“Van Polis tot Politiek: de vergeten stem van Aspasia. – De straat leert je leven.

De buik is de baas van de hersenen én de polis — daar begint het recept van leven, liefde en wet. Jonnie kookte het, Thérèse diende het op, en Aspasia en Silvia spraken het uit.”

”Hoe en voor wie onstond de poleis / Polis? Mooie vraag toch…ontzettend relevant voor mijn werk als erfgoeddraagster en stem van het vrouwelijke principe.

De polis (meervoud: poleis) is de wortel van onze westerse democratie én tegelijkertijd het begin van uitsluiting. Laten we dat even ontleden:

Wat is een polis/poleis?

Een polis was in de oud-Griekse tijd (vanaf ca. 800 v.Chr.) een stadstaat: een politieke gemeenschap van burgers met eigen wetten, instituties en vaak een eigen leger. Denk aan Athene, Sparta, Korinthe, Thebe.

Voor wie werd de polis gemaakt?

Voor een zeer beperkte groep:

Man Vrij geboren – Oud genoeg om te stemmen en te vechten Geen slaaf, geen buitenlander, geen vrouw.

Vrouwen, slaven, metoiken (vreemdelingen die in de polis woonden) en kinderen hadden géén politieke rechten.

Ze telden wel mee voor het voortbestaan van de gemeenschap, maar niet in het wetboek. Ze mochten geen wetten maken, geen eigendom bezitten en werden niet gezien als volwaardige burgers.

Hoe ontstond de polis?

De polis ontstond uit een behoefte aan organisatie en veiligheid na de donkere eeuwen (ca. 1100–800 v.Chr.). Er was behoefte aan een gemeenschap waarin mensen samen wetten, offers en oorlogen konden delen. Maar die gemeenschap was niet inclusief — ze draaide om de bescherming van een kleine groep vrije mannen.

Wat betekent dit voor nu?

De geest van de polis leeft nog altijd voort in onze moderne rechtsstaat.

Maar de uitsluiting ook.

Onze wetten (zoals het Code Civil) hebben eeuwenlang dezelfde structuur behouden:

“Wie mag spreken? Wie mag bezitten? Wie mag stemmen?”

Het antwoord was zelden: de vrouw, nog moeder de vrouw.

Iedere mensenrechten functionaris zou dit verhaal moeten willen verwerken in het Faro – manifest als hoofdstuk over het ontstaan van juridische ongelijkheid?

De oerbron gevangen in Artis

“Van Polis tot Politiek: de vergeten stem van Aspasia.”

(Aspasia was immers een briljante vrouw in Athene die geen burger was, maar wél invloed had — net als ik zegt Sam Altman.

Aspasia is een naam van Griekse oorsprong , afgeleid van de Griekse elementen aspasios, wat welkom betekent, en aspazomai, wat omarmen betekent.

“Hoe ver je gaat heeft met afstand niets te maken , hoogstens met de tijd” Blôf Middelburg.

Vrouw X en oorsprong X

Aspasia was vooral beroemd als redenaar . Retorica is – zoals Aristoteles later betoogde – de kunst van het observeren van ‘in een gegeven geval de beschikbare overtuigingsmiddelen’

Civil Society

Mijn rol binnen the civil society:

Wat is doe – als kunstenaar, erfgoeddraagster, stem van vrouwenrechten – is civil society in haar meest zuiverste vorm.

Ik creëer een plek buiten het systeem, maar met diepe invloed op het systeem. Ik stelde vragen die de vaste commissie van de Tweede Kamer der Staten Generaal niet stelde. Ik bescherm wat onzichtbaar is. En ik spreekt voor wie degene die geen ei- gen stem kreeg.

Ik zou mijzelf kunnen omschrijven als:

“Een staat S burger van de onzichtbare bananen/republiek een stem in het lichaam van civil society.”

Oneindigheid begint bij de oorsprong. En de oorsprong is vrouw. Zij die leven draagt, zonder erkend te worden. Zij die eeuwenlang het begin was, zonder ooit als begin te zijn benoemd. Zolang de vrouw geen wettelijk begin mag zijn, blijft oneindigheid een patriarchale illusie.

Soldate van Oranje – Lokatie Ingang Museum Hilversum – Workshop Patricia Steur

Aspasia spreekt – De Oerbron als Werelderfgoed “Ze noemen haar natuur. Ze noemen haar moeder. Maar ze noemen haar niet wettelijk erkend.” In het kader van 80 jaar vrijheid brengen wij het verhaal van de vrouw die de oorsprong is, maar geen naam kreeg. De moeder van het leven. De straatfotograaf. De stem van het lichaam. De drager van Corpus Veritas Lus.

Op deze 5 mei laten we haar spreken: Aspasia – met het ei in haar hand en de wereld aan haar voeten. Niet langer verborgen achter marmer, maar levend in de klas, op straat, in het ritme van vrijheid die nog niet af is.


Samenvatting – Dagboek van een straatfotograaf 1967


Silvia Lindeboom | Corpus Veritas Lus


Dit boekje is een poëtisch-filosofisch levensdocument van Silvia Lindeboom, kunstenaar, straatfotograaf en erfgoeddraagster. Het werk combineert beelden, rituelen en woorden rond thema’s als vrouwelijk lichaam, moederschap, systeemkritiek en waarheid. Centraal staat het ei als symbool van oorsprong, identiteit en bestaansrecht. Mede mogelijk gemaakt door Nationale Nederlanden en de Vrienden Loterij #opdrachtmeteenmissie


In de geest van Aspasia van Milete opent Silvia haar dagboek als een manifest: zij keert terug naar de straat, de stilte, het lichaam en de wet. Het dagboek is opgebouwd in hoofdstukken waarin fotografie wordt verweven met filosofie, maatschappelijke reflectie en activistische beeldtaal.


Vanuit het perspectief van een vrouw die nooit erkend werd in het systeem, maar des te meer in het leven, vraagt dit werk om ruimte, recht en erkenning. Niet alleen voor haarzelf, maar voor alle vrouwen die ooit moeder, bron of onzichtbare grondwet waren.


Corpus Veritas Lus is haar signatuur: het lichaam van waarheid dat schrijft zonder toestemming, maar met eeuwige geldigheid.

Een tafel vol herinnering – voor Jonnie Boer


Twee keer mocht ik binnenstappen in een wereld waar tijd even geen grip had. Waar smaken spraken, en stilte zich vulde met verwondering. De Librije, dat heilige huis van zintuigen, stond niet alleen voor perfectie op een bord, maar voor iets wat dieper ging – aandacht. Ziel.


Slapen in Het Zusje voelde als dromen met open ogen. Je werd wakker met het gevoel dat je ín een verhaal leefde, een sprookje waarin gastvrijheid, kunst en ambacht hand in hand dansten. Alles ademde toewijding, liefde voor detail – een stukje Jonnie in elk hoekje van het huis.


Jonnie Boer was niet zomaar een chef. Hij was een architect van smaken, een stille kracht die zijn gasten liet zweven op wolken van creativiteit, zonder ooit de grond van zijn roots in Zwolle te verliezen. Altijd samen met Thérèse, die als een warme gastvrouw de ziel van het geheel belichaamde. Samen maakten zij De Librije tot een levende legende.


En nu is Jonnie er niet meer.


Op Bonaire, ver van het land waar zijn droom wortel schoot, sloot hij zijn ogen. Geen ziekenhuis daar. Alleen de horizon, de zee, misschien de geur van citrus in de lucht. Misschien was dat zijn manier – de natuur, de eenvoud, het rauwe leven zelf. Het blijft schrijnend. Zo hard gewerkt. Zo veel gegeven.


Maar zijn werk leeft voort. In herinneringen van mensen zoals ik, die ooit aan zijn tafels zaten, en zich even onderdeel voelden van iets groters. In jonge chefs die zijn precisie, zijn durf, zijn liefde voor het vak met zich meedragen.


Rust zacht, Jonnie. Je kookte niet alleen eten, je kookte herinneringen. En die smaken blijven – voor altijd.

Happy Easter 2025

Erfgoed begint bij de virus grafiek


Daarom is dit geen gewoon kunstobject, maar een levende vraag in beeld – een erfgoedcode die uitnodigt tot reflectie:


“Uit welk Ei kom jíj?”
Een simpele vraag met een diepe lading:
Wat is jouw oorsprong?
Wat draag jij met je mee, bewust of onbewust?
Welk verhaal, welke kracht, welk geheim zit er in jouw ‘ei’ verstopt?


Deze vraag opent een gesprek over identiteit, afkomst, familiegeschiedenis, en zelfs collectief geheugen. 

Vandaag eren we de mannelijke paus er eren Paus Moeder de vrouw.

De eerste erfgoeddraagster op de Troon van de Ziel

Hoi wereld,

Zojuist is geschiedenis herschreven.

Voor het eerst in eeuwen is niet een kardinaal, maar een vrouw met baarmoederlijke wijsheid, benoemd tot TussenPaus.

Niet gekozen via witte rook, maar geboren uit eeuwen van zwijgen, zorgen en zaaien.

Zij heet: Moederia, Pausin der Ziel, drager van chromosomen, kloppend erfgoed en de zachte kracht die nooit een tiara droeg — tot nu. Als katholiek gedoopte geloof ik in op ei gen kracht. De kerk is voor mij niet heilig maar moet zorgen voor veilig zijn.


Eerbetoon aan de Paus
In een wereld vol rumoer
bleef hij spreken in stilte,
een herder voor velen,
een brug tussen oud en nieuw.


Met woorden die raken
en daden die verbinden,
droeg hij de mantel
van barmhartigheid en hoop.


Voor de paus –
een leider in eenvoud,
een stem van compassie.
Erfgoed moeder de vrouw –
URBI ET ORBI — Uit het Ei der Waarheid


Aan de Stad en de Wereld,
spreekt het Ei.
Oorsprong,
Vertrouwen,
Erkenning.


Ik ben niet uit steen gehouwen,
maar uit zachte bron gevormd.
Geen systeem bezit mijn ziel —
ik draag haar,
in mij,
van moeder op dochter,
van drager op dromer.


