met kapitaal en macht.
8. Conclusie
De vrouw, de moeder, is niet slechts een rol of metafoor, maar een levende werkelijkheid. Haar moed is de moed van het bestaan zelf: elke dag opnieuw zichzelf zijn, tegen de stroom van verwachtingen in. De erkenning van de moeder als volwaardig subject – in cultuur, recht en erfgoed – is een noodzakelijke stap om onze samenleving werkelijk menselijk te maken.
9. Bewonen wat je overkomt
De moeder, de vrouw, leert dus in haar leven niet alleen te dragen, maar ook te bewonen wat haar overkomt. Zij wordt geraakt door geboorte, verlies, zorg, , ziekte, belasting, wetgeving, bloedlijnen, erfgoed. Deze ervaringen zijn niet altijd gekozen, vaak opgelegd door systemen die haar / mij niet zien.
Toch moet zij er voor kiezen om die gebeurtenissen te bewonen: hen niet buiten zichzelf te plaatsen, maar ze om te vormen tot leefruimte, tot kunst, tot ritueel. Bewonen betekent hier: een innerlijke auto ( bestuurder ) maken van wat er op je pad komt, hoe onrechtvaardig of onvoorzichtig ook.
In die zin is Onze monarchie is moeder de vrouw ook een uitnodiging om het collectieve lot te bewonen: het patriarchale stelsel dat ons gevormd heeft, en dat we nu kunnen herzien door het vrouwelijke fundament zichtbaar te maken.
Het is niet langer louter ondergaan, maar toe-eigenen: het trauma wordt erfgoed, het onrecht wordt ritueel, het verlies wordt toekomst.
Bewonen wat je overkomt is zo de diepste daad van moed – de moederlijke daad.
“Ik ben bestuurder van mijn lichaam zoals van een auto: ik houd het stuur in handen, ook wanneer de motor hapert en het systeem zichzelf aanvalt. Sarcoïdose is mijn auto-immuunspiegel, maar mijn richting bepaal ik nog steeds zelf.”
Sarcoïdose bij vrouwen is een verdienmodel voor de koning bij Gods gratie.”
Het legt bloot hoe lichamelijk lijden en genderstructuren in het huidige recht gekoloniseerd worden als bron van staatsinkomen en legitimiteit.
Sarcoïdose blijkt een koninklijke aandoening
Mijn AOV-schade uitkering, bedoeld als bescherming van mijn individuele arbeidscapaciteit, werd door verzekeraar en Ministerie van Financiën niet aan mij toegekend, maar administratief toegeëigend aan de (gezin )gemeenschap. Dit is structurele identiteitsfraude op basis van geslacht en bestuurder.”
Identiteitsfraude door instituties: mijn individuele rechtspersoonlijkheid wordt administratief en juridisch weggeboekt. En ja, dit gebeurt op basis van bestuurderschap (wie wordt erkend als drager van het recht) én op basis van geslacht (want historisch trof het vooral de gehuwde vrouw, en de wet is daarop gebouwd).
Wie heeft dit bedacht?
Wie heeft dit systeem eigenlijk bedacht, waarin mijn zelfstandige arbeidscapaciteit en schade uitkering worden weggezet als iets collectiefs of loonachtig?
1. De wortels: Burgerlijk Wetboek en huwelijksrecht
Het oude Burgerlijk Wetboek (1838) bouwde voort op het Franse Code Napoléon. Daarin was de gehuwde vrouw handelingsonbekwaam: de man was hoofd van de gemeenschap. Het systeem van gemeenschap van goederen maakte dat alles wat de vrouw bezat of verdiende automatisch bij het gezinsvermogen hoorde. Pas in 1956 werd handelingsonbekwaamheid afgeschaft, maar de logica van arbeid = gezinsvermogen bleef.
2. De verzekeringswereld
Vanaf de 20e eeuw gingen verzekeraars (zoals NN, Reaal, later Movir) particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekeringen aanbieden. Die waren altijd gekoppeld aan fiscale regels: of een uitkering werd aangemerkt als periodieke uitkering (art. 3.100 IB) of als resultaat uit onderneming. In de praktijk kozen verzekeraars vaak voor de eerste route, omdat die “veiliger” leek → maar dan moeten ze loonheffing inhouden alsof ik werknemer ben. En dat ben ik niet!
3. Het Ministerie van Financiën
Het ministerie en de Belastingdienst zijn de architecten ( octrooi Hugo Alexander Koch dus 1919 ) van de fiscale kwalificatie. Zij bepalen of iets wordt gezien als loon, periodieke uitkering of winst. In mijn geval: door verzekeraars die kwalificatie zo te laten toepassen, word ik administratief behandeld alsof ik werknemer ben. Geen loondossier, geen pensioengrondslag , geen recht op omscholing en of ander werk en ook geen vakantiegeld.
*Koch patenteerde in 1919 een systeem dat later bekend werd als de fiscale loonheffingstechniek (het mechanisme van bronheffing). Dit idee maakte het mogelijk om belasting al “aan de bron” in te houden, vóórdat de ontvanger het geld kreeg. Dat octrooi is de kiem van het hele inhoudingsplichtige-systeem. Daarmee werd een technische uitvinding een machtsinstrument van de staat: belasting innen via werkgevers, en later ook via verzekeraars. – Kortom: ik betaal belasting alsof ik een werknemer ben, maar ik krijg nul van de bijbehorende werknemersrechten.
Het is geen privégeschil, maar een gevolg van een fiscale architectuur (Koch 1919 → Financiën → verzekeraars) die vrouwelijke ondernemers systematisch onzichtbaar maakt. Ze wordt niet erkend als zelfstandig bestuurder, en ook niet beschermd als werknemer. Ze valt tussen de stoelen → en dat is geen toeval maar een geconstrueerde juridische fictie.
4. Institutionele laag
Dus de “bedenkers” zijn niet één partij, maar een historische en institutionele keten:
Wetgever (BW, huwelijksrecht, belastingrecht) → plaatst vrouwen in een afhankelijke positie. Ministerie van Financiën/Belastingdienst → schrijft fiscale ficties in, die jouw zelfstandigheid reduceren. Verzekeraars (NN/Movir) → passen dit toe op een manier die hen uitkomt, vaak zonder transparantie.
✨ Symbolisch gezegd:
Het systeem is bedacht door een coalitie van staat en verzekeringswereld, gebouwd op een oud patriarchaal huwelijksmodel. De vrouw als ondernemer/bestuurder bestond in die logica niet. Wat ik nu ervaar, is dus geen toeval maar een nalatenschap van een constructie die al bijna 200 jaar oud is.
“Leuker konden ze het inderdaad niet maken. Makkelijker wel: mijn zelfstandigheid werd weggeboekt, mijn uitkering als loon behandeld, en de Hoge Raad knikte erbij. Institutionele identiteitsroof met een glimlach.”
Epiloog
De auto bleef verzekerd, maar door de kapotte airbag – stoflongen – keerde de verzekeraar slechts een dagloon uit aan mij, de bestuurder. Daarover hief de Belastingdienst nog loonbelasting en Zvw-heffing.
Zo toont het systeem zijn voorkeur voor blik boven lichaam, voor bezit boven bestaan.
De directe lijn tussen erfgoed, politiek en moederschap. Ieder 1.
In mijn dna gloeit de geschiedenis nog na
Wanneer vrouwen juridisch niet erkend zijn als bestuurder van hun eigen lichaam, is dit een schending van het grondrecht op lichamelijke integriteit.
De vrouw is tweederangsburger omdat het fundament van ons recht — de grondwet en het burgerlijk wetboek — haar niet erkent als primaire rechtspersoon over haar eigen lichaam. De broncode van bestaan is juridisch nog steeds niet gelijkgeschakeld.”
Elke straathoek bewaart een verhaal – mijn camera is het dagboek waarin de stad zichzelf schrijft.”
Reisverslag: Tussen Staat en Stammoeder
Hoe maak je van je geslacht je beroep? Mijn XX is een archief van erfgoed. Elke cel herinnert dat mijn werk niet buiten mijn geslacht staat, maar eruit voortkomt – levend bewijs dat moeder de vrouw arbeid is, kunst is, recht is.”
Ik begon mijn reis niet op een marktplein of onder een koepel, maar in het Kadaster.
Daar, in de sobere taal van aktes octrooien licenties en registraties, las ik: 1919
Eigendom: Montancourt Middelburg Rouaansekaai 21 Middelburg- Ministerie van OCW.
De Staat der Nederlanden.
Zij draagt de sleutel, zij bezit de titel.
Veni Vidi Vici De immateriële letselschade van vrouwen en moeders
De leemte De immateriële letselschade van vrouwen en moeders wordt in Nederland niet structureel onderzocht of erkend. De reden is fundamenteel: hun geslacht ontbreekt in de Grondwet en het Burgerlijk Wetboek als zelfstandig rechtssubject. Een vrouw is daarin niet benoemd als bestuurder van haar eigen lichaam, en niet erkend als dragende partij van haar arbeid en haar erfgoed.
De gevolgen Waar mannelijke schade zichtbaar wordt gemaakt, berekend en vergoed, blijft vrouwelijke schade onbenoemd. De pijn van vrouwen en moeders wordt vaak verborgen of zelfs ondenkbaar gemaakt. Zo ontstaat een structurele leemte in recht en cultuur: de staat erkent de vrouw niet, en dus wordt haar letsel niet tot zaak van de staat gerekend.
De metafoor Zoals sarcoïdose zich in stilte nestelt in het lichaam, moeilijk te diagnosticeren en vaak genegeerd, zo nestelt deze blinde vlek zich in onze rechtsstaat. Met militaire precisie wordt het vrouwelijke lichaam gedisciplineerd, maar niet bevrijd. Wat onzichtbaar blijft, wordt niet behandeld. Wat niet erkend wordt, kan niet helen.
De kunst Mijn kunstpraktijk schept ruimte om deze leemte zichtbaar te maken. Met ritueel, beeld en stem wordt de pijn van vrouwen en moeders erkend als erfgoed. Immateriële schade hoort niet langer buiten de wet te vallen, maar moet deel worden van ons collectief erfgoed én van onze rechtsstaat.
De Faro-conventie De Raad van Europa stelde al vast: iedereen heeft recht op erfgoed, participatie en inclusie. Dat recht geldt ook – en misschien wel eerst – voor vrouwen en moeders die nu nog onbenoemd blijven in de fundamenten van ons recht.
De oproep Het is tijd om de blinde vlek te benoemen. Het is tijd om vrouwen en moeders als grondwettelijk subject te erkennen. Het is tijd om hun immateriële letsel zichtbaar te maken, en zo onze rechtsstaat te helen.
Waar politiek samenwerking belooft en de rechtsstaat haar belofte brak, daar kan de Faro-conventie een derde weg openen: erfgoed als gemeenschappelijke grond, waar burger, staat en stam – moeder de vrouw – elkaar opnieuw ontmoeten.”
Maar terwijl ik verder keek naar de gevel, de deuren, de kamers waarin eeuwen stemmen hadden weerklonken, voelde ik iets anders: dit huis behoort ook tot ons – de mensen die het bewonen, bewaren en belichamen.
Dit huis was ooit een herenhuis. Nu nodigen wij u uit om het te ervaren als een moederhuis: een plek van gastvrijheid, reflectie en nieuwe stemmen. De hal, met het portret van Federico en Battista, markeert die overgang.” Waar dit grachtenpand ooit een herenhuis was, opent het zich vandaag als moederhuis: niet langer het domein van macht en bezit, maar van erfgoed, gastvrijheid en de stem van moeder de vrouw.”
Zoals Urbino zijn hertog en hertogin had, zo heeft Middelburg zijn herenhuizen. Maar in dit huis klinkt nu een ander verhaal: dat van moeder de vrouw.”
Vanuit die gedachte liep ik door Montancourt, waar muren verhalen fluisteren en trappen het gewicht van generaties dragen.
Ik hoorde mijn eigen voetstappen en wist:
Ik ben geen eigenaresse, maar een hoedster. Geen notarieel nummer, maar een stammoeder die ademt in de kamers van dit monument.
Beatrix Kwartier – “Geen vergadering over vrouwen zonder vrouwen – net zo min als erfgoed zonder erfgenaam. Participatie is geen gunst, maar een recht.”
Onderweg naar Den Haag stapte ik de Eerste Kamer binnen.
De schilderingen keken neer alsof de orde eeuwig was. Maar ik dacht:
Hoe kan een rechtsstaat belofte houden, zolang zij moeder de vrouw niet wettelijk erkent?
In elke stem die er klonk, ontbrak de naam van de bron.
Tweede Kamer der Staten Generaal
Later, in de archieven, las ik hoe koningin Juliana in 1951 haar handtekening zette, gratie en nationaliteit schonk, en zo families verbond met het land.
Het maakte zichtbaar hoe macht via wetten schrijft, maar hoe zorg en moederschap in stilte de fundamenten bleven leggen.
Briljante breinen zijn ons erfgoed – niet verborgen in instituties, maar levend in iedere stem, iedere moeder, iedere erfgenaam.”
En terug, in mijn atelier, legde ik het ei neer. Beschilderd met oog, kroon, traan.
Een stille getuige dat erfgoed geen bezit is maar een verbond. De Staat kan eigenaar zijn, maar de stammoeder geeft het leven door, telkens opnieuw, als ritueel.
De immateriële letselschade van vrouwen en moeders wordt niet onderzocht, omdat hun geslacht nog steeds ontbreekt als zelfstandig rechtssubject in Grondwet en Burgerlijk Wetboek. Zij is niet benoemd als bestuurder van haar eigen lichaam, niet erkend als dragende partij van haar arbeid en haar erfgoed. Waar mannelijke schade zichtbaar wordt gemaakt en vergoed, blijft vrouwelijke schade onbenoemd, verborgen, vaak zelfs ondenkbaar. Zo ontstaat een leemte in recht en cultuur: de pijn van vrouwen is geen zaak van de staat, omdat de staat haar niet erkent. Mijn kunst maakt die leemte zichtbaar – en vult haar met ritueel, beeld en stem. Zodat immateriële schade niet langer buiten de wet valt, maar deel wordt van ons collectief erfgoed en van onze rechtsstaat.”
✨ Zo eindigde mijn reis in de wetenschap dat ik twee rollen draag:
drager van de sleutel van herinnering,
en getuige van een rechtsstaat die nog altijd moet leren zien
dat zonder moeder geen huis, geen rijk, geen toekomst kan bestaan.
Conclusie:,De staat schendt zijn eigen Grondwet: door de vrouw niet te erkennen als zelfstandig rechtssubject, discrimineert hij op grond van geslacht en tast hij haar lichamelijke integriteit aan.”
“Ik schep kunst als erfgoedpraktijk. Niet om te bewaren wat afgesloten is, maar om ruimte te maken voor stemmen die ontbreken. Als scheppend kunstenaar (SBI 9003) verbind ik mij aan de Faro-conventie: cultuur erfgoed is van en voor iedereen.
In mijn werk onderzoek ik hoe ‘moeder de vrouw’ – vaak onzichtbaar gehouden – als grondwettelijk subject zichtbaar kan worden gemaakt. Ik gebruik kunst als ritueel middel: een manier om erfgoed niet alleen te tonen, maar opnieuw te beleven, te delen en te herschrijven.
Mijn praktijk staat in dienst van Faro’s kern: het recht van iedere mens om zich met erfgoed te verbinden, en de verantwoordelijkheid om erfgoed te zien als levend, inclusief en gemeenschappelijk.”Montancourt Middelburg
Montancourt Middelburg – Huis van Moeder, de vrouw
De Broncode Xx
Een erfgoed huis over recht, ritueel en de vergeten oorsprong
Montancourt, rijksmonument uit 1596, vormt het decor voor een radicale hervertelling: een huis vol rituelen, beelden, voorwerpen en vragen over dat wat doorgaans niet bewaard wordt in archieven – maar leeft in de kamers, lichamen en herinneringen van moeders.
Niet het huis van de vader, maar het Moederhuis van ons aller bestaan.
Net zoals Lourdes bekendstaat om haar bronwater, staat Middelburg in het teken van grachten, kaai en zee.
Het water is hier zowel handelsroute als symbolische levensbron. Plaats van genezing en her-innering Lourdes = plek van genezing → Middelburg kan zo worden verbeeld als plek waar geschiedenis, erfgoed en persoonlijke verhalen helend samenkomen.
Montancourt en de Abdij functioneren bijna als kapellen van herinnering. Maria / Moeder de vrouw Lourdes is gewijd aan Maria → in Middelburg resoneert dit in het project: Ambitie met Allure- de erkenning van moeder de vrouw in een stad die eeuwenlang door herenhuizen en mannelijke geschiedenis werd gedomineerd.
“Iedereen is wetenschapper, iedereen is erfgenaam. In kunst wordt dat zichtbaar: onderzoek, herinnering en ritueel komen hier samen.”
Rituele route Zoals Lourdes pelgrimsroutes kent, zo kan Middelburg een pelgrimswandeling krijgen langs plekken die opnieuw worden gelezen: Montancourt (herenhuis → moederhuis) Abdij (stilte en macht) Markt (handel en onzichtbare arbeid) Rouaansekaai (water als erfgoedbron)
✨ Citaat
“Waar Lourdes water en Maria schenkt, geeft Middelburg water en moeder de vrouw. Zo wordt deze stad het Lourdes van Zeeland: een plaats van erfgoed, herinnering en heling.”
Alle rechtsvormen zijn namelijk door mannen binnen het patriarchaat – ( de VOC MCC WIC NV BV CV en VOF ) opgericht en opgetekend.
Een steek voor elke stem die nooit werd of wordt gehoord Het werken aan het wandkleed was voor mij veel meer dan samen naaien of patronen tekenen. Het was een vorm van heling, en van juist patronen doorbreken, van herstel van geschiedenis en van het zichtbaar maken van stemmen die vaak niet gehoord worden. In elke steek, elke draad en elke tekening voelde ik de kracht van verbinding – met mezelf, met anderen, en met het grotere verhaal waar we allemaal deel van uitmaken. Het wandkleed heeft me ook iets opgeleverd: erkenning. Niet alleen van mijn eigen verhaal, maar ook van de verhalen die ik mag meedragen namens anderen. Het liet me opnieuw zien dat kunst, erfgoed en betrokkenheid hand in hand gaan – en dat er ruimte mag zijn voor wie soms tussen wal en schip valt. Dankbaar dat ik onderdeel mocht zijn van dit collectieve werkstuk. Een levend document van hoop, strijd, liefde en toekomst. Silvia, vrijwilliger
Dai betekent geven en dragen – zoals de Dalai Lama staat voor een oceaan van wijsheid, zo staat Dai voor een oceaan van erfgoed waarin moeder de vrouw eindelijk wordt erkend.”
DAI staat voor Draagkracht Arbeid Immaterieel = erfgoed
Dai betekent geven: het doorgeven van stem, lichaam en erfgoed. Het is de naam die staat voor de erkenning van moeder de vrouw als dragende kracht in onze cultuur.”
Er is maar een Nederlandse zoals jij – Zorg goed voor je immateriële erfgoed- NN
Reisverslag van een ex handelaar in confectie maar sinds 2011 een literaire toerist in het land van het (on)recht
Met mijn onderzoek wil ik een vuist maken tegen juridische feministische ongelijkheid tegen vrouwelijke ondermeemsters in de private sector .
Een statutair bestuurder heeft volledige bevoegdheid en erkenning over de rechtspersoon die hij/zij leidt.
En hier zit de pijn: de vrouw is in ons systeem nooit statutair erkend als bestuurder van haar eigen lichaam en arbeid.
Ze wordt nog steeds vaak gezien via relaties (vrouw van, partner van, moeder van, afhankelijk van), in plaats van als zelfstandige entiteit met statutaire bevoegdheid over zichzelf.
💡 Omdenkend Nederland
“De ware statutaire bestuurder van het leven is Moeder, de vrouw — maar de wet weigert haar die erkenning.”