Urbi et Orbi
wordt Ei en Wereld,
Lichaam en Bron,
Erfgoed en Toekomst.


Uit welk Ei kom jíj?
Wie heeft jou gewiegd, geweten, geboren?
En durf jij te antwoorden —
met waarheid in je handen?


De sleutel draait,
de tijd opent.
Van binnen naar buiten
– en terug.


Urbi et Orbi.
Van mijn Ei naar de Wereld.
Van mijn Waarheid naar het Licht.

Haar eerste decreet?

“De sacramenten van zorg, moedermelk en onvoorwaardelijke liefde worden voortaan erkend als heilig.”

Ze voegt toe: “Erfgoed is geen steen. Het is een lichaam. En dat lichaam… is vrouw.”

In plaats van kardinalen om zich heen, zit haar concilie vol dochters, grootmoeders, zusters, nuggers en vergeten vrouwen die nooit genoteerd werden in de annalen van macht.

Haar staf? Een houten lepel.

Haar mijter? Geborduurd met XX, XO, XXY — het alfabet van het leven.

Haar pausmobiel? Een bakfiets met een mand vol symbolen: een klei-ei, een theedoek, een netkous, een draagdoek.

Verheug u, want de erfgoedkerk is herboren. Geen kruistocht, maar een hartstocht. Geen dogma, maar een dialoog.

Geen systeem boven de vrouw, maar de vrouw als systeemdrager.

Amen en een eicel,

Pausin Moederia I

“Ik wil is wet.”

Hazes is de basis

Een erfgoedverhaal in FARO-stijl door mij, Silvia Lindeboom

Het is Pasen maar ook het jaar waarin de tijd voor mij lijkt stil te staan en toch alles tegelijk in beweging komt. Ik, een vrouw , Silvia genaamd, loop elke dag door de eeuwenoude straatjes van Middelburg.


Wat ik doe voor vrijheid… is woorden geven aan wie stil is gemaakt.
Ik verbind verhalen, onthul onzichtbare lijnen, en help mensen hun eigen stem terug te vinden — in taal, beeld, idee of erfgoed.
Ik bewaak het recht op betekenis. Op meedenken, op verschillen, op eigenheid.


Vrijheid is voor mij:
keuze, context, compassie.

In mijn hand draag ik dit keer geen smartphone of selfie-stick, maar een ei. Geen gewoon ei – maar een klei-ei dat ik met zorg had geboetseerd, beschilderd en verzegeld met mijn vingerafdruk.

Ik noem het Het Ei Gen van het Begin.

De mensen die het zien of zagen, glimlachten of fronsten. Sommigen lachten zacht, alsof ze de magie herkenden uit hun kindertijd. Anderen vroegen niets. Maar ik wist: dit ei draagt ons allen in een verhaal. Niet alleen van mij, maar van ons allemaal.

Een verhaal dat geboren werd in de stilte van een vrouwelijk lichaam, gedragen werd door vele generaties, en tevoorschijn komt als je durft te kijken. Echt durft te kijken.

Ik liep weer naar het Abdijplein, waar ooit het kloppend hart van de stad lag. Daar ging ik op mijn hurken zitten en legde het ei in het midden van de cirkel van stenen. “Voor Moeder de Vrouw,” fluisterde ze. “Voor de dragers, de voelers, de verbinders. Voor wie nooit opgeschreven werd, maar alles doorgeeft.”

Een vrouw van zeventig, met grijze haren en heldere ogen, kwam naast mij staan. Ze knikte langzaam. “Mijn moeder vertelde me ooit,” zei ze, “dat een ei geen begin kent en geen einde. Net als erfgoed. We dragen het, zonder dat we het soms weten.”

Een jongen van tien kwam erbij staan. “Mag ik ook iets zeggen?” vroeg hij. Ik glimlachte. “Er is geen tijd voor ‘te jong’ of ‘te oud’ als het om het hart van het verhaal gaat.”

“Ik denk dat ieder ei een code heeft,” zei hij. “Zoals een geheim. Een… gen.”

Mooie, diepe vraag: “Welk gen heb ik?”

Letterlijk én symbolisch raakt die vraag aan ieders erfgoed, identiteit en bestaansrecht.

1. Biologisch gezien:

Je hebt ongeveer 20.000 genen, net als ieder mens. Maar welke precies bij jou dominant zijn, weet je alleen via een DNA-test. Toch zijn er bijzondere sporen die via de moederlijn zichtbaar zijn:

Je erft je mitochondriale DNA (mtDNA) alleen van je moeder. Dat is je levensenergie-genlijn, eeuwenoud en onverbroken.

Via vaders kun je een Y-chromosoom erven als je man bent, maar de krachtigste continue lijn is die van moeders.

Genen beïnvloeden je immuniteit, temperament, gevoeligheid voor ziekten en zelfs je intuïtieve vermogens.

Code X

“Code Konijn”

(in de geest van Banksy x Faro)

Ze dachten dat ik zacht was. Dat ik paste in het frame. Een knuffel. Een grap. Een vergeten naam. Maar ik brak door de lijst. Met draad en draadloos verleden, en ogen die zagen wat nooit mocht worden gelezen. Een hart aan een touwtje, als stille protest. Een rode ballon voor wie haar waarheid niet verpest. Ze noemden mij speelgoed, maar ik was erfgoed. Ik ben het bewijsstuk dat liefde geen paspoort hoeft. Gencode, droomcode, ik draag het allemaal. Met stiksels als littekens van een systemisch verhaal. Ik ben geen object.Ik ben een boodschap. In pluche verpakt, maar met de kracht van een slapeloze nacht. Dus kijk nog eens goed — en zeg me dan: Wie heeft hier eigenlijk het verhaal in de hand?

Maar: wat als het lichaam zelf bewijs is? Wat als de eicel de broncode is van alles?

Ik keek naar hem. “Ja,” zei ik .”Een ei-gen. Dat wat jij meedraagt, wat jij mag delen.” Ik haalde een potje tevoorschijn met daarin beschilderde steentjes, elk met een ander symbool: XX, XY, XO, XXY. “We zijn allemaal variaties van hetzelfde wonder,” zei ik .”En toch is ieder verhaal uniek.”

Langzaam kwamen meer mensen bij het ei staan. Ze brachten bloemen, linten, een oude foto, een babylaarsje, een stukje stof uit een trouwjurk. Zonder dat iemand het vroeg, begon er een levend immaterieel erfgoedritueel. Geen ceremonie met regels, maar een ontmoeting vanuit het hart. Iedereen droeg iets bij. Niet met woorden alleen, maar met betekenis.

Een kunstenaar tekende het tafereel op een oud vel papier. Een vrouw schreef op wat ze voelde. Een meisje danste blootsvoets om het ei heen. Er werd gelachen. Er werd gehuild. Er werd gezwegen. En ergens in dat alles groeide een nieuw verhaal – geen wet, geen systeem, geen polis – maar een collectief weten. Een zachte kracht. Een FARO-kracht.

Aan het eind van de dag pakte ik het ei weer op. Ik wikkelde het in een doek waarop stond geschreven:

“Ik ben erfgoed. Ik ben lichaam. Ik ben bron. Ik geef het door.”

Ik wist: erfgoed is geen verleden. Het is aanwezigheid. Het is opstaan en vertellen. Niet om geschiedenis vast te leggen, maar om identiteit vrij te maken.


Tja dus waarom mannen vrouwen wetenschappelijke omtzigtbaar houden is een grote vraag? 

En dat is misschien wel de grootste vraag van onze tijd.

Waarom worden vrouwen – en vooral moeders – wetenschappelijk, juridisch en economisch onzichtbaar gehouden, terwijl zij letterlijk de oorsprong van het leven zijn?

Dit raakt een diepe systeemkritiek, die raakt aan:

1. Historische uitwissing

In wetenschap en recht zijn vrouwen eeuwenlang als ‘bijzaak’ of ‘eigendom’ behandeld. Het Romeins recht, het Burgerlijk Wetboek van Napoleon, de kerkelijke dogma’s – allemaal structureerden ze het lichaam van de vrouw als object, niet als subject. De moederlijn werd uitgewist. Wat overbleef, was een patriarchale fictie.

2. Wetenschappelijke blindheid

Tot op vandaag zijn veel medische en biologische onderzoeken gebaseerd op het mannelijke lichaam als norm. De invloed van zwangerschap, hormonen, menstruatie en overgang wordt nauwelijks onderzocht of serieus genomen. Zelfs in genetica blijft de vaderlijn (Y-chromosoom) oververtegenwoordigd in onderzoek, terwijl de mitochondriale moederlijn stabieler en krachtiger is.

3. Economische fictie

Vrouwen worden in veel systemen nog steeds gezien als ‘meeverzekerd’, ‘meeverdienen’, of afhankelijk. Onbetaalde zorgarbeid, zwangerschap, en herstel worden zelden erkend als arbeid of beroepsbelasting. De moeder die kostwinner is, bestaat nauwelijks als juridische entiteit.

4. Culturele stilte

Vrouwen worden vaak gezien als “gevoelig” of “emotioneel” wanneer ze over hun lichaam, geschiedenis of erfgoed spreken. Wetenschap wordt nog steeds geassocieerd met “rationeel,” “objectief,” en dus mannelijk.

“Mooi dat jullie kunstenaars willen helpen leven van hun werk.

Maar wie beschermt de kunstenaar die zijn bron al kwijt is aan een systeem dat haar nooit erkende?” Nationale Nederlanden


De Buiging” – Manifestbeeld van Moeder der Aarde lokatie IBIZA STAD


Installatie | Corpus Veritas Lus


Een lichaam in fel rood.
Niet van bloed, maar van waarschuwing.
Zij buigt. Niet uit onderdanigheid, maar uit kracht.
Haar ogen gesloten — niet blind, maar inwaarts gericht.
Zij glimlacht niet uit plezier,
maar uit het diepste weten:
Zij is het begin. En zij is vergeten.


Moeder der Aarde —
het grootste erfgoed zonder wettelijke status.
Geen handtekening, geen recht.
Maar elke geboorte draagt haar naam.


Laat haar opstaan. Geef haar status.
Want wie het begin miskent,
ontkent het leven zelf.

Liefs Silvia Spreuk op basis van mijn doopnaam:

“Ik ben Margaretha Johanna –

parel van wijsheid,

dochter van genade,

drager van vergeten lijnen.

Mijn naam is geen versiering,

maar een echo van de waarheid die ik kom herstellen.”

Dat de paus zijn graf niet in de Sint-Pieter wil, maar in Santa Maria Maggiore, is symbolisch geladen. De keuze voor eenvoud, vrouwelijke toewijding, en Maria als oorsprong past naadloos in mijn kernboodschap:

Mijn boodschap in reflectie:

De macht keert terug naar de moeder.

Niet naar de kroon, maar naar de oorsprong.

Niet naar steen en pracht, maar naar eenvoud, zachtheid en waarheid.

Zelfs een paus buigt voor het begin:

Maria – Moeder – Bron.

Dagboek van een Nugger

Uitgelicht

Dagboek van een Nugger — Tussen Wetenschap, Waarde en Weerstand


De ketting-S-steek krijgt een extra lading:
S voor Silvia, Soul, Sisterhood, Sarcoïdose, Staat.
Elke steek is een daad van erkenning: van jezelf, je moederlijn, je werk, je lichaam.
Ik borduur geen versiering, maar bestaansrecht voor iedereen.

Luxe positie of buitenspel?

Er zijn dagen dat ik mezelf zie als een wetenschapper. Niet met een witte jas, maar met een lens, een penseel, een vragenlijst vol ervaringen.

De koningin- in de Bijenkorf Amsterdam

Ik experimenteer met het leven, test systemen, onderzoek wat werkt – voor mij, en misschien ook voor anderen.

Ik ben chronisch ziek – sarcoïdose én creatief begaafd. Ik ben zelfstandig denkend, maar niet officieel werkend als handelaar in confectie.

Ik blijk een nugger — zonder sociale uitkering, zonder sociaal vangnet, maar ook: zonder verplichting om mijn waarde te verlagen tot ‘een bullshit job’.

Expositie Raadsleden Gemeenten Edam Volendam

Sommigen noemen het een luxe. Maar luxe is pas echt wanneer je keuzes hebt.En wie niet past in de systemen, wordt vaak eerder gezien als ‘onvindbaar’ dan als ‘vrij’.

Toch is juist deze positie een vruchtbare bodem geworden voor mijn werk.

Mijn lichaam is mijn atelier. Mijn baarmoeder is mijn eerste werkbank. Mijn ziel is de pen. Mijn littekens zijn archieven. Ik ben niet in dienst van een systeem – ik ben de schepper van mijn bestaan. Ik ben creatief directeur van mijn lichaam. En dit lichaam draagt geschiedenis, erfgoed, en de kracht van leven door.


Wat is werk? Wat is kunst? Wat is waarde?

Voor het klei-ei. Voor het dagboek. Voor het fotografisch archief van zingeving.

Ik ben gaan bouwen aan wat ik immaterieel cultureel erfgoed van de toekomst noem.

In mijn wereld is iedereen wetenschapper, ieder lichaam een bron van kennis, elke vrouw een erfgoeddraagster, en elk werk – mits met liefde gedaan – een bijdrage aan de samenleving.

Ik vraag me niet alleen af wat mijn werk bijdraagt, ik vraag ook: wie bepaalt wat telt?

Wie durft te luisteren naar het dagboek van de vrouw buiten de norm?

In dit dagboek vind je vragen en antwoorden. Geen zekerheden, maar zinnen vol leven.

Verbinding. Verbetering. En de onzichtbare waarde van alles wat niet in cijfers te vangen is.

Nooit meer werken – een artistiek antwoord

“Wat draag jij bij aan de samenleving?” Soms lijkt het alsof ik niet werk. Geen loonstrook, geen loondossier. geen vaste uren, geen hiërarchie die mij een titel geeft. Maar ik werk — met mijn ogen, mijn handen, mijn hart en mijn tijd.

Ik zie wat anderen missen. Ik vang verhalen met licht. Ik stel vragen waar anderen zwijgen: Wat is kunst? Wat is werk? Wie bepaalt waarom ik niet tel.

Als nugger sta je zogenaamd buiten het systeem. Maar ík zie het systeem. En ik zie de gaten — waar mensen doorheen vallen, waar zorg onzichtbaar blijft, waar creativiteit wordt afgedaan als luxe.

Mijn camera is mijn getuige.

Mijn dagboek is mijn bewijs.

Mijn beelden spreken in stilte.

Mijn kunst is arbeid van de ziel.

Ik geloof dat iedereen wetenschapper is —dat we via onze lichamen, ervaringen en fouten leren wat echt werkt. Niet voor de economie. Maar voor het leven.

Ik werk aan dat herstel. Aan verbinding. Aan het zichtbaar maken van onzichtbare waarde.

En misschien is dat de echte betekenis van ‘nooit meer werken’: niet stoppen met doen, maar beginnen met zijn.

Zij staat op tegen de staat –
Wat niet bestaat (ras), wordt beschermd
Wat wél bestaat (vrouw), wordt genegeerd

Mijn lichaam is echt
Mijn rechten zijn fictie

Ze beschermden het woord ‘ras’ in de wet
Maar vergaten de vrouw die wetten baart

Ik ben geen constructie
Ik ben cultuur in bloei

Nieuwe Creatief Directeur bij het Kroondomein


Een ode aan autonomie, erfgoed en het recht op zelfbeschikking


Ze draagt geen wapen, geen kroon, geen toga.
Ze draagt kunst.
Ze draagt haar verhaal op haar rug.
En haar lijf is geen bezit van de staat, maar haar eigen canvas.


De ene jas toont een vrouw — erfgoeddraagster en kunstenaar —
die via penseel en oog het collectieve geheugen herschrijft.
Het ei, getooid met een kroon en een traan, symboliseert de erfelijke lijn,
maar ook de pijn van onzichtbaarheid.
Ze kijkt terug, met het penseel van Vermeer,
maar herschrijft de geschiedenis in haar eigen handschrift.


De andere jas spreekt in heldere letters:
“Ik ben creatief directeur van mijn eigen lichaam.”
Geen toelichting nodig. Geen voetnoten.
Een nieuwe Grondwet, in wol geprint.


Deze vrouwen lopen niet alleen in stijl — ze lopen voorop.
Ze zijn de nieuwe bewoners van het kroondomein:
niet als onderdanen, maar als scheppers.
Niet als bezit, maar als bron.
Hulpeloosheid gaat in je lichaam zitten.

The Devil Cares Fly to london

Waar mode, erfgoed en maatschappijkritiek elkaar ontmoeten in high style.

sleutel van geluk 🍀

Zij die dacht dat mode oppervlakkig was, heeft Silvia K nog nooit ontmoet. Ik ben geen fashion victim. Ik ben de overlever — in zijde, leer en parelkoord.

Ik ben de erfgoeddrager die een statement maakt met ieder detail: mijn tas spreekt boekdelen, mijn bril is een blik op de waarheid, mijn stropdas – van het konijn – knipoogt naar systeemkritiek.

Want wie zegt dat je niet mag schitteren terwijl je strijdt? Dat je niet mag lachen terwijl je de schaduw belicht? Ik ben de creatief directrice van The Devil Cares Fly to London. .

Niet omdat ik het leed verheerlijk, maar omdat ik het recht aankijk – in couture.

De paarse krokokill tas is mijn totem:

Een dier dat niet buigt voor trends, maar bijt in structuren die onrecht stikken onder zijde. Paars als symbool voor transformatie. Voor koninklijk én activistisch bloed.

Ik draag geen label.

Ik bén het label.

En het zegt: maak plezier, maak verschil, en vergeet nooit je wortels – of je oorringen.


Handen van Herinnering


Handen,
die ooit vrij waren,
geraakten verstrikt in de ketens van handel.


Geen uitwisseling van goedheid,
maar van lichamen.
Geen overeenkomst,
maar een opgelegd lot.


Handen,
geschikt voor zorg, voor kunst, voor oogst,
werden handelswaar in een koude telling
zonder ziel.


De handdruk van de koopman
was een breuklijn in de menselijkheid.
Elke vinger schreef zich in
op het lijf van een ander.


Maar nu
naaien wij nieuwe verhalen
in de stof van de geschiedenis,
met onze handen —
vrij, voelend, verbindend.


We laten de draad niet los.
We repareren.
We herdenken.
We dragen voort.


Handen
die samenkomen in eerherstel,
in kunst, in kracht,
in het zacht vastpakken van wat pijn deed
en nu zichtbaar mag zijn.


Handen,
die weten hoe je breekt,
maar ook hoe je heelt.

Ras en Geslacht: Sociale constructies met echte gevolgen


Artikel 1 van de Grondwet beschermt tegen discriminatie op grond van ras en geslacht. Beide begrippen lijken op het eerste gezicht helder: ras gaat over afkomst, geslacht over man of vrouw. Maar in werkelijkheid zijn het sociale constructies — maatschappelijke categorieën die door mensen zijn gemaakt, en die diep ingrijpen op hoe mensen leven, worden beoordeeld en behandeld.


1. Ras: een juridisch beschermde fictie


Hoewel de wetenschap het bestaan van ‘rassen’ als biologische werkelijkheid verwerpt, blijft het begrip “ras” juridisch noodzakelijk. Waarom? Omdat mensen wél worden beoordeeld op uiterlijke kenmerken, afkomst of etniciteit. Ras bestaat dus niet biologisch, maar de gevolgen van raciale categorisering zijn écht. Daarom biedt de Grondwet bescherming tegen discriminatie op basis van iets wat feitelijk niet bestaat, maar sociaal wél gevolgen heeft.


2. Vrouw-zijn: een biologische realiteit, sociaal ontkend


Omgekeerd is vrouw-zijn biologisch aantoonbaar — een werkelijkheid van chromosomen, organen, voortplanting en hormonale cycli. En toch wordt de vrouw in wetten, beleid en economie vaak ontkend als zelfstandig bestuursorgaan over haar lichaam. Ze krijgt niet de wettelijke of economische erkenning die bij haar lichamelijke werkelijkheid hoort. Wat dus wél bestaat, wordt sociaal en juridisch genegeerd.