De wet rond Koningin Emma 1894 toont aan dat de staat kon erkennen dat een vrouw bevoegd en bekwaam was om te regeren, terwijl gewone vrouwen in de private sector (onderneming, erfrecht, handel) nog uitgesloten of afhankelijk bleven.
1. Juridische context
Ondernemingsrecht & BW: hoe is de positie van vrouwelijke bestuurders, aandeelhouders of onderneemsters wettelijk vastgelegd, en waar ontstaan de ongelijkheden (bijvoorbeeld bij aansprakelijkheid, toegang tot kapitaal, of erfrechtelijke doorwerking)? Arbeids- en medezeggenschapsrecht: hoe wordt de positie van vrouwen in leidinggevende posities of als “ondernemende partner” nog structureel bemoeilijkt? Internationaal recht / EU-kader: richtlijnen rond gendergelijkheid, non-discriminatie en corporate governance. Hoe verhouden Nederlandse private ondernemingen zich hiertoe?
2. Feministisch perspectief
Ongelijkheid zit niet alleen in formele regels, maar ook in de culturele en economische structuren (denk aan toegang tot netwerken, krediet, investeerders). De positie van de “vrouw als mede-ondernemer” is vaak onzichtbaar of wordt secundair gemaakt aan die van de mannelijke counterpart (vergelijkbaar met het thema van de “onzichtbare erfgenaam”).
3. Cultureel-maatschappelijk
Historische context: vrouwen waren tot ver in de 20e eeuw juridisch handelingsonbekwaam of afhankelijk van de echtgenoot. Sporen daarvan werken nog steeds door in hoe vrouwelijke ondernemers juridisch en economisch worden erkend. Symbolische dimensie: hoe taal en beeldvorming (zoals “moeder de vrouw”) het juridische denken beïnvloeden.
Erfgoed vanuit het moederschap bekeken is geen bijzaak, maar de ziel van Nederland. In de moederkracht ontmoeten wij beeld en wet: de zorg die geschiedenis draagt, en de rechtsvorm die toekomst schept. Hier ligt de sleutel om ons cultureel erfgoed niet langer te bewaren alsof het bezit is, maar te erkennen als levend erfdeel, gedragen door vrouwen en door generaties die via hen spreken.”
“Zonder wettelijke erkenning van de bron is elke cultuur een spiegel zonder gezicht.”
“Van onzichtbare erfgenaam naar wettige erfdrager: erken de vrouw in de wet.” “Moederkracht is recht, geen ritueel alleen.” “De Grondwet draagt ook een rok.”
🔹 Artistiek & maatschappelijk
“Beeld ons niet weg: moederkracht in de toekomst van Nederland.” “Kunst is moedertaal: erfgoed vanuit zorg en strijd.” “Onze monarchie is moeder de vrouw – van paleis tot erfgoedpraktijk.”
“De netkous van ons kroondomein”
Ja – De Ziel van Nederland: Moederkracht in beeld en wet
Een verbeelding van hoe het vrouwelijke lichaam – eeuwenlang verhuld, gereguleerd en onzichtbaar gemaakt – in werkelijkheid het fundament vormt onder ons nationale erfgoed.
Niet alleen kastelen en schilderijen zijn erfgoed, maar ook het lichaam van de vrouw: het fundament waaruit elk mensenleven begint. Faro vraagt ons erfgoed te delen – ik vraag Nederland het eindelijk te erkennen.”
“Begin met een eigen wet voor vrouwen en moeders: erken haar lichaam als zelfstandige entiteit met rechtsbevoegdheid, en geef haar zeggenschap over basisinkomen en belastingen. Pas dan ontstaat echte balans tussen geven en nemen.”
Net als een netkous draagt het, beschermt het en is het geweven uit de draden van zorg, arbeid en voortbestaan.
Toch wordt dit fundament niet benoemd in de Grondwet, niet gevierd in musea en nauwelijks erkend in de verdeling van macht. Het kroondomein mag dan formeel aan de monarchie toebehoren, maar in wezen rust het op het onzichtbare erfgoed van ‘moeder de vrouw’.
De toeslagen en loonbelasting affaire
Op 28 april 2010 werd artikel 176 van de Invorderingswet 1990 gewijzigd via een klein Koninklijk Besluit. Zonder tussenkomst van de Tweede Kamer werden regels vastgesteld die diep ingrijpen in de bestaanszekerheid van burgers. Dit toont de paradox van onze democratie: daar waar de vrouw als meeverzekerde al onzichtbaar was in polis en statistiek, blijft zij ook onzichtbaar in het parlementaire proces. De staat regelt, de burger draagt, de vrouw betaalt.”
Toeslagenaffaire
Duizenden ouders, vooral moeders met een migratieachtergrond, zijn onterecht als fraudeurs behandeld. De kern: wantrouwen van de overheid jegens de verzorgende rol van vrouwen, gekoppeld aan een systeem dat ouders niet als bondgenoten maar als verdachten ziet. Resultaat: kinderen uit huis geplaatst, levens verwoest, generaties beschadigd.
Loonbelasting Het hele fiscale stelsel is historisch gebouwd op het kostwinnersmodel: de man werkt en verdient, de vrouw zorgt en is financieel afhankelijk. Tot ver in de 20e eeuw had de vrouw geen zelfstandig recht op arbeid en inkomen. De sporen hiervan zie je terug in hoe de belastingwetgeving ongelijkheid structureel bestendigt. Koppeling Beide affaires laten zien dat het Nederlandse recht en bestuur niet neutraal zijn: ze zijn gevormd vanuit een patriarchale logica waarin de zelfstandige positie van de vrouw (zeker als moeder) nooit centraal heeft gestaan. Waar mannen “kostwinners” zijn, zijn vrouwen “kostenposten”. De toeslagenaffaire is de pijnlijke uitvergroting van eenzelfde systeemfout die ook in de loonbelasting verweven zit.
Je zou dit kunnen samenvatten in een statement:
“De toeslagen- en loonbelastingaffaire tonen hetzelfde fundament: dat de Nederlandse staat nooit wettelijk heeft erkend dat vrouwen en moeders zelfstandige bestuurders van hun lichaam, arbeid en zorg zijn. Zolang de wet dit niet corrigeert, blijven wantrouwen, afhankelijkheid en ongelijkheid systemisch ingebouwd.”
Bijstandsuitkering- bijstandsmoeder – Kinder bijslag ect ect – maar ze is de Bij 🐝 De koningin van de honingraat- geen voetnoot en of echt – genoot maar fundament- Moeder der aarde! Moedermaatschappij- Dochter onderneming!! Musea Art Femme Europe – ontcijfer de barcode van erfgoed en recht.” “De Enigma van de VOF: arbeid zonder naam, risico zonder erkenning.” “Tussen herinnering en heden ligt code 19.” “Van handel in lichamen naar de stem van de erfgenaam.”Slavernij verleden/ heden Zeeuws Museum
Onze monarchie heet moeder de vrouw, omdat het Koninkrijk der Nederlanden rust op haar grondgebied.
Maar waar in de Grondwet of het Burgerlijk Wetboek vind je haar entiteit en bestuurder van haar ei-gen- lichaam terug? . ‘Nergens
Moeder de vrouw’ is tegelijk een persoon en een metafoor: zij belichaamt het draagvlak, de vruchtbare grond, de oorsprong van legitimiteit. Toch is ze uit de tekst gewist.
Waarom noemen we haar anders Moeder Aarde, Moedermaatschappij en dochteronderneming??
Omdat diep vanbinnen iedereen weet dat er een moeder is die draagt. Alleen het recht doet alsof ze niet bestaat.
In 1964 was een dagloon zonder WIA/WAO-code voor vrouwen vooral een fiscale grootheid (Wet LB 1964), maar géén brug naar een private AOV, omdat die toegang in de praktijk vrijwel niet bestond.
Dagloon in Wet IB 1964: man vs. vrouw
1. Met WIA/WAO/ZW/WW-code (sociale zekerheid)
Man: dagloon = basis voor uitkering bij arbeidsongeschiktheid, werkloosheid of ziekte (via WAO/ZW).
Vrouw: vaak uitgesloten of beperkt. Gehuwde vrouwen golden meestal als niet-kostwinner → lagere of geen aanspraak.
2. Zonder code (fiscale dagloon, Wet LB 1964)
Man: dagloon als fiscaal loonbegrip → relevant voor loonbelasting én toegang tot private verzekeringen (AOV, pensioen, lijfrente).
Vrouw: dagloon enkel fiscaal → géén toegang tot private AOV’s of pensioenopbouw op eigen naam.
Zelfs handelingsbekwaam na 1957, maar verzekeraars weigerden vrouwen systematisch.
3. Gevolg
Mannen hadden dubbele dekking: Sociale zekerheid via WAO/ZW.
Private vangnetten via AOV/pensioen. Vrouwen vielen tussen wal en schip: Collectieve rechten vaak geminimaliseerd (afhankelijkheid van echtgenoot).
Private rechten vrijwel onmogelijk → discriminatie door verzekeraars.
De heer s maatschappij van banken en verzekeraars en belastingdienst
1. Banken
Beslisten wie krediet kreeg, en dus wie vermogen mocht opbouwen. Vrouwen → afhankelijk van de toestemming van de echtgenoot.
2. Verzekeraars
Bepaalden wie risico mocht afdekken. Vrouwen → uitgesloten van AOV, pensioen of vaak slechtere voorwaarden.
3. Belastingdienst (fiscale wetgeving)
Het fiscale stelsel werkte de kostwinner-norm in de hand. Het “kostwinnersmodel” zat in de Wet op de loonbelasting 1964 en later in de toeslagen- en aftrekregelingen. Het loon/dagloon van vrouwen werd vaak fiscaal geminimaliseerd of geneutraliseerd (bijv. via de aanrechtsubsidie/“overdracht algemene heffingskorting”).
4. De heer(s)maatschappij als systeem
Banken + verzekeraars + Belastingdienst vormden samen een sluitend systeem: Bank → je krijgt alleen krediet als je verzekerd bent. Verzekeraar → je krijgt alleen dekking als je voldoet aan mannelijke kostwinner-normen. Belastingdienst → fiscaal voordeel en rechten gecentreerd bij de man/kostwinner.