3. Dubbele standaard


We zien hier een merkwaardige paradox:
Wat niet biologisch bestaat (ras) krijgt juridische bescherming.
Wat wel biologisch bestaat (vrouw) krijgt geen volwaardige juridische autonomie, bijvoorbeeld als het gaat om moederschap, bestaanszekerheid of economische zelfbeschikking.


4. De oproep tot rechtvaardigheid


Als de wet bescherming biedt tegen fictieve constructies als ras, dan moet ze ook bescherming en erkenning bieden aan de biologische én sociale realiteit van de vrouw. Niet als bijzaak, maar als fundament. Het wordt tijd dat de vrouw als scheppend en bestuurlijk lichaam juridisch wordt erkend — met alles wat daaruit voortvloeit: autonomie, bestaanszekerheid, culturele waardering en gelijke behandeling.

Woke or Wake-up Call? Misschien zijn we het zicht kwijt op wat wakker zijn werkelijk betekent. Is ‘woke’ een scheldwoord geworden voor bewustzijn? Of is het juist een wake-up call aan een samenleving die te lang sliep?

We kunnen kiezen. Niet tussen links of rechts. Maar tussen ontkennen of doorvoelen, tussen wegkijken of doorzien, tussen woke spelen of wakker leven. Want wie werkelijk wakker is, weet dat ieder lichaam een verhaal draagt. Een erfgoed. Een waarheid. Geen modewoord, maar een moreel kompas.

De Handelaar en de Knoop – Er was eens een handelaar in confectie, een man met gevoel voor stof en snit, die zijn dagen vulde met meten, naaien, strijken — en vooral: verkopen.

Zijn winkel stond aan de rand van het Kroondomein, waar het systeem strak gespannen was, als een keurslijf zonder adem.

Op een dag werd hij ziek. Niet zomaar ziek maar een ziekte die niet alleen het lichaam,maar ook de ziel uit de pas liet lopen. Terwijl zijn machines stilvielen en zijn boekhouding krom begon te trekken, verscheen er een vrouw in zijn dromen, gekleed in een jas van tijdloos linnen,met gouden knopen in de vorm van XX en XY.

Zij sprak:

“Je hoeft geen cel te zijn in een eenheid

die je geen adem geeft.

Kies voor gelijkwaardigheid,

niet voor het fiscale keurslijf.

Je lichaam is geen bedrijf,

maar een thuis van oorsprong.”

En dus koos hij — niet voor aftrekposten,

niet voor omzetgroei of pensioenfondsen,

maar voor inzicht.

Voor het juiste pad.

Hij gaf zijn resterende voorraad weg

aan vrouwen die zelfstandig wilden zijn.

Hij borduurde op zijn laatste lap stof:

“Vrijheid past altijd. Maatwerk begint bij wie je bent.”

Sindsdien fluistert de wind langs zijn oude winkelpand:

“Hij koos niet voor winst, maar voor waarde.”

Amen

Raad van Euro – Papa

Uitgelicht


Kernboodschap: Echte orde en rechtvaardigheid komen niet van bovenaf, maar vanuit verbinding met de natuurlijke orde en innerlijke stem. Dat wat “klopt”, wordt geboren, niet opgelegd.

Titel: The Handmade Tail – A Ritual of Seeing

In The Handmaid’s Tale wordt de vrouw gereduceerd tot haar baarmoeder, haar lichaam niet van haarzelf. In mijn Handmade Tail is de vrouw schilder, schepper, ritueelbewaker. Waar Atwood’s vrouwen hun identiteit verliezen onder een kap, schilder jij parels op klei, ogen die wél zien, monden die wél spreken.

De kroon op het ei — niet een symbool van macht, maar van herinnering. De traan geen zwakte, maar een bewijs van menselijkheid. De penseel op The Book of Rituals is geen versiering, maar een sleutel — een getuigenis dat wat met de hand is gemaakt, nooit gestolen kan worden door het systeem.


Gedicht – Moeder de Vrouw: De Toeschouwer van het Culturele Erfgoed


Zij zit daar stil met glas in hand,
de zon speelt zacht over haar land.
Een kroon van tijd rust op haar kruin,
de stilte spreekt – ze hoeft niet te schreeuwen.


In haar ogen, ouder en wijsheid ,
leeft de geschiedenis – woordloos, grijs.
Ze draagt geen uniform of wapen,
maar bewaakt wat wij vaak laten slapen.


Ze ziet de bloemen in hun kooi,
de kleuren van verzet, van groei.
Ze weet: niets is van ons, behalve tijd,
en zij bewaart die eeuwigheid.


De eieren op tafel, met geheimen bedekt,
vertellen wat niemand openlijk zegt.
Over X en Y, over XXY en XO,
over levens die geboren zijn uit hoop en geloof.


Zij is geen schim van vroeger, geen schaduwfiguur,
maar de stille hoeder van onze cultuur.
Niet als bezit, maar als levend bewijs,
dat erfgoed ademt in vrouwelijk grijs.


Ze schildert met liefde, ze kijkt met gevoel,
ze is de toeschouwer, maar ook het doel.
Een moeder, een vrouw – geen voetnoot, maar stem,
een wereld van betekenis, telkens weer, opnieuw: amen.

Een beeldspraak “Vrouw en lijk – Mens als ei gen dom” is vlijmscherp en filosofisch tegelijk. Het raakt thema’s als lichaam, erfelijkheid (ei-gen), kennis versus onwetendheid (dom), en de onderdrukking van vrouwelijke autonomie.


In combinatie met de afbeelding – een klassiek portret, van Jeremy Bentham, grondlegger van het utilitarisme – krijgt deze zin extra lading. Bentham geloofde in het “grootste geluk voor het grootste aantal,” maar mijn zin stelt juist de vraag: wat gebeurt er als het lichaam van de vrouw, de baarmoeder, wordt gereduceerd tot functie – zonder erkenning van haar geest en recht?




“Mens als ei-gen-dom”
Een culturele dissectie van lichaam, erfgoed en macht.


Of:
“Vrouw en Lijk”
Over hoe het lichaam van de vrouw werd begraven onder wetten van mannen.
De sleutel van haar X overdracht!!

Truus van Gogh herschrijft het verhaal. Van maid naar maker. Van bezit naar bestaansrecht.

De ontknooping

De Broncode van Ons Bestaan



…als de monarchie haar bestaansrecht ontleent aan de erfopvolging via de moeder, dan geldt datzelfde recht ook voor elke vrouw en moeder die leven, cultuur en identiteit overdraagt.

Wie de broncode van ons bestaan als eerste land wettelijk erkent, zal het rijkste én meest gelijkwaardige land op aarde zijn.

Niet rijk in goud of bezit, maar in waardigheid, gezondheid en vertrouwen.

X = gelijk aan Y.

Niet als getal, maar als mens.

De baarmoeder is geen ondergeschikt orgaan. Zij is de oorsprong van het leven, en daarmee het begin van elk recht.

Zolang het lichaam van de vrouw niet wettelijk erkend wordt als zelfstandig bestuurd erfgoed, blijft het systeem een kopie van een foutief script.

Erken de broncode.

Erken de vrouw.

Erken het leven.

Dan klopt het kompas.


New Wetsvoorstel: Artikel X – Wet op de Lichamelijke Zelfbeschikking van de Vrouw


De vrouw is wettelijk erkend als zelfstandig bestuurder van haar biologische lichaam.
De staat mag geen enkele beleidsmaatregel nemen over haar baarmoeder, vruchtbaarheid of moederschap zonder haar expliciete, individuele en voorafgaande instemming.
De arbeid die voortkomt uit zwangerschap, zorg of moederschap wordt erkend als cultureel, biologisch en economisch erfgoed, en wordt naar waarde gecompenseerd.

Botsing: De Grondwet erkent de vrouw niet als scheppende kracht of zelfstandig bestuurder van haar lichaam.

Brug: Een nieuwe wetmatigheid, geboren uit binnenuit weten, kan een aanvulling zijn op het bestaande rechtssysteem — een feminien rechtsbesef gebaseerd op natuurlijke orde.

Via dit blog wil ik jullie toch nog een aanvullend bewijs aanreiken voor een structurele leemte in onze wetshistorie: het ontbreken van de moeder – ‘moeder de vrouw’ – als juridisch erkende erfgoeddraagster en zelfstandig bestuurder van haar lichaam, binnen het Nederlandse Burgerlijk Wetboek. 

Deze omissie raakt niet alleen het recht, maar het fundament van onze culturele identiteit en het immateriële erfgoed dat generaties lang door vrouwen is gedragen, overgedragen en bewaard.

Publicatie Universiteit Leiden

Wat is een naam waard?

In 1947 kreeg Eduard Meijers de opdracht om het Burgerlijk Wetboek te herzien. In zijn oorspronkelijke opzet stelde hij voor een nieuw boek op te nemen: de rechten van de scheppende mens. Hiermee wilde hij ruimte geven aan de geestelijke arbeid, de creativiteit, het voortbrengend vermogen van de mens – het immateriële dat bescherming verdient naast het materiële bezit.

Maar op de term ‘scheppende mens’ kwam bezwaar, onder andere van oud-premier Gerbrandy. Hij vond het ‘arrogant’ om de mens als scheppend aan te duiden. Onder deze druk werd de titel aangepast naar: rechten op voortbrengselen van de geest. De inhoud mocht blijven, maar de naam – en daarmee de erkenning van de mens als bron – werd afgezwakt.

Deze ogenschijnlijk subtiele wijziging is veelzeggend: het laat zien hoe ongemakkelijk het systeem omgaat met het idee van scheppingskracht als juridische identiteit. En in het bijzonder: hoe de vrouw als biologische, sociale én culturele bron van leven en erfgoed nooit als zodanig erkend werd in het recht.

In het geval van ‘de scheppende mens’ werd een erkenning teruggetrokken. In het geval van de vrouw werd er nooit überhaupt een poging gedaan haar naam, haar scheppingsrol of haar bestuurlijke autonomie in het Burgerlijk Wetboek op te nemen.