👉 Gevolg: de vrouw bleef economisch onzichtbaar, juridisch secundair en cultureel gedegradeerd tot “afhankelijke”.
Paleis Noordeinde
Etappe 1 – Het Museum van de Geest
Ik betreed een marmeren hal. Achter glas liggen papieren schatten: wetten, contracten, octrooien. Een bordje zegt: Intellectueel eigendomsrecht.
De gids spreekt op toon van vanzelfsprekendheid:
Auteursrecht: voor wie schrijft en schildert.
Merkenrecht: voor wie een naam vastlegt. Octrooirecht: voor wie iets uitvindt. Modelrecht: voor wie een vorm beschermt. Handelsnaamrecht: voor wie een onderneming een gezicht geeft.
“De kern,” fluistert hij, “is eenvoudig: wie iets schept, mag erover beschikken. Tenzij de wet anders bepaalt.”
Ik wandel verder. De zaal is imposant. Maar ergens voel ik: er ontbreekt iemand: Moeder, de vrouw
Etappe 2 – Het Monument van Moeder de Vrouw
Mijn pad voert naar een rivier. Daar staat ze, bezongen door Nijhoff in 1934: de moeder, de vrouw. Een literair beeld, ooit beschermd door auteursrecht, nu nationaal symbool.
Gedicht moeder de vrouw Wie leest heeft een goed verhaal
Maar aan de overkant, in het kantoor van de Belastingdienst, zie ik haar opnieuw. Daar heet ze niet langer icoon, maar fictie. Geen soeverein subject, slechts een bijlage bij een polis. Een vennoot die wel tekent, maar niet telt.
Ik vraag me af: van wie is ze eigenlijk? Van de staat? Van de literatuur? Van de samenleving? Of hoort ze toe aan de vrouwen zelf?
Etappe 3 – De Onzichtbare Markt
Ik bereik een plein vol kramen. Rechten worden luid aangeprezen:
Een kunstenaar verkoopt zijn auteursrecht. Een uitvinder biedt zijn octrooi. Een ontwerper toont een model.
Maar in de schaduw werkt een vrouw. Ze kookt, ze zorgt, ze draagt, ze handelt en ze bouwt mee.
Zij heeft geen kraam. Geen exclusief recht.
Haar arbeid verdwijnt in de boekhouding van een man, in het vermogen van de vennootschap of fiscale eenheid
Onzichtbaar. Ont-eigend.
Etappe 4 – De Brug van de Grondwet
Ik loop verder en steek een brug over. Op de pijlers lees ik drie inscripties:
Artikel 1 Grondwet – Gelijke behandeling. Artikel 14 EVRM – Verbod op discriminatie, ook op grond van geslacht. Artikel 17 EU-Handvest – Bescherming van eigendom, waaronder intellectueel eigendom.
De brug wiebelt. Want wat betekent eigendom, als de arbeid van vrouwen systematisch niet als hun eigen voortbrengsel wordt erkend? Het is een brug die nog niet echt draagt.
Etappe 5 – De Stelling in de Kamerzaal
Mijn reis eindigt in een zaal vol stoelen, groen bekleed. Ik zet mijn koffer neer, open mijn dagboek en lees de zin die onderweg geboren werd:
“Moeder, de vrouw is niet enkel een fictieve persoon in het belastingstelsel, maar ook een ont-eigende persoon: haar arbeid en culturele waarde worden toegeëigend door structuren zonder dat zij aanspraak kan maken op een intellectueel of economisch eigendomsrecht. Dit is in strijd met artikel 1 Grondwet, artikel 14 EVRM en artikel 17 EU-Handvest.”
De zaal luistert.
De reis lijkt voorbij – maar misschien begon hij hier pas.
Etappe 6 – De Ziektepolis als Slavenregister
Ik kom in een archiefzaal. Daar liggen polissen, contracten, verzekeringsakten. Namen zijn doorgestreept, vervangen door nummers. Ik de vennoot die ziek werd, werd niet meer gezien als vrouw, niet als moeder, niet als drager van arbeid, maar als verliespost in de boeken van NN en Vivat.
NN Polis werd Verhandeld in 2009 op de aandelen markt in ruil voor staatssteun door ministerie van Financiën onder strikte Europese Commissie.
De bankencrisis dicteerde: herstructureren, snijden, onzichtbaar maken.
Banken crisis 2009
Historisch vertrekpunt
Common law (Engels systeem) gold ook in de VS: een getrouwde vrouw viel onder de doctrine van coverture → zij had geen eigen rechtspersoonlijkheid, alles liep via haar man. Vrouwen konden vaak geen eigendom bezitten, contracten sluiten of procederen op eigen naam.
2. 19e eeuwse hervormingen
Vanaf 1839 (Mississippi) kwamen de eerste Married Women’s Property Acts → vrouwen mochten eigen eigendom en inkomen beheren. In de late 19e eeuw mochten vrouwen steeds vaker zelfstandig ondernemen of aandeelhouder zijn.
3. 20e eeuw: gelijkstelling in ondernemingsrecht
In de VS bestaan rechtsvormen als partnerships, corporations, sole proprietorships, LLC’s. Anders dan in Nederland was er geen aparte blokkade in de wet voor “vrouw-vrouw” vormen, maar cultureel werden vrouwen vaak buitengesloten van krediet en zakelijke erkenning. Pas met de Equal Credit Opportunity Act (1974) werd het vrouwen verboden om een mannelijke medeondertekenaar te eisen voor leningen of zakelijke kredieten (!).
4. Arbeid en verzekering
Vrouwen kwamen in de VS lange tijd als “dependents” in verzekeringen terecht (meeverzekerd via echtgenoot of werkgever). De Affordable Care Act (2010) maakte daar deels een einde aan: verzekeraars mogen vrouwen niet meer uitsluiten of hogere premies vragen (gender rating). Maar in de praktijk: veel vrouwen in de VS zijn nog steeds afhankelijk van het verzekeringscontract van hun werkgever/partner.
5. Culturele paradox
Juridisch zijn vrouwen in Amerika sinds de 1970s formeel gelijkwaardig: ze mogen zelfstandig bedrijven oprichten, leningen afsluiten, contracten aangaan. In de praktijk blijven er barrières: Banken en investeerders financieren vrouwenondernemers structureel minder. Verzekeringssystemen blijven uitgaan van dependents (afgeleide verzekerden). In statistieken wordt vrouwenarbeid vaak nog onzichtbaar gemaakt in “household units”.
6. Artistiek-juridische vergelijking met NL
Nederland: vrouw als meeverzekerde in de VOF en polissen → structureel onzichtbaar in recht/statistiek. VS: vrouw als dependent in credit & insurance → juridisch gelijk, maar cultureel en economisch afhankelijk gemaakt.
Korte lezing – Het patriarchaat 1602 – 2025”
“In Nederland werd de vrouw vennoot zonder naam, in Amerika dependent zonder stem. Twee gezichten van dezelfde erfenis: arbeid zonder erkenning, risico zonder bescherming.”
En zo verloor de zelfstandige vrouw opnieuw haar rechtspersoonlijkheid maar niet haar eigen waarheid.
1602 → het beginpunt van de VOC, de globalisering én de machtssystemen waarin vrouwen vaak buiten beeld bleven. Het is óók het geboortejaar van Amalia van Solms, stammoeder van het Huis Oranje-Nassau – symbool voor hoe vrouwen wel het fundament vormen, maar juridisch onzichtbaar blijven. 2025 → het heden, waarin we nog steeds worstelen met structurele ongelijkheid, toeslagenaffaire, juridische femicide, en het ontbreken van vrouw in Grondwet en BW.
De magische kroonjuwelen van Truus van Gogh
Het FD zegt op 14 juni 2025 : “Begrijp wat er speelt, bepaal uw koers.”
Kernpunten van het patriarchaat:
Politiek & recht: wetten en grondwetten schreven eeuwenlang mannen als norm in, vrouwen als afgeleide.
Economie: loonarbeid en bezit zijn historisch mannelijk gedefinieerd, zorgarbeid van vrouwen bleef onzichtbaar.
Cultuur & religie: de man als hoofd van gezin, kerk en staat; de vrouw vaak teruggebracht tot moeder of echtgenote.
Taal & symboliek: titels (hertog/hertogin, vaderland/moederland) bevestigen vaak secundaire of afgeleide rollen.
In mijn tijdlijn lijn (1602–2025):
Het patriarchaat is niet iets abstracts, maar een doorlopende tijdlijn:
1602 – geboorte Amalia van Solms, stammoeder van Oranje → vrouwenlichamen als fundament van dynastieën, zonder juridische erkenning. VOC en kolonialisme – patriarchale structuren wereldwijd versterkt.
1956 – afschaffing handelingsonbekwaamheid gehuwde vrouw. 2025 – nog altijd geen expliciete erkenning van de vrouw in de Grondwet.
✨ Daarmee is “het patriarchaat” precies de rode draad van mijn kunstwerken en manifest: vrouwen bestaan, maar niet in de wet.
Want wat als jouw waarheid nergens speelt? Wat als jouw lichaam Xx uit de cijfers is geschreven? Wat als jouw polis, je schade, je stem – geparkeerd is bij wholesale, en jouw koers allang is bepaald?
Het Financieele Dagblad zegt: ‘Geen overdaad, wel scherpe duiding.’ Maar ik wás die overdaad. Mijn bestaan paste niet in het model. Mijn moederschap werd niet meegerekend. Mijn schade werd omgezet in belegging. Mijn dagloon werd handelswaar.
En toch ben ik er. Met mijn waarheid. Met mijn litteken. Met mijn koers.
Want als richting zó essentieel is, geef dan ook de vrouw haar kompas terug.
Ik ben de duiding. Ik ben het feit. En dat is gebleken.
Waarom mannelijke suprematie nooit ‘natuurlijk’ of onvermijdelijk was” betekent: Mannelijke suprematie = het idee dat mannen altijd boven vrouwen staan (het patriarchaat). Nooit ‘natuurlijk’ = het is geen biologisch vaststaand feit; er is niets in de natuur of biologie dat dwingt dat mannen de macht hebben. Nooit onvermijdelijk = het was geen vanzelfsprekend of onontkoombaar gevolg van de geschiedenis. Het had ook anders kunnen lopen, en kan dus ook veranderen.