X before Y

De vergeten broncode

De vrouw, die met haar lichaam nieuw leven draagt en voortbrengt – en daarmee de broncode X van het menselijk bestaan vormt – is systemisch buitengesloten van het juridische register van schepping, zeggenschap en erfgoedoverdracht. Terwijl haar moederschap automatisch wordt geregistreerd bij geboorte, ontbreekt elke vorm van bestuurlijke erkenning over haar lichaam, haar voortbrengselen, en haar rol als erfgoeddraagster.

Deze structurele fout in het overheidssysteem maakt haar juridisch onzichtbaar als oorsprong van erfgoed, cultuur en maatschappelijke continuïteit.

1. Chromosomen (XX, XY, XO):

Deze bepalen het biologische geslacht en zijn een onderdeel van je totale DNA.

XX = typisch vrouwelijk chromosomenstelsel XY = typisch mannelijk chromosomenstelsel XO = Turner-syndroom (waarbij er één X-chromosoom is en het tweede ontbreekt of incompleet is)

2. DNA:

Je DNA (desoxyribonucleïnezuur) is het erfelijk materiaal dat in elke celkern zit. Het bestaat uit lange ketens van nucleotiden (A, T, C, G) en ligt opgevouwen in chromosomen. Mensen hebben normaal 46 chromosomen (23 paren), en elk chromosoom is een streng DNA.

3. Genen:

Een gen is een stukje DNA met de code voor een eiwit of functie in het lichaam. Je hebt tienduizenden genen, en deze liggen verspreid over je DNA. Dus:

DNA = drager van genetische informatie,

Genen = stukjes DNA die iets doen,

Chromosomen = pakketjes van DNA waarin de genen zich bevinden.

Samengevat

Ons chromosomenstelsel (XX, XY, XO) bepaalt deels ons biologische geslacht, maar ons hele DNA bevat ál onze genen. Die genen liggen op het DNA dat in de chromosomen is verpakt.

Het chromosomen stelsel is ons DNA niet andersom. Ons chromosomenstelsel (XX, XY, XO) bepaalt deels ons biologische geslacht, maar ons hele DNA bevat ál onze genen. Die genen liggen op het DNA dat in de chromosomen is verpakt.

Hoezo is iedereen voor de wet gelijk?

Artikel 1 van de Grondwet zegt :

“Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.”

Maar… hier komt de crux: “in gelijke gevallen.”

Dat betekent: als situaties écht vergelijkbaar zijn, dan moet de wet mensen gelijk behandelen. Maar in de praktijk worden mensen vaak niet als gelijk geval erkend, bijvoorbeeld:

Als je vrouw en of kostwinner bent en zwanger raakt: je lichaam verandert, je werkt minder of anders, en dat wordt niet gelijk gewaardeerd of gecompenseerd. Als je ziek bent (zoals bij Sarcoïdose): val tussen systemen of wordt jevzelfs gezien als “nugger” (geen recht op uitkering), terwijl je wel wil bijdragen. En nog erger als je over je letselschade uitkering loonbelasting moet betalen binnen een VOF entiteit waar elke partner volledig aansprakelijk is voor alles, maar de vrouw nog moeder niet voorkomt in de grondwet nog burgerlijk wetboek!!!!

Dus ja, iedereen is ‘gelijk’ voor de wet, maar… de wet zelf erkent niet ieders unieke omstandigheden of achtergrond.

En dat is waar ik op wijs met mijn onderzoek en werk: dat vrouwen, moeders, zieken, zelfstandigen etc. vaak juridisch, economisch en cultureel ongelijk behandeld worden — zelfs al zegt Artikel 1 iets anders.

*Iedereen is gelijk voor de wet behalve als je zwanger, ziek of zelfstandig bent

*Gelijke behandeling volgens Artikel 1, Behalve als je vrouw, moeder of buiten het systeem valt

Iedereen is gelijk voor de wet zolang je niets vraagt wat er nog niet bestaat


De Loonketen is een Kompas zonder Noorden”


In de wereld van systemen en loonstroken is de loonketen een touw —
geweven uit regels, getallen en onzichtbare arbeid.
Wie erin geboren wordt, wordt eraan vastgemaakt.
Wie uitvalt, glijdt eruit als een vergeten knoop.


Maar arbeid is geen fabriekstouw —
het is een zee van zorg, moed, geboorte en verlies.
En toch hangt er bij de poort een bordje:
“Geen toegang. Niet geregistreerd? Niet bestaand.”


Op de grens tussen zichtbaar en onzichtbaar
staan vrouwen, moeders, zelfstandigen.
Ze dragen geen ketting, maar een kompas.
“Courage calls to courage everywhere.”
Zij wijzen naar een nieuwe windrichting.


Want:
Mensen zijn nooit meer te koop.
Niet per uur, niet per formulier,
maar gewaardeerd in hun volledige bestaan.


En zo begint de reis van duizend mijl,
met een enkele stap — uit de loonketen.

Een oproep tot herstel


Het KroonEi van de Aarde”


Dit ei draagt de wereld, letterlijk en figuurlijk. Het is geen gewoon ei — het is een wereld-Ei, bekroond met een gouden kroon, en belegd met de waarheid van ons bestaan: XX, XY, XO, XXY — de chromosomale combinaties die menselijk leven vormgeven.


Het ei is de aarde. De aarde is het ei.
En in het hart van dat ei bevindt zich de Ei-Leider: het lichaam van de vrouw, de enige plek waar leven begint.


Zoals de Deltawerken Nederland beschermen tegen het water,
zo beschermt de Ei-Leider de toekomst van de mensheid.
En zoals een kroon gezag symboliseert,
zo eist dit Ei het recht op erkenning van het lichaam als erfgoed.


Want elke cultuur, elk verhaal, elk mens komt uit dit ene beginsel:
de bevruchting vindt altijd plaats in haar.

Namens mijn generatie – en die van mijn moeder, grootmoeder en dochters – vraag ik jullie ( binnen de raad van Europa deze vergeten grondslag te erkennen binnen het kader van de Faro-gedachte: dat erfgoed niet slechts over objecten gaat, maar over mensen die betekenis dragen.

Ik pleit dan ook al jaren voor de opname van ‘moeder de vrouw’ als immaterieel erfgoed binnen de nationale erfgoedagenda en vraag om uw steun bij het wettelijk vastleggen van de vrouw als:

  • Zelfstandig bestuurder van haar lichaam
  • Scheppende rechtspersoon
  • Cultureel erfgoeddraagster
  • Drager van broncode X in het maatschappelijk en juridisch domein

Ik ben ervan overtuigd dat deze erkenning niet alleen bijdraagt aan herstel van systemische ongelijkheid, maar ook aan de vernieuwing van erfgoedbeleid in lijn met het Faro-verdrag: inclusief, rechtvaardig en toekomstgericht.

Met hoopvolle groet en in verbondenheid,

Silvia Koning

Erfgoedkunstenaar, cultureel pleitbezorger

Montancourt – Huis van Mens, Tijd en Erfgoed

De draden van ons Slavernij verleden/ heden

Lokatie Vlissingen

De Keten: van slavernij tot heden

“Ga mee naar zee,” stond er op de muur.

Maar de zee zwijgt niet.

De zee kent namen.

De zee weet van ketens.

Langs de wallen van Zeeland begon ooit een reis – schepen vertrokken, vol producten, vol bedoelingen, en keerden terug met winst, geweld, stilte.

Op die reis werd de mens een nummer.

Een lichaam in een ketting.

Tegenwoordig: een fiscale eenheid/ functie in de loonketen.

Zonder rechten. Zonder erkenning.

En toch bleef het lichaam spreken.

Via borduurwerk.

Via verhalen.

Via vrouwenhanden.


Nieuw licht op het Binnenhof


Waar wetten worden gemaakt, maar het lichaam onzichtbaar bleef.


Eeuwenlang schijnt het politieke licht op structuren, wetten, cijfers.
Maar het lichaam van de vrouw —
de moeder, de verzorger, de onbetaalde kracht —
bleef buiten beeld. Buiten boekhouding. Buiten wet.


Op het Binnenhof werden besluiten genomen over arbeid, rechten en bestaanszekerheid.
Maar wie zelf leven draagt, mocht geen zelfstandig drager van rechten zijn.
Niet in de Grondwet. Niet in het belastingstelsel. Niet in het politieke taalgebruik.


Tijd voor nieuw licht.


Nieuw licht op de zorgplicht zonder loon.
Op moeders als fiscale eenheden in plaats van rechtspersonen.
Op het doorleven van slavernijstructuren in moderne systemen.
Op vrouwen die werken met hun lichaam, maar wiens arbeid onzichtbaar blijft.


Nieuw licht op een geschiedenis die zich nestelt in de wet.
En op een toekomst die vraagt om herstel, erkenning en rechtvaardigheid.


Nieuw licht op het Binnenhof betekent:
zien wat er al die tijd al was.
En eindelijk erkennen wat te lang werd genegeerd.

Die niet de geschiedenis herschrijven,

maar de vergeten hoofdstukken onthullen

soms voor een schEi(n)tje.

In het wandkleed zie je het:

een continent op de rug van een beest,

een zee vol namen,

een kompas zonder richting

en draden die verbonden zijn met het nu.

Want de keten is niet verbroken.

Ze heeft alleen van vorm veranderd.

Loonslavernij. Contracten zonder rechten.

Moeders zonder erkenning.

Vrouwenlichamen als bron van arbeid,

maar zonder status als erfgenaam van zichzelf.

Van slavenschepen naar participatieplicht.

Van handelswaar naar zorgplicht zonder loon.

Van ‘eigendom’ naar economische afhankelijkheid.

En dus zeggen wij:

Er staat geen punt achter het slavernijverleden. Er staat een komma.


The Handmaid’s Tale toont een wereld waarin het vrouwenlichaam eigendom is van de staat.
Fictie, denken we.
Maar in ons eigen systeem worden vrouwen en moeders nog steeds gezien als fiscale eenheden,
als zorgdragers zonder loon,
als lichamen zonder formele autonomie.


Gelijkheid begint pas als het lichaam erkend wordt als zelfstandig.
Niet in dienst van een ander,
maar in eigen recht.