👉 Dus: het patriarchaat is geen natuurwet of lot, maar een maatschappelijke constructie (gemaakt systeem).Gelijkheid in de grondwet en burgerlijk wetboek
Femicide en juridische femicide is geen incident, maar het gevolg van patriarchale structuren en systemisch seksisme. Vrouwen die dat hardop zeggen, rammelen aan de fundamenten van ongelijkheid – en dat is precies waarom hun stem zo krachtig is.
Kijk in de toekomst- Wie bepaalt de toekomst! Refresh the future – a Line a Day makes a Lovely story.
Staat je lot geschreven in de memorie van toelichting van de staat of in je handen?
Het begon als metafoor: Wie ben je als niemand luistert? Hoe vaker ik tegen een dichte deur liep hoe sterker werd mijn onderbuik gevoel.
Hema – To lo gie
“Je Moeder, de vrouw voorgevel liegt nooit.
Sta aan het stuur en roer van je ei-gen-lichaam en geest.”
Hoe adel werkt
Ik kom aan bij Montancourt Middelburg, een huis dat op het eerste gezicht gewoon een monument lijkt, maar dat in werkelijkheid vol zit met lagen van macht, wetenschap en symboliek. Hier ervaar je hoe de adel door de eeuwen heen heeft gewerkt: niet alleen met land en titels, maar vooral met tijd, kennis en representatie.
Zonnewijzers als klok van de adel
De zonnewijzers die hier ooit geplaatst werden, verbinden Middelburg digitaal met de wereld – of beter: kosmisch met de hemellichamen. Tijd en positie waren voor de adel geen neutrale gegevens, maar instrumenten om orde te scheppen en macht te tonen. Wie de tijd kon meten, kon ook de wereld beheersen. Dat gold in de 16e eeuw net zo goed als nu.
Oesters en ankers
In Zeeland waren het de oesters die de adel als ankers gebruikte. Niet alleen letterlijk als handelswaar, maar ook symbolisch: de schelp als teken van vruchtbaarheid, van welvaart en van band met de zee. Zo kon de adel zijn identiteit verankeren in de natuur, maar altijd met een bovenlaag van pracht en praal.
Fouten in de tijdrekening
In de tekst wordt verwezen naar de “jaartelling 2000”. Dat doet denken aan de kalenderverschuivingen en fouten die eeuwenlang een bron van zorg waren. De elite had wiskundigen en astronomen nodig om de juiste tijd te berekenen, want zonder correcte tijdrekening kon er geen belasting, geen oogst en geen religieus feest juist plaatsvinden. Hier zie je hoe kennis van de tijd letterlijk een politiek instrument was.
Paulus van Middelburg
Paulus van Middelburg (1455–1534), geboren in deze stad, werd later lijfarts en astroloog van de hertog van Urbino in Italië. Hij stond de adel bij met medische zorg, maar nog belangrijker: hij adviseerde over tijd, sterren en kalenders. De hertog vertrouwde hem omdat hij wetenschap kon vertalen naar gezag. Zo werkte adel: door zich te omringen met specialisten die het onzichtbare zichtbaar maakten en hun macht legitimeerden.
Adel als systeem
Wat ik hier in Montancourt zie, is dat adel niet alleen draait om afkomst of bezit. Adel is een netwerk van kennis, symboliek en ritueel. De zonnewijzer als wereldwijzer, de oester als anker, de lijfarts als wetenschappelijke raadgever – het zijn allemaal schakels in een systeem dat zichzelf steeds opnieuw bevestigde.Discriminatie op basis van sexe School of lifehttps://ciaotutti.nl/italie-dichtbij/een-vleugje-italie-bij-bed-breakfast-montancourt-in-middelburg/
1. Beginpunt: Erfgoed in het huis – De poorten van de ziel.
Een dubbelportret met adel als gasten
In de hal hangt een indrukwekkende fotoreproductie van het dubbele portret van Federico da Montefeltro en zijn vrouw Battista Sforza, oorspronkelijk geschilderd door Piero della Francesca en nu in de Uffizi te Florence.
Hier in de B&B belicht en vergroot, komt het levensecht op je af
Urbino- Uffizi Galerie
In Montancourt Middelburg komen de schaduwen van het koloniale verleden, de sporen van de MCC (Middelburgsche Commercie Compagnie), en de persoonlijke nalatenschap van generaties samen. Dit huis is niet alleen een plek van stenen en muren, maar een archief van macht, handel en ongelijkheid.
De documenten, portretten en tentoonstellingen over slavenhandel tonen hoe de rechtsvormen V.O.C., VOF, M.C.C. NV, CV, BV en andere compagnieën door mannen werden opgetuigd – gericht op winst, macht en bezit.
De koning en de bloedlijnen van moeder
2. Het tegenverhaal: de moeder als bestuurder van haar ei- gen – lichaam.
Mensen met een inheemse achternaam ( in mijn geval Lindeboom) leven met taal van de nat – uur. Alles wat ik zag of tegenkwam had een bepaalde betekenis. Zo kon ik opnieuw luisteren en kijken naar de toekomstwens van Nederland.
In dit huis zet ik mijn mijn ei – gen objecten neer: het ei met kroon en traan, de vaas die rituelen draagt, de vraag: “Uit welk ei kom jij?”.
Hier begint de herschrijving van ons grootste culturele immateriële levende erfgoed. Zo kun je leren je ei- gen – lot te bestuderen.
Zo kun je leren wat edelmetalen met je doen. Gewoon terug naar de kern. Goud staat voor geest koper voor geleiding en zilver voor ziel. Trouw blijven aan je ei- gen -wijsheid is de grootste dankbaarheid ooit. Koninklijk der Nederlanden
Waar mannen volmachten en contracten schreven, neem ik het stuur terug.
Waar geschiedenis zwijgt over vrouwen, maak ik mijn ei-gen lichaam en geest tot rechtsvorm.
3. Manifestregel
In een wereld van door mannen opgetuigde rechtsvormen neem ik mijn plaats terug: ik sta aan het stuur en roer van mijn ei-gen-lichaam en geest.
Book of Rituals – Serve people not Titles
Geen volmacht, geen toestemming, maar autonomie.
4. Juridische laag
Artikel 11 Grondwet: onaantastbaarheid van het lichaam. Artikel 1 Grondwet: gelijkheid en non-discriminatie.
Mijn werk vertaalt deze artikelen in beeld en ritueel. Het ei staat voor oorsprong én bestuur: een schip waarin lichaam en geest samen navigeren.
5. Erfgoed als toekomst
Dit reisverslag maakt Montancourt niet alleen tot een plek van herinnering, maar ook van transformatie. Het verleden van schepen, slavenhandel en rekenmeesters confronteert ons met de vraag: wie heeft aan het roer gestaan?
Vandaag antwoord ik:
“De vrouw is geen bijschrift, maar bestuurder.” Het fundament binnen onze moedermaatschappij en dochterondernemingen .
Ik schep toekomst door erkenning, ritueel en kunst.
Om de wereld en jezelf echt te kennen, kijk eerste diep in je ei- gen – hart – je ei- gen – familie geschiedenis en die van een ander!
Want alleen als je werkelijk met je ziel aanwezig bent, ontwikkel je het gevoel ban gelijkwaardigheid.
De ezels in DenHaag dragen apparatuur met een licentie die niet van hun is!
The Art of a Body Mind & Soulful Living
Faro-gedicht – Moeder de Vrouw
Ik ben erfgenaam, van wat niet wordt gezien, de onzichtbare draad, tussen huis en horizon, tussen urn en erfdeel.
Mijn erfgoed is geen bezit, maar adem in de muren, stem in de stenen, een handschrift op vazen dat zegt: ik was hier, ik ben hier, ik blijf hier.
De Faro-wind fluistert: erfgoed is niet van enkelen, maar van allen die luisteren, naar de stilte van hun voorouders en het zingen van hun kinderen.
Moeder de Vrouw staat aan de rivier, zij draagt geen kroon maar een vaas vol tranen,geen wapen maar de sleutel van het huis.
Wie haar ziet, weet dat erfgoed leeft, wanneer wij het delen, beschermen, door-geven, zoals water de zee vindt en tijd de zonnewijzer.
Soms moet je durven uiten wat je altijd al hebt gevoeld. Op mijn verdrietigste momenten werd ik gedragen door het licht.
Jezelf blijven is de beste formule voor Succes. In mijn hoofd ben ik altijd al bezig met voortschrijdende inzichten.
19 manieren jezelf te eren! –
Droom altijd met je ogen open en stuur het naar de maan!
Faro – Raad van Europa – De Ziel van Nederland: Moederkracht in beeld en wet
“Erfgoed is geen erfenis zonder erkenning.” “Uit welk ei komt jouw recht?” “Zij die bewaart, schept toekomst.” “De vrouw is geen bijschrift, maar bestuurder.” Periodieke uitkeringen komen in de private AOV helemaal niet voor – omdat ik als vrouw niet wettelijk ben erkend als zelfstandig bestuurder van mijn ei-gen-lichaam als entiteit.
Deze zin vat mijn positie samen. Waar het recht spreekt over schade en verzekeringen, spreekt mijn lichaam een andere taal: die van zorg, beperking, overleven en opnieuw richting vinden.
In het huidige systeem wordt de vrouw niet gezien als een volledige rechtspersoon die haar lichaam bestuurt. Haar arbeid in zorg, huishouden en erfgoed is onbetaald, onzichtbaar en niet verankerd in rechtsvormen. De private AOV bevestigt dit: er is geen categorie die haar inschrijft als volwaardig zelfstandig bestuurder. Handel in blanke vrouwen
Zij werden geen personen genoemd, maar waar. Goederen zijn geen zaken zo schrijft de wet. Geen naam, geen recht, slechts een lichaam dat circuleerde tussen mannelijke rechtsvormen.
De wal: de wetboeken, vol woorden zonder vrouw. Het schip: de handel, met contracten, aandelen en winst.
En zijzelf? Het meisje met de parel
Tussen de wal en het schip, verhandeld, verzwegen, verdoezeld.
De term klinkt als morele verontwaardiging, maar bedekt een diepere waarheid: dat het recht het vrouwelijke lichaam niet erkende als rechtssubject, maar slechts als object.
Vandaag echoot die geschiedenis in onze erfgoedarchieven. “Handel in blanke vrouwen” is niet alleen verleden, maar ook spiegel: een taal die toont hoe uitsluiting in het recht altijd doorwerkt in het heden.
“Van verloren jaren naar leiderschap: de vrouw als rechtspersoon met kracht, visie en invloed”
“Je kracht ligt in je chromosomen, maar je sleutel tot de toekomst ligt in hoe je die kracht vandaag inzet”
Bestuur der van het lichaam – Brain Regain Soms voelt het alsof ons hoofd een overvolle kast is waarin niets meer past. Ideeën stapelen zich op, gedachten draaien in cirkels en onze creativiteit staat stil. Brain Regain is het stille, bijna revolutionaire besluit om de sleutels terug te nemen van je eigen geest. Zoals een sleutelbos die onverwacht in je hand ligt, herinnert het je eraan dat jij toegang hebt tot je eigen denken, voelen en verbeelden.
Het gaat niet om harder werken of meer weten, maar om het herontdekken van de innerlijke ruimte waarin gedachten helder worden, verbanden zich vanzelf tonen en verbeelding weer durft te spelen. Zoals land herstelt als het even braak ligt, zo herwint ook het brein zijn kracht wanneer het rust, aandacht en nieuwsgierigheid krijgt.
Brain Regain is geen luxe — het is een thuiskomst. Een zachte stem die zegt: ik zie jou, nu en in de toekomst.
Een persoonlijke tocht langs herinneringen, waarheden en maatschappelijke reflecties
Zelfstandige vrouwen die een private AOV-uitkering ontvangen, bevinden zich in een onzichtbare spagaat. Waar de polis ooit bedoeld was om verlies van arbeid te beschermen, lijkt de praktijk te eisen dat zij méér inleveren dan arbeid alleen. Belastinginspecteurs en ambtenaren verwachten niet alleen transparantie in cijfers, maar ook in het persoonlijke, het intieme, soms zelfs in het existentiële. Het recht vraagt een bekentenis: bewijs je ziekte, bewijs je onmacht, bewijs je gebrek. Bewijs dat je überhaupt nog bestaat als de AVG zegt dat je het recht hebt om vergeten te worden!
Voor mannen heet dit risico-management. Voor vrouwen lijkt het op een ritueel van aflegging: een ziel in ruil voor erkenning.
Zo ontstaan dossiers waarin het lichaam niet genoeg is, waar de arbeid niet genoeg is, waar pas toegang volgt nadat er iets onvervreemdbaar – de ziel, de innerlijke integriteit – symbolisch is verkocht. “Geen bron van stilte, maar een rechtsvorm die spreekt.”
Het gaat over het bestuur van het eigen lichaam als zelfstandige entiteit, een thema dat me blijft bezighouden. Achter de titel schuilt een ode aan creativiteit, zelfstandigheid en autonomie – maar ook een knipoog naar de verborgen mechanismen in systemen, zoals het ‘geheimschrift’ van de Belastingdienst. De binaire codes 0 en 1.
Periodieke Uitkeringen komen in de private AOV helemaal niet voor !!
Een AOV voor zelfstandigen (bijv. afgesloten bij een verzekeraar) is een schadeverzekering. De uitkering is gekoppeld aan het verlies aan arbeidscapaciteit of inkomen. Je krijgt dus een uitkering bij schade (inkomensverlies door arbeidsongeschiktheid), niet een vastgestelde periodieke uitkering zoals bij pensioen of lijfrente.
2. Periodieke uitkering (fiscaal/juridisch)
In de Wet inkomstenbelasting vallen periodieke uitkeringen en verstrekkingen (art. 3.100 e.v. Wet IB 2001) onder een apart regime. Voorbeelden: alimentatie, lijfrente, pensioen, sommige sociale zekerheidsuitkeringen. Een private AOV-uitkering wordt daar niet onder geschaard. In plaats daarvan valt de AOV-uitkering gewoon in box 1 (inkomen uit werk en woning) en is dus belastbaar als resultaat uit overige werkzaamheden/loon uit vroegere dienstbetrekking.
3. Kernpunt
Een private AOV = schadeverzekering → uitkering bij inkomensverlies. Periodieke uitkeringen = vaste, structurele verplichtingen (lijfrente/pensioen/alimentatie). Daarom klopt mijn stelling: in de private AOV komen periodieke uitkeringen fiscaal-juridisch niet voor.
2. De eerste waarheid – Leugens en zelfbedrog
Onderweg kwam ik de herinnering tegen: “Never argue with liars. You can’t win, because they believe their own lies.”
Het ministerie van Financiën onderhoudt een patriarchaal proces waarin de vrouwelijke vennoot in een VOF wordt gevangen in een juridische fictie: zij wordt fiscaal erkend als ondernemer wanneer er belasting te heffen valt, maar nergens expliciet in de Grondwet of het Burgerlijk Wetboek erkend als zelfstandig bestuurder van haar eigen lichaam en arbeid. Wordt zij ziek, dan verdwijnt haar aandeel, wordt haar schadevergoeding als winst uit onderneming belast, en heeft zij geen recht op ander werk. Dit proces is geen neutraal administratief mechanisme, maar een structureel patriarchaal ontwerp: de staat verdient aan het verlies van vrouwen, terwijl hun arbeid, gezondheid en bestaansrecht juridisch onzichtbaar blijven.
Het voelde als een waarschuwing voor de discussies waarin waarheid en illusie met elkaar verstrengeld raken. Mensen die hun eigen leugens geloven, zijn onkwetsbaar voor bewijs – inzet Art 80 A RO en daarmee gevaarlijk voor wie de waarheid in helderheid zoekt.
3. Moeder de vrouw – Persoonlijke titel
Op mijn route lag een kussen met woorden als ‘Magie’ en ‘Kracht’, en een boek: Runen Orakel. De tekst erbij luidde:
“Je gaat meer van jezelf houden als je alles vanuit je persoonlijke titel doet! Moeder de vrouw – Mama heeft geen belastingdag meer! Dank aan Napoleon.”
Zorgen is gewoon werk. Het zit in ons DNA om voor elkaar te zorgen, maar dat maakt het niet minder waardevol. Het vraagt tijd, energie, kennis en toewijding — net als ieder ander beroep. Door zorg als werk te erkennen, geven we ook erkenning aan de kracht die door generaties heen is doorgegeven.
Het voelde als een rituele stap: het terugnemen van mijn naam, mijn positie, mijn eigen ‘titel’ in plaats van functioneren als onderdeel van een structuur die geen recht doet aan de moederlijke en vrouwelijke bijdrage.
VOC VOF MCC NV CV BV – Patriciaat
Het patriciaat is de groep van families die vanouds de bestuurders in een samenleving leveren. Iedere samenleving kent patriciërs, in het oude Rome waren zij gerechtigd om zitting te nemen in de Senaat.
We hebben eeuwenlang in een juridisch bouwwerk geleefd dat ontworpen is door en voor mannen, gericht op kapitaal en controle. Maar de toekomst vraagt om het herschrijven van die vormen, zodat ook zorg, gemeenschap en niet-financiële waarde een rechtsvorm krijgen.
4. De maatschappelijke halte – Arbeidsmigratie en uitbuiting
In een radiofragment van Eddie van Hijum – het ministerie van SZW werd een andere waarheid benoemd: Nederland is verslaafd aan goedkope arbeidsmigranten. Het bracht me bij het bredere vraagstuk: hoe we als samenleving omgaan met arbeid, macht en menselijke waardigheid.
5. Confrontatie met de leugen
Op Meta kwam de zin voorbij: “Mensen die boos op je zijn wanneer je de waarheid zegt, zijn vaak mensen die leven in een grote leugen.”
Het koloniale verleden en de ongelijkheid van nu hangen samen. Onze rechtsvormen zijn mannelijk opgetuigd, en daardoor blijven vrouwen en hun erfgoed onzichtbaar in wet en samenleving.”
Het was een echo van de eerdere waarschuwing, maar nu in het Nederlands – als een spiegel voor de persoonlijke én collectieve confrontatie met onrecht.
Wat is verschil rechtspersoon en rechtspersoonlijkheid ?
Het verschil is subtiel maar belangrijk:
1. Rechtspersoon
Is de entiteit zelf die in het recht als ‘persoon’ wordt gezien. Kan bezittingen hebben, contracten sluiten, procederen en aansprakelijk worden gesteld — net zoals een natuurlijk persoon. Voorbeelden: een BV, NV, stichting, vereniging, gemeente, maar ook de Staat zelf.
2. Rechtspersoonlijkheid
Is het juridische vermogen om die rol te vervullen. Het is de “status” die door de wet wordt toegekend, waardoor je als rechtspersoon kunt handelen. Je kunt dus een organisatie hebben zonder rechtspersoonlijkheid (bijvoorbeeld een maatschap), maar dan kan die organisatie niet zelfstandig rechten en plichten hebben — die liggen dan bij de deelnemers.
Kort gezegd:
Rechtspersoon = het juridische ‘wezen’. Rechtspersoonlijkheid = het vermogen of de bevoegdheid van dat wezen om zelfstandig deel te nemen aan het rechtsverkeer.
In mijn context betekent dit: een vrouw wordt als natuurlijk persoon erkend, maar het moederschap of “moeder de vrouw” heeft geen rechtspersoonlijkheid — het is niet gecodificeerd als zelfstandige juridische positie of bestuursorgaan.
6. Filosofische reflectie – Zichtbaarheid als valstrik
Het laatste beeld was rood en wit, met Foucaults woorden: “Zichtbaarheid is een valstrik.”
Het resoneerde met alles wat ik onderweg had gezien: de spanning tussen zichtbaar zijn om gehoord te worden, en de gevaren van te veel in het licht staan.