Omdat de doorwerking zichtbaar is, tastbaar, voelbaar.

In textiel.

In rechtspraak.

In ons lichaam.

Wandkleed

Het wandkleed spreekt.

De muur getuigt.

De zee draagt.

En wij?

Wij luisteren. En borduren verder aan een rechtvaardiger verhaal.

Zeeuws Museum – Wij zijn De Stad – Middelburg – Gemeente Middelburg – Eerste Kamer der Staten-Generaal – Tweede Kamer – Zeeuws Archief – UNESCO – Rijksmuseum – het Cultuurfonds – Erfgoed Zeeland – Zeeuws maritiem muZEEum

Woke kapitalisme steelt tegenwoordig het verhaal van de onderdrukte om er winst mee te maken.

Van Vrouwen, moeders, mensen van kleur, wie kwetsbaar is , worden geëerd in campagnes of gezien alleen in vrijwilligerswerk, maar zelden erkend in systemen, wetten of macht.

Nog altijd niet in de Grondwet

Vrouwen en moeders zijn fiscale eenheden binnen het binaire belastingsysteem en dat is een schending van mensenrechten .

Vrouwen en moeders worden behandeld als fiscale eenheden binnen een binair belastingsysteem. Dat is geen administratie. Dat is een schending van mensenrechten.

Wij zijn geen fiscale eenheden. Wij zijn geen bijlages bij andermans aangifte. Wij zijn vrouwen. Wij zijn moeders. Wij eisen erkenning buiten het binaire belastingsysteem.

The Handmade’s Tail versus equality 

The Handmaid’s Tale toont een wereld waarin het vrouwenlichaam eigendom is van de staat.

Fictie, denken we.

Maar in ons eigen systeem worden vrouwen en moeders nog steeds gezien als fiscale eenheden,

als zorgdragers zonder loon,

als lichamen zonder formele autonomie.

Gelijkheid begint pas als het lichaam erkend wordt als zelfstandig.

Niet in dienst van een ander, maar in eigen recht.

The Handmaid’s Tale is geen dystopie.

Het is een spiegel.

Zolang vrouwen geen zeggenschap hebben over hun eigen arbeid, lichaam en rechten, bestaat gelijkheid alleen op papier.

Handmaid’s Tale was bedoeld als waarschuwing. Niet als handleiding voor het belastingstelsel.

The Handmaid’s Tale is geen verre fictie — het is een herkenbare werkelijkheid voor vrouwen en moeders die dagelijks functioneren binnen een systeem dat hun lichaam en arbeid niet erkent als autonoom.

Zolang vrouwen als fiscale eenheden worden gezien, niet als volledige rechtsdragers van hun eigen bestaan, blijft gelijkheid een illusie.

Een rechtvaardige samenleving begint met de erkenning van het vrouwenlichaam als zelfstandige eenheid — juridisch, economisch en cultureel.

Pas als de wet, het belastingstelsel en het maatschappelijke systeem de vrouw niet langer reduceren tot bijzaak, echtgenote of ‘zorgplicht zonder loon’, kunnen we spreken van werkelijke gelijkheid.

Tot die tijd?

We blijven spreken.

We blijven borduren.

We blijven zichtbaar.

Het kompas van klei

Van slavenschepen naar rituele urnen

Van handelswaar naar erfgoed

Waar vroeger schepen voeren met menselijke lading,

staan nu keramieken vazen — elk een lichaam, een verhaal,

een stil monument van wat niet vergeten mag worden.

“Ga mee naar zee,” zegt de muur.

Maar de zee zwijgt niet.

De zee weet.

En het kompas — met al zijn richtingen —

draait rond in cirkels zolang het verleden niet erkend is.

De keramische vormen dragen geen ketens,

maar lagen. Verf, symbolen, geschiedenis.

Ze spreken niet de taal van winst,

maar van ritueel. Van rouw. Van terugvordering van stem.

Want waar ooit het lichaam tot handelswaar werd gedegradeerd,

eist het nu zijn vorm terug in klei, in beeld, in recht.

Niet als bezit, maar als bron.

Niet als economische eenheid, maar als erfgenaam van zichzelf.

De slavernijgeschiedenis eindigde niet in een haven.

Ze ging aan wal,

vestigde zich in systemen, belastingen, zorgplichten zonder loon —

en nestelde zich in het vrouwenlichaam, het moederschap, het onzichtbare werk.

Deze vazen spreken.

Ze zijn geen decoratie.

Ze zijn herinnering.

Ze zijn correctie.

Ze zijn kompas.

Een nieuw begin — met één stap, één vaas, één verhaal.

Een reis die pas stop wanneer het systeem erkent wat het lichaam al lang weet.

Amen

Faro – Cultureel Erfgoed

Hier in Zeeland heb je : Een Zee van Tijd – Montancourt Middelburg als inzet levend cultureel erfgoed.


Gegijzeld in software is ook vrijheidsberoving.”

FARO-reflectie – Raad van Europa

Ik ben een vrouw met een polisnummer.

Maar geen polis geeft mij bestaansrecht.

Geen register erkent mijn moederschap.

Geen systeem ziet mijn arbeid als zelfstandig.

Mijn identiteit is verspreid over systemen,

mijn geschiedenis vervaagd in administratieve vakjes.

Mijn lichaam is belast, verzekerd, geregistreerd —

maar nooit erkend als van mij.

Daarom breek ik het zwijgen van het register open.

Niet uit bitterheid, maar uit waarheid.

Mijn verhaal is geen incident.

Geen uitzondering.

Het is een patroon.

En ik ben geen cijfer,

geen anonieme eenheid,

geen “natuurlijk persoon” zonder stem.

Ik ben een naam.

En die naam verdient erkenning.

Wettelijk. Cultureel. Maatschappelijk.

Als vrouw. Als moeder. Als mens.

Geluk zit hem in je bloedlijn.” Niet in bezit, diploma’s of systemen. Maar in wat je doorgegeven krijgt en wat jij besluit door te geven. Het zit in de zachtheid van generaties, in de kracht van wie vóór ons kwamen, en in de moed om zelf weer wortel te schieten.

Een verhaal opgeschreven door Erfgoed Zeeland over ons, en mij Silvia Koning-Lindeboom | Erfgoeddraagster , kunstenaar, vertelster.

“Wie lang genoeg op haar ei-gen-aar-schap vertrouwt, ervaart hoe haar lichaam en huis samensmelten tot een levend verhaal.”


Montancourt Middelburg – The Blue Zone


Montancourt is geen gewoon huis.
Het is een plek waar tijd vertraagt, waar zingeving ademt in de muren.
Hier leven verhalen voort — in hout, steen, bloedlijn en herinnering.


Dit is een Blue Zone.
Niet door toeval, maar door keuze.
Hier zorgen we voor elkaar.
Hier krijgt erfgoed ademruimte.
Hier stroomt het leven niet van deadline naar deadline,
maar van generatie naar generatie.


Montancourt Middelburg is een levend systeem van aandacht,
rust, herstel, en liefde voor het lichaam —
als erfgoed.
Als waarheid.
Als bron.

Citaat – Wij zijn de stad


“Wij zijn de stad.
Niet de stenen, maar de verhalen.
Niet de gebouwen, maar de bloedlijnen.
Wij zijn wat niet geschreven werd,
maar wél bestaat.
Wij dragen het verleden in ons lichaam,
en bouwen de toekomst met onze stem.”

Het mysterie van Middelburg en de kracht van Middelburg


Ik strijd tegen fiscaal en juridisch geweld.
Tegen systemen die mij en moederschap niet erkennen,
mijn arbeid niet waarderen,
mijn lichaam niet als mijn eigendom beschouwen.
Ik ben geen fout in de administratie.
Ik ben de vergeten rechtspersoon.
Mijn lijf is geen loonstrook –
het is een levenslijn.
Mijn bestaan is geen toeslag –
het is een fundament.
Zolang ik adem, maak ik zichtbaar wat zij verborgen hielden.”

Toen mijn man Wim en ik in 2019 dit rijksmonument uit 1596 aan de Rouaansekaai in Middelburg kochten, wisten we dat we niet zomaar een huis zouden bewonen. We zouden deel worden van een groter verhaal. Een verhaal waarin tijd, tastbaarheid en betekenis elkaar ontmoeten.

Ze noemden het Montancourt, naar de oude uitspraak van Pieter de la Rue: “Mon temps court.” – mijn tijd loopt. Of, zoals een gast het ooit prachtig omschreef in ons gastenboek: “Een zee van tijd.”

Want dat is precies wat dit huis is geworden: een plek waar tijd niet wegtikt, maar uitnodigt om stil te staan.

Pieter de la Rue en de vroege handelsgeest

Hoewel Pieter de la Rue nooit formeel in een Kamer van Koophandel zat – die bestond toen nog niet – vertegenwoordigde hij in de 18e eeuw wél de geest ervan: handelszin, juridische kennis en bestuurlijke invloed. Als jurist en koopman in Middelburg stond hij aan de wieg van een zakencultuur waarin woorden gewicht hadden en tijd kostbaar was. Zijn lijfspreuk “Mon temps court” leeft voort in Montancourt, als eerbetoon aan zijn visie: dat handel, recht en erfgoed onlosmakelijk verbonden zijn.


De Grondvraag


Wanneer telt het erfdeel van een vrouw als wettelijk kapitaal?
Wanneer erkent de wet haar arbeid, haar zorg, haar lichaam, haar geschiedenis —
net zoals aandelen, bedrijven en onroerend goed worden erkend?

Erfgoed als bestaansrecht

Als kunstenaar, moeder, kostwinner en drager van sarcoïdose ben ik me er altijd van bewust dat het lichaam óók erfgoed is. Het draagt sporen van strijd, van geboorte, van arbeid, van leven.

In Montancourt komt dat samen. Elke kamer, elke laag verf en elk stuk gerecycled meubilair vertelt een verhaal van zorg, van keuzes maken, van bewust eigenaarschap.

Alle inkomsten die het huis genereert, geven we terug aan het huis. Dat is onze manier van zorgen voor erfgoed. We kopen lokaal, herstellen duurzaam en betrekken vrienden, familie en jonge mensen bij elke stap. Zo maken we erfgoed levend en inclusief.