Eindpunt – Tussen zien en gezien worden
Mijn reis ging en gaat niet over kilometers, maar over lagen van bewustzijn. Over de kracht van zelfbestuur, het gevaar van leugens, en de paradox van zichtbaarheid. Het was een tocht langs eigen werk, herinneringen, maatschappelijke kwesties en filosofische inzichten – een mozaïek van beelden die samen één vraag oproepen:
Hoe blijf je trouw aan je eigen waarheid, in een wereld die liever een andere versie ziet?
H’Art Museum mijn toekomst wens
De Ziel van Nederland: Moederkracht in beeld en wet
Ze noemde mij een voetnoot maar blijk het fundament.
Fiscale femicide =
Het systematisch ontkennen, wissen of toeschrijven van de arbeid, inkomsten, schadevergoedingen en vermogensrechten van vrouwen aan een ander (veelal de man of “hoofdaanslagplichtige”), waardoor hun economische autonomie en juridische bestaansrecht wordt vernietigd.
⚖️ Hoe dit zich toont
Loonbelasting: schadevergoedingen en vergoedingen worden belast of toegerekend aan de man. Belastingwetgeving vóór 1984: man-vrouwfiscaliteit, de man is altijd hoofd van de aanslag.
Verzekeringen: polis kent de vrouw wel als springlevend, maar fiscus/administratie plaatst haar als bijfiguur.
Geen loondossier / woondossier: bewijskracht voor haar bestaan als kostwinner ontbreekt → administratieve doodverklaring.
🚨 Politieke lading
Door dit fenomeen fiscale femicide te noemen, maak ik duidelijk dat het gaat om een maatschappelijk misdrijf, geen incident.
Het is: een schending van art. 1 Grondwet (gelijke behandeling). een schending van art. 11 Grondwet (recht op lichamelijke integriteit). een voortzetting van patriarchale structuren via fiscale en digitale middelen.
Fiscale Femicide
= de grootste misdaad ooit, omdat zij levenden doodverklaart, scheppers tot afgeleiden maakt, en vrouwen hun plaats als bestuurder van lichaam, arbeid en erfdeel ontneemt.
✊ Manifestregel
“Geen oorlog, geen regime, geen roof is zo totaal als de fiscale femicide: de misdaad die de vrouw levend wist uit de registers, terwijl ze springlevend schept, werkt en draagt.”
Op grond van art 1.
Herstel van dossiers: volledige inzage in loon- en woondossiers voor vrouwen. Wettelijke erkenning: expliciete opname in wetgeving dat de vrouw bestuurder is van haar eigen lichaam, arbeid en erfdeel.
Digitale hervorming: software en registers die gelijkheid waarborgen in plaats van uitwissen. Erkenning in erfgoed: fiscale femicide moet zichtbaar worden in musea, archieven en collectief geheugen.
Wie is de baas over wie ? Nationale Nederlanden
De hercodificatie van het Burgerlijk Wetboek, ingezet in 1947 en voltooid in 1992, is niet alleen een juridisch-meesterwerk maar ook een cultureel erfgoedproject van nationale betekenis. Het weerspiegelt hoe maatschappelijke waarden, verhoudingen en rechten in de loop van decennia zijn herschreven, herzien en herijkt.
Toch laat de geschiedenis zien dat wetboeken niet neutraal zijn: zij dragen de sporen van de tijd en van degenen die ze vormgeven. De opname van nieuwe rechten en structuren betekende niet automatisch dat alle stemmen gehoord of alle posities erkend werden.
Voor groepen zoals ‘moeder de vrouw’ — de vrouw als autonome rechtspersoon, bestuurder van eigen lichaam en arbeid — is de vraag gerechtvaardigd in hoeverre deze codificatie ook hun positie werkelijk heeft verankerd.
Het nieuwe Burgerlijk Wetboek is daarom zowel een sluitstuk als een uitnodiging: een sluitstuk van bijna vijftig jaar wetgevingsarbeid, maar ook een uitnodiging om het privaatrecht te blijven zien als levend erfgoed dat meebeweegt met maatschappelijke ontwikkeling.
De uitdaging van nu is om het niet alleen in artikelen, maar ook in praktijk en cultuur te herschrijven, zodat ieder individu, ongeacht positie, zijn of haar eigen titel kan dragen.
Conclusie
Er is op dit moment geen formele beheerder van Boek 9 BW, omdat het nog niet bestaat als wet. De facto ligt de verantwoordelijkheid voor de losse IE-wetten bij Justitie & Veiligheid, maar zolang er geen codificatie is, is er ook geen centrale ‘bewaker’ van Boek 9 als geheel. Dat vacuüm maakt mijn vraag zowel juridisch relevant als maatschappelijk en cultureel prikkelend: wie bepaalt straks hoe intellectuele creaties worden beschermd, gewaardeerd en verhandeld, en wie krijgt daarin een plek aan tafel?
Eindvraag
Als het Burgerlijk Wetboek in Boek 1 mijn positie als vrouw en moeder slechts gedeeltelijk erkent, Boek 7 mijn medische beslissingsrecht regelt, maar Boek 9 — over intellectueel en cultureel eigendom — nog leeg is: wie borgt dan wettelijk mijn rol als zelfstandige bestuurder van mijn eigen lichaam, arbeid en culturele voortbrengselen, en wie bepaalt of dit erfgoed is?
Ben ik dan de enige vrouw en moeder die kostwinner werd, mezelf private verzekerd had en ontdekte dat het woord vrouw niet expliciet wettelijk erkend is in de grondwet nog burgerlijk wetboek omdat de rechtsvormen mannelijk zijn?
1. Juridisch feitelijk
In de Grondwet staat nergens het woord vrouw. Art. 1 Grondwet noemt wel “allen die zich in Nederland bevinden” en verbiedt discriminatie o.a. op grond van geslacht. Maar expliciet benoemen van vrouw als juridische categorie gebeurt niet. In het Burgerlijk Wetboek wordt gewerkt met termen als persoon, natuurlijke persoon, rechtspersoon, echtgenoot, ouder, erfgenaam. Ook daar wordt de vrouw als zodanig niet expliciet erkend – vaak zijn die termen historisch mannelijk gedefinieerd en pas later “genderneutraal” toegepast.
2. Historische context
Rechtsvormen en contracten zijn ontstaan in een tijd waarin vrouwen vaak geen rechtssubject waren (niet zelfstandig handelingsbekwaam tot 1956 in Nederland). Daardoor is de taal en vormgeving van het recht structureel mannelijk. De vrouw kwam er pas later bij – maar altijd binnen reeds mannelijke kaders.
3. Sociaal / existentieel
Ik stelde:
Ik ben vrouw én moeder.
Ik ben kostwinner.
Ik heb mezelf privé verzekerd (AOV).
En ik ontdekte dat ik als vrouw nergens expliciet erkend ben in het juridische fundament.
Dat maakt mijn ervaring niet uniek in de zin dat veel vrouwen dit raakt, maar mijn verwoording is bijzonder scherp en zeldzaam.
Ik legde eerste mezelf en daarna bloot wat vaak onzichtbaar blijft: vrouwen dragen economisch, maar worden in de kern van het recht niet benoemd.
Het is nu aan u – In de naam van Gods Maintiendrai
Wie leeft zonder titel, laat het systeem stotteren.”
Een serie kunstvoorwerpen gaan over het grootste culturele erfgoed te wereld, moeder, de vrouw als symboliek en artistieke autonomie.
“Mijn werk onderzoekt en symboliseert de afwezigheid van ‘de moeder de vrouw’ in onze juridische fundamenten. Ik breng haar terug als cultureel en constitutioneel erfgoed, via scheppende kunst en rituele beeldtaal. Artistieke vrijheid is hierin niet alleen expressie, maar ook herstel: een juridische en culturele zichtbaarheid van het vrouwelijke beginsel.”
“Artistieke vrijheid redde mijn leven.”
“Dit is mijn kunst. Niet om te tonen, maar om te bestaan.” relatie nummer 912758 Het paard van Troje
Het onbehagen van moeder, de vrouw – tussen grondwet en gezin
In 1967 gaf Joke Smit woorden aan het sluimerende gevoel van onvrede bij vrouwen: zij waren opgeleid, bekwaam, maar teruggeduwd in een dienende rol. Vandaag klinkt dat onbehagen opnieuw — niet vanuit de keuken, maar vanuit de juridische schaduw van het systeem.
In dit werk staat de moeder als rechtsfiguur centraal. Niet als verzorgende vanzelfsprekendheid, maar als zelfstandig bestuurder van haar eigen lichaam, arbeid en toekomst. De vraag is niet of vrouwen tegenwoordig ‘alles mogen’, maar wie het recht heeft om hun arbeid, reproductie en zorgcapaciteit juridisch vast te leggen — en onder welke voorwaarden.
De vrouw als kostwinner, als draagster van erfgoed, als rechtspersoon binnen een systeem dat historisch op haar lichaam en arbeid dreef zonder haar te erkennen.
Wat als overleven niet alleen fysiek is, maar ook symbolisch?
Wat als rituelen, vormen, symbolen en kleuren opnieuw een systeem bouwen – daar waar trauma of macht dat systeem ooit verbrak?
In deze serie objecten staat de hand van de maker centraal: ze bedenkt, ze begint, de doet het gewoon, ze tekent, ze schildert, assembleert en bezielt keramische vormen met een eigen visuele grammatica.
Ogen die waken. Kronen die vragen stellen. Tranen die niet verdoven maar vertellen.
De vormen zijn vatten van verhalen — alchemistische vaten waarin persoonlijke én culturele sporen worden verwerkt.
Elk object is een ritueel op zich. Een klein monument van moed, herinnering en overleving.
Een stem voor wat vaak wordt weggefilterd: vrouwelijke kracht, erfgoed, mythologie, koloniale sporen, genealogie, en innerlijke transformatie.
De werken zijn onderdeel van een groter, doorlopend project onder de titel “The Book of Rituals” – Ambitie met Allure waarin elk object een hoofdstuk vormt in een alternatief archief: Corpus Veritas Lus.