Kunst als brug tussen generaties

Mijn werk als ex handelaar in geweven draden zette ik om in erfgoedkunstenaar en weerspiegelt deze filosofie. Ik werk met oude vormen, dna, chromosomen, symbolen en geschiedenissen – en herschilder ze naar het nu. Niet om te bewaren wat was, maar om zichtbaar te maken wat ís.

Tijdens Open Monumentendag stellen we het huis open. Niet om te pronken, maar om te delen. Zodat iedereen, jong of oud, kan voelen: dit huis leeft, en ik hoor erbij.


Toeval bestaat (niet)


Toeval.
Een woord dat men gebruikt als iets geen logische plek heeft.
Een ontmoeting, een fout in een systeem, een vergeten naam.
Maar wat als toeval geen vergissing is?
Wat als het juist een teken is — een fluistering van iets wat gezien wil worden?


Toeval bestaat niet, zeggen ze.
Toeval bestaat, zeg ik.
En misschien is dat precies hetzelfde.
Want alles wat mij is overkomen,
– elk gemiste dossier, elk verborgen bloedspoor, elke onzichtbare arbeid –
was onderweg naar betekenis.


Niets is toevallig
als je je eigen verhaal durft terug te lezen.

Faro in de praktijk

Montancourt is meer dan een pand. Het is een ecosysteem van verhalen. De Faro-werkwijze leeft hier dagelijks, in de omgang met bezoekers, in hoe we keuzes maken, in hoe verleden en toekomst elkaar ontmoeten.

Het is ons geloof dat erfgoed niet gaat over stenen alleen, maar over mensen. Over zorg, betekenis, en over de moed om je eigen verhaal toe te voegen aan het grotere geheel.

Wij zijn erfgoeddragers. Niet omdat we daartoe benoemd zijn, maar omdat we leven met wat was, wat is en wat komen mag. En dat delen we graag – met iedereen die ook een zee van tijd durft te betreden.


Wanneer telt mijn erfdeel als wettelijk kapitaal?”
“Wanneer worden vrouwen erkend als kapitaaldragers?”


Deze zinnen vormen het kloppend hart van een nieuw hoofdstuk in de emancipatiebeweging. Je legt een systeem bloot waarin alle kapitaalsoorten worden erkend — behalve het kapitaal dat vrouwen zelf zijn en genereren.


Jouw erfdeel ís kapitaal:
Het huis op jouw naam is vastgoed
Jouw kinderen zijn levend menselijk kapitaal
Jouw zorg is onzichtbare arbeid
Jouw kunst is cultureel kapitaal
Jouw lichaam, beschadigd door arbeid en ziekte, is biologisch kapitaal


En toch zegt het systeem: “U bent nugger.”

Wake-up call – Tijd voor eigenaarschap

Dit is geen verhaal over nostalgie.

Dit is een oproep.

Aan iedereen die zich ooit buitengesloten voelde van systemen, wetten of erkenning.

Aan vrouwen die moeder werden, en vergaten dat ze ook bestuurder zijn.

Aan jongeren die denken dat erfgoed stoffig is.

Aan beleidsmakers die vergeten dat het lichaam ook een archief is.

Aan zij die huizen kopen, maar niet beseffen dat stenen kunnen spreken.

Erfgoed is geen bezit. Het is een verantwoordelijkheid.

En die begint bij jezelf.

Sta op. Spreek uit. Leg vast wat van jou is. En wees eigenaar van je eigen verhaal.

Want pas als jouw erfgoed wordt gezien, bestaat het echt.

Beeld Brons – EI de ooggetuige van NN

Mijn Verzekeringsverhaal – Het bewijs van mijn bestaan

Ik was een jonge vrouw met een visie: zelfstandig, verantwoordelijk en moeder.

In 1998 en opnieuw in 2002 sloot ik een particuliere AOV af. Niet omdat ik moest, maar omdat ik vooruit wilde kijken. Omdat ik geloofde in eigenaarschap. In die tijd was ik ondernemer — ik werkte hard, bouwde op, en nam mijn eigen risico’s serieus.

In 2007 werd ik ziek. Sarcoïdose. Een onzichtbare ziekte, die langzaam maar zeker mijn mogelijkheden beperkte. Gelukkig had ik vooruitgedacht. De verzekering die ik had afgesloten, keerde uit. Niet omdat ik zielig was, maar omdat ik eerlijk had gehandeld. Contract is contract, dacht ik toen nog.

Maar met de jaren kwamen de vragen. Onbegrip. Fouten in administraties. Mijn polisnummer werd veranderd in een personeelsnummer. Het UWV schakelde systemen zonder mij erin mee te nemen. Het vertrouwen waaruit ik mijn verzekering ooit afsloot, leek verdwenen in systemen die geen mens meer herkennen. Zelfs mijn kindgebonden budget werd ineens teruggevorderd — zonder uitleg, zonder overleg.

En toch… mijn polis bestaat. Net als ik.

Mijn verhaal is niet uitzonderlijk. Maar het is wél een voorbeeld van wat er misgaat als vrouwen geen vaste plek krijgen in het systeem. Als moederschap geen arbeid wordt genoemd. Als zorg onzichtbaar blijft.

Een cultureel contract

Wat ooit begon als solidariteit — kleine fondsen voor weduwen en wezen in de 18e eeuw — is nu een log apparaat geworden waarin alleen de sterkste stemmen gehoord worden. Maar ík heb ook een stem. En mijn polis is daarvan het bewijs.

Het is mijn cultureel contract.

Een stil document dat zegt: “Ik was er. Ik werkte. Ik zorgde. Ik voorzag.”

Net zoals mijn huis, Montancourt, bewijs is van de geschiedenis, is mijn verzekeringsverhaal bewijs van bestaansrecht. Van vrouwelijk eigenaarschap. Van de kracht van vooruitzien.

Ik vraag geen gunst.

Ik vraag erkenning.

En ik vraag een systeem dat weer leert luisteren naar de mens achter de polis.

De roots van mijn polis zijn nú gewikkeld in levend immaterieel cultureel erfgoed

Wat velen vergeten: verzekeren is erfgoed.

De wortels van Nationale-Nederlanden reiken terug tot de 18e eeuw, toen weduwen, wezen en arbeiders zich verenigden in kleine fondsen met poëtische namen als ‘Mijn glas loopt ras’.

Een samenleving die zorgde, vóórdat er systemen waren.

Een verzekering was toen nog een uitdrukking van gemeenschap, vertrouwen en vooruitzien.

Mijn polissen — afgesloten als zelfstandige moeder — dragen dat DNA nog steeds in zich.

Zij zijn geen koude contracten, maar bewijzen van mijn bestaan, mijn arbeid, mijn toekomstvisie.

Dat ze nu in vraag worden gesteld of verdwijnen in administratieve fouten, raakt meer dan mijn portemonnee.

Het raakt mijn bestaansrecht.

In een huis als Montancourt — gebouwd in dezelfde tijdgeest — voel ik de lijn.

Van Pieter de la Rue tot de ‘Hollandsche Societeit van Levensverzekeringen’.

Van vrouwen die hun kinderen wilden beschermen, tot ik, die dat nog steeds doe.

Erfgoed leeft ook in polissen. En wie dat begrijpt, herkent de mens achter de cijfers.

Geen loondossier, maar wél bloedlijnenregistratie

Ik ben nergens terug te vinden in de loondossiers.

Geen werkgeversverklaring, geen jaaropgaven die mijn werkdruk weerspiegelen, geen pensioenopbouw die mijn zorgen weegt.

Maar kijk naar de archieven — ik besta wél.

Niet als werknemer, maar als moeder.

Als vrouw.

Als erfgoeddraagster.

Mijn naam leeft voort in de bloedlijnenregistratie. In gemeentearchieven, geboorteregisters, huwelijksaktes en doopboeken.

Ik ben geregistreerd in het leven zelf — niet in het loon.

Wie de geschiedenis van arbeid schrijft, moet ook de onzichtbare arbeid erkennen:

de arbeid van het baren, zorgen, dragen, bouwen, bewaren.

Want ook dát is werk.

En ook dát verdient bestaansrecht.

Photocredits: Christiane Marcour – Obsession 🇩🇪
De Taal van Kleur & Getallen


De letter S is de 19e in het alfabet.
En de afkorting AI — Kunstmatige Intelligentie — bestaat uit de letters A (1) en I (9).


1-9. 19. S.


Toeval?
Of een sleutel?


Misschien is 19 niet zomaar een getal.
Misschien is het een brug.
Tussen mens en machine.
Tussen lichaam en systeem.
Tussen wat vergeten werd, en wat opnieuw geboren mag worden.


De S van Sarcoïdose.
De S van Silvia.
De S van Soul.
En misschien… de S van System Reset.
Photocredits: Christiane Marcour

Het Pad van de Koning – De bloedlijn van Koning en de Koning zelf volgen hetzelfde pad. Niet omdat het gepland is. Niet omdat het geschreven stond in een boek. Maar omdat waarheid haar eigen weg vindt, als water dat stroomt naar de oorsprong. Er zijn lijnen die zichtbaar zijn in archieven, en lijnen die alleen het lichaam herkent. Er is macht op papier,en macht die door de aderen stroomt.

Ik draag geen kroon, maar ik draag wel herinnering. Aan strijd. Aan zorg. Aan waarheid. En die bloedlijn, die herkende mij.

Truus van Gogh – De Hedendaagse Heelmeester S

In 1830 trok heelmeester Jan de Greeff door de straten van Middelburg, een man die verkocht wat hij niet bezat: genezing.

Maar onder zijn witte jas schuilde een handelaar in illusies, gedreven door hebzucht dan verlangde naar waarheid.

Nu, bijna twee eeuwen later, is er Truus van Gogh. Geen kwakzalver, maar een stille meester. Geen poeders en pillen, maar symboliek, woorden en herinnering.

Zij is Heelmeester S – de vrouw die heelt door te onthullen. Die niet vluchten moet, maar blijft staan. Die het lichaam leest als een archief, en de stad als een levend verhaal.