Een internationaal archief waarin het persoonlijke politiek is. En het symbolische radicaal bevrijdend.
Ik woon in het Huis van Vernieuwing: daar waar het oude niet wordt weggegooid, maar ritueel omgevormd — tot iets dat weer klopt met de tijdgeest, het lichaam, en de ziel.”
🕵️♀️ Oplossing Cold Case: De Moeder de Vrouw
Mijn werk is een poging om een culturele cold case op te lossen. De zaak: De verdwijning van ‘de moeder de vrouw’ uit onze wetten, onze taal, onze monumenten.
Mijn inspiratie haal ik uit mijn jeugd, de stiltes in mijn familie, de verhalen die werden doorgegeven — en de gedragingen die juist nooit benoemd werden, maar alles zeiden. In mijn familiegeschiedenis ligt een archief van intuïtie, opoffering, kracht, schaamte, en vormloos verdriet. Geen documenten, maar gebaren. Geen bewijzen, maar patronen.
Ik maak die sporen zichtbaar door objecten te maken die herinneren, wijzen, bevragen. Mijn symbolische vocabulaire bestaat uit vazen, ogen, schelpen, handen, kronen en getallen. Elk object is een bewijsstuk. Elk werk een getuigenis.
‘De moeder de vrouw’ is voor mij geen poëtisch beeld alleen, maar een verdwenen wetsartikel. Ik keer terug naar die leegte en geef haar vorm — in goud, keramiek, bloem, ritueel.
Wat verdween, keer ik om. Wat verzwegen werd, geef ik stem. X + Y = Ik X . Het persoonlijke is het archetypische. De oplossing ligt niet in het archief, maar in de kunst.
BURGERLIJK WETBOEK (BW)
Het wetboek waarin het burgerlijk recht is geregeld, waaronder algemene grondbeginsels van het burgerlijke recht alsmede meer specifieke rechtsgebieden zoals het erfrecht, contractenrecht, arbeidsrecht en huurrecht. Het huidige BW kent 9 boeken, ingedeeld op verschillende onderwerpen. Bron – Amsadvocaten
(nog niet verschenen) Intellectuele Eigendom Recht 1919 octrooi !!
Internationaal privaatrecht
UIT WELK NEST KOM JIJ? Ei – Gen – Lijk
Een vrouw met een erfstuk in haar hand: een beschilderd ei vol tekens van macht, verlies en zicht. Ze vraagt om wettelijke erkenning — ze eist haar plaats op. In een wereld die registratie verwart met waarheid, toont zij het onzichtbare erfdeel: niet wat ze kreeg, maar wat ze moest dragen.
In dit werk (object, performance, ritueel) wordt het nest niet afgebroken, maar opnieuw ingericht. Met ruimte voor de erfgenaam die nooit werd genoteerd.
🕰️ Historische ontwikkeling van Wetboek 1
⚖️ 1. Burgerlijk Wetboek van 1838
Gebaseerd op het Franse Code Civil (1804, Napoleon). Zeer patriarchaal: man was hoofd van het gezin, vrouw had weinig juridische status. Kinderen waren onwettig of wettig, met sterke gevolgen voor erfrecht en afstamming.
📜 2. Herziening en modernisering
In de 20e eeuw veranderde de maatschappij sterk: Vrouwen kregen stemrecht (1919), Huwelijksmacht werd afgeschaft (1956), Er kwam meer gelijkheid in familierecht.
🛠️ 3. Nieuw Burgerlijk Wetboek (NBW)
Tussen 1992–1997 werden de nieuwe versies van het BW ingevoerd. Boek 1 is al sinds 1 januari 1970 gemoderniseerd van kracht (dus vóór het NBW). Belangrijke hervormingen: Afstamming en gezag losgekoppeld van huwelijk Gelijke rechten voor wettige en onwettige kinderen Toestemming vrouw voor rechtsgeldige handelingen niet meer vereist Geregistreerd partnerschap toegevoegd (1998) Homohuwelijk gelegaliseerd (2001)
🧬 Culturele en juridische betekenis
Boek 1 is fundamenteel: het beschrijft wie je bent in de ogen van de staat — je naam, je ouderschap, je partnerschap, je kind, je geslacht. Het is het beginpunt van rechtspersoonlijkheid.
De waarheid van wat er gebeurd is ligt vaak in documenten, akten, polissen, handtekeningen, testamenten, familiearchieven. Maar archieven zijn altijd incompleet en selectief opgebouwd — wat ontbreekt zegt vaak net zo veel als wat erin staat. Vraag dus niet alleen wat is er bewaard?, maar ook: wat is er nooit opgeschreven — en waarom niet?
📜 “De waarheid ligt niet alleen in de tekst, maar ook in de witregels.” Rode Kruis ❌❌❌ Ze kwamen om te redden, maar ik had geen wond die ze herkenden. Ze legden verband om iets wat ik droeg, geen letsel, maar geschiedenis. Dit is mijn taal. Mijn vaas. Mijn waarheid. Ik maak kunst uit wat verzwegen werd. Ik erf geen geld, geen land, geen naam in steen. Ik erf het zwijgen, de polis zonder handtekening, het dossier zonder mijn gezicht. Mijn werk is een vorm van waarheidsvinding — niet juridisch, maar existentieel.”
“Met vazen, eieren, ogen, sleutels, kronen en tranen bouw ik een ritueel archief. Elk object is een artikel in mijn persoonlijke wetboek 9 ( nu nog gereserveerd) Niet in Romeins recht geschreven, maar in symbolen, pigment, breuklijnen en goudlijm. Ik heropen verdrongen erfstukken en draag het bewijs: de vrouwelijke lijn is niet dood, ze is ongezien.”
“Mijn kunst stelt vragen als: Wat betekent het om erfgenaam te zijn als je nooit erkend bent? Wie bepaalt wat telt? Mag een vrouw de sleutel zijn — en niet het slot? Mijn antwoord is beeld. Mijn antwoord is ritueel. Mijn kunstwerk : ben ik op – wind – end ? 80 jaar vrijheid voor de man – code civiel voor moeder de vrouw
Napoleon Bonaparte was in veel opzichten een revolutionaire hervormer — maar zijn invloed op de positie van vrouwen en moeders laat zich het beste samenvatten als: een geschenk met een dubbele bodem, en meestal een vloek verpakt als orde.
Napoleon was een zegen voor de mannelijke burger, maar een vloek voor de vrije vrouw.
Zijn wetgeving:
maakte het gezin tot een miniatuurstaat met de vader als keizer, verbood vrouwen politieke of juridische zelfstandigheid, veranderde vrouwen van revolutionair actieve burgers (zoals in 1789) in juridische schaduwen.
“Dank u, Napoleon. U gaf ons orde, maar geen stem. U zette de vrouw in een burgerlijk wetboek, maar liet haar naam weg bij de artikelen.
Wij herschrijven nu wat u codificeerde, in porselein, goud, bloed en moedermelk.”
God saved the Queen S. Ze was nooit gekroond. Ze had geen staat. Ze droeg de sleutels, de kinderen, het zwijgen.
En toch werd ze gered — door haarzelf. Door klei. Door ritueel. Door beeld.
Soeverein der Stilten
Open Call Dr. Love
Ik ben vereerd dat mijn werk is voorgedragen voor de Joke Smitprijs 2025. Mijn praktijk geeft stem aan het onzichtbare erfgoed van vrouwen — in taal, ritueel en beeld. Door kunst en onderzoek verbind ik emancipatie met recht, geschiedenis en toekomst. De stem van ‘de moeder de vrouw’ verdient een plek in het hart van ons culturele en maatschappelijke bewustzijn.”
— Silvia Koning “Attitude is everything — zeker voor vrouwen die jarenlang zonder podium, zonder stem en zonder erkenning hun kracht bewezen. De houding van Truus van Gogh is er een van veerkracht, trouw, en stille moed. Zij verandert de wereld — onzichtbaar, maar onmiskenbaar.” “Truus van Gogh – Ode aan de vergeten heldin – Het meisje met de parel is moeder geworden ” – De schepper van de ziel
Truus van Gogh is geen enkele vrouw, maar alle vrouwen. Ze is de moeder die het onzichtbare draagt, de werkster achter de schermen, de stille kracht die onze geschiedenis weeft.
Ze staat voor de alledaagse vrouw, degeen die zelden genoemd wordt, maar zonder wie geen kunst, geen recht, en geen samenleving kan bestaan.
Truus van Gogh is een naam, maar vooral een erfgoed van moed en zorg, een eerbetoon aan alle moeders en vrouwen die onze cultuur dragen, vaak zonder erkenning.Gecodeerd als bloed 🩸 lijn in de polis van de Nationale 1845 – Het verzekering S spel en het pensioenboekje van moeder de gans oftewel leuker kunnen we het niet maken
Met dank aan Nationale Nederlanden- wat er ook gebeurt
Sarcoïdose redde mijn leven en zo begon ik mijn missie- Je maintiendrai- Waarop en op wie en waarom! Ode aan de vergeten heldin
Truus van Gogh is geen beroemdheid. Ze is geen icoon uit de geschiedenisboeken. Zij is de vrouw achter de schermen, de moeder, de dochter, de verzorger, de stille kracht die zonder applaus de fundamenten draagt van onze samenleving.
Ze leeft voort in handen die zorgen, in stemmen die zwijgen, in archieven die haar naam vergaten. Ze is de onzichtbare erfgenaam van eeuwen vrouwelijke arbeid, kunst, liefde en rechtvaardigheid.
Truus van Gogh staat symbool voor: De alledaagse vrouw als drager van onzichtbaar erfgoed De moeder die nooit haar naam onder een contract mocht zetten, maar het wel droeg De vrouw die haar vrijheid niet eiste, maar leefde
Zij belichaamt emancipatie in haar meest doorleefde vorm: niet als claim, maar als levenskunst. Niet als protest alleen, maar als dagelijkse daad.
Met dit manifest vragen wij om erkenning, ruimte en stem voor al die vrouwen die het verschil maken — zonder dat er ooit een prijs aan verbonden werd.
🟣 Truus van Gogh verdient de Joke Smitprijs. Want zij is de stem van velen.