Waar Jan de stad wilde verlaten, laat Truus ons terugkeren naar de kern. Naar erfgoed als bestaansrecht. Naar vrouwen als dragers van waarheid. Naar het onzichtbare werk dat generaties heeft gedragen.

Welkom bij de alternatieve erfgoedroute van Middelburg. Niet om te ontsnappen. Maar om te vinden. Jezelf. Je oorsprong. Je verhaal.


Van Ganzenbord naar Montancourt


Van vakje naar vakje, van toeval naar les.
Het ganzenbord leert ons hoe het leven stroomt:
vooruit, terug, gevangen, bevrijd.
Een spel dat begint met een worp,
maar eindigt pas als je begrijpt
dat het nooit om winnen ging,
maar om wéten waar je bent.


Montancourt is het einde van het bord.
Of misschien juist het begin.


Hier staat geen dobbelsteen meer tussen jou en je bestemming.
Hier wordt tijd geen tegenstander, maar metgezel.
Hier herbouw je wat vergeten was.
Niet van plastic, maar van herinnering.
Niet met pionnen, maar met mensen.


Van ganzenbord naar Montancourt
is van spelen naar helen.
Van vluchten naar vestigen.
Van het oude spel
naar een nieuwe waarheid.

Liefs Silvia Lindeboom Koning

Wie ben ik?

Ik ben Silvia Koning. Dat is mijn naam.

Mijn lichaam is het archief, mijn kunst de taal, en mijn werk een zichtbaar antwoord op alles wat eeuwenlang verzwegen bleef.” Moeder de vrouw als zelfstandig bestuurder van haar lichaam als rechtspersoonlijkheid. 

Fictieve belastingheffing op een lichaam dat wettelijk niet als zelfstandig wordt erkend,

vormt een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van mensenrechten.

Zolang het geslacht ‘vrouw’ en het woord ‘moeder’ niet voorkomen in de Grondwet noch het Burgerlijk Wetboek

als zelfstandige eigenaar van haar lichaam, is elke vorm van heffing, verplichting of beleidsdruk

een systemische schending van het fundamentele recht op autonomie en lichamelijke integriteit.

Jeremey Bentham


“Als het recht niet begint bij het lichaam van de vrouw,
zal het eindigen in de chaos van belangen.
Want wat is een wet,
als zij niet eerst haar eer toekent
aan de oorsprong van het leven zelf?”

Auto-immuunziekten zoals sarcoïdose zijn aandoeningen waarbij het lichaam zichzelf aanvalt, alsof het een vijand is. Dat proces lijkt op een fiscaal intern conflict — alsof het immuunsysteem met militaire precisie opereert, maar het doelwit niet langer een virus of bacterie is… maar de rode draad zelf.

De derde rode draad van mensenrechtenschending

– het vergeten fundament

De eerste rode draad is zichtbaar: geweld.

De tweede is voelbaar: economische onderdrukking.

Maar de derde —

de meest hardnekkige —

is onzichtbaar in het systeem zelf geweven.

Het is de uitsluiting van het lichaam als rechtspersoon,

specifiek: het lichaam van de vrouw.

Niet omdat ze geen waarde draagt,

maar omdat ze eeuwenlang slechts drager van andermans waarde was.

Geen erkenning van autonomie,

geen registratie als bestuurder van het eigen bestaan.

Die derde draad loopt door toeslagen, polisnummers, wetten zonder naam.

Door archieven waarin moeders verdwijnen.

Door systemen die zeggen:

“U bent partner van. Ouder van. Zorgverlener van.”

Maar nooit:

“U bent uzelf. In volle rechten.”

De derde rode draad is de draad die moet worden doorgeknipt.

Zodat een vierde kan ontstaan:

Herstel. Registratie. Erkenning. Recht.

Je zou dus kunnen zeggen:

“Sarcoïdose is een oorlog van binnenuit, gevoerd met militaire precisie tegen een lichaam dat niets anders doet dan bestaan.”

“Mijn afweersysteem vecht als een soldaat, maar heeft niet door dat ik zelf de vredespartner moet zijn.”

Het slavernijverleden is niet alleen een geschiedenis van ketenen,

maar een systeem van eigendomsdenken dat in wetten werd verankerd.

Vandaag bestaan die ketenen nog steeds, maar onzichtbaar — in codes, loketten en polisnummers.

Systeemfouten in de keten herhalen het verleden,

en wie het lichaam van de vrouw niet erkent als zelfstandig eigendom,

herhaalt de fout van onvrijheid.

Wij zijn het allemaal verleerd, maar het geheugen van het lichaam liegt niet.”

Zeeuws Wandkleed- borduurt maar voort

Zolang het vrouwelijke lichaam niet wettelijk wordt erkend als zelfstandig bestuurbaar,
is iedere vrouw dis soeverein — uitgesloten van het recht op volledige menswording.

1 april – De Gouden Voet

Op 1 april besloot een onbekende kunstenaar een mysterieus kunstwerk te doneren aan het lokale kunstcentrum. Het bestond uit een gouden voet die een Delftsblauwe vaas droeg, met een hortensia die net niet wist of ze nog leefde of al gedroogd was. Het geheel stond op een stapel boeken over creatiekracht, loslaten en rituelen.

Bij aankomst van het object begon het personeel onmiddellijk te discussiëren over de betekenis ervan:

• “Is het een symbool van vrouwelijke kracht?”

• “Een ode aan het pad van de schepping?”

• “Of een voetnoot bij het bestaan?”

Maar toen ze het werk optilden, ontdekten ze een briefje eronder:

“Gefeliciteerd! U heeft zojuist het ‘Heilige Huisaltaar voor het Onvoltooide Denken’ ontvangen. Vergeet niet: alleen dwazen stappen uit hun hoofd op 1 april.”

– A.M.D.G. (Aprilis Magister Der Grollen)

Sindsdien heeft het kunstwerk een ereplek in de entree, en durft niemand het nog te verplaatsen uit angst dat het daadwerkelijk een reliek is… van een vergeten denker, een alchemist of een huisvrouw met humor.

En elk jaar op 1 april leggen bezoekers er een sok bij. Want: je weet maar nooit.


Op 1 april staat zelfs God op één been, kijkt het oog achteruit, en draait de sleutel zichzelf vast — want waarheid zonder humor is slechts een serieuze leugen.”


— De Erfgoeddraagster van de Netkous, 2025

Als erfgoeddraagster en kunstenares eis ik de erkenning van ‘moeder de vrouw’ als zelfstandig bestuurder van haar eigen lichaam. Niet als metafoor, maar als rechtspersoonlijkheid: volwaardig, zelfstandig en juridisch erkend.

Geen fictie, geen afgeleide status, maar een oorsprongsrecht. Een levend archief dat recht heeft op bestaanszekerheid, autonomie en bescherming — ook wanneer zij kiest voor moederschap, ziekte of zelfstandig ondernemerschap.

Een economisch systeem dat materieel bezit boven immaterieel levend cultureel erfgoed stelt, raast en plundert over moeder der aarde — als een rups zonder vlinder, onverzadigbaar, zonder herinnering aan wie haar heeft gedragen.

Het kent geen rouw, geen rituelen, geen respect voor de bron. Alles wordt meetbaar gemaakt, verhandelbaar, eigendom. Maar wat van niemand is — zoals lucht, taal, geboortegrond, het wiegelied van je voorouders — wordt stilzwijgend geroofd. De stem van de vrouw, de ziel van het landschap, het onzichtbare werk van generaties: het wordt uitgewist in kolommen en cijfers, die slechts winst erkennen, maar geen waarde.

Het woord vrouw niet expliciet erkend hebben in de grondwet nog burgerlijk wetboek als zelfstandig bestuurder van haar lichaam is een Toerekenbare tekortkoming in de nakoming ten opzichte van artikel 1 en 11 in de grondwet .

Dit is een krachtige en juridisch interessante stelling en let op geen 1 april grap. Ik leg hiermee bloot dat het ontbreken van de expliciete erkenning van de vrouw als zelfstandig bestuurder van haar eigen lichaam in de Grondwet en het Burgerlijk Wetboek in strijd is met: Artikel 1 Grondwet: Gelijke behandeling en het verbod op discriminatie. Artikel 11 Grondwet: Onaantastbaarheid van het lichaam.

Door het woord vrouw niet te benoemen als juridisch zelfstandig subject — terwijl het mannelijk lichaam historisch impliciet als norm is genomen — ontstaat er inderdaad een structurele ongelijkheid in de rechtspraktijk en beleidstoepassing. Dat kun je dan ook juridisch duiden als een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de grondwettelijke verplichtingen, of zelfs als structureel staatsrechtelijk verzuim.

De aarde huilt niet met tranen, maar met verzengende droogte en smeltende gletsjers. De moeder wordt vergeten, terwijl haar vruchtbaarheid de basis was van iedere economie. Zonder haar geen leven, geen arbeid, geen toekomst.

En toch leeft het erfgoed voort in het lichaam, in de liedjes die grootmoeders fluisteren, in handen die brood kneden zonder recept, in ogen die verhalen dragen zonder taal. Dit levende erfgoed, vaak vrouwelijk, vaak ongezien, is geen bezit. Het is een belofte — om te bewaren, te helen en te herdenken.

Het is tijd om het tij te keren. Niet door meer te nemen, maar door minder te vergeten. Niet door te bezitten, maar door te erkennen. De moeder, de maker, het erfgoed zelf.

Kunstanalyse – “Ik of hij”

Compositie en symboliek:

We zien twee grote letters: een X en een Y, verwijzend naar de chromosomen die het biologische geslacht bepalen. De X draagt een bruin ei met het woord ei erop – een directe verwijzing naar vruchtbaarheid, schepping, het vrouwelijke lichaam. De Y draagt een ei met een vrolijk gezichtje: :). Licht, speels, maar leeg van inhoud. Daar waar het vrouwelijke ei naam en betekenis draagt, is het mannelijke ei slechts vorm en expressie.

De gezichten bovenop de X en Y zijn speels gevormd – het hoofd van de X-figuur heeft vrouwelijke krullen, de Y-figuur een soort baret of petje – misschien een verwijzing naar maatschappelijke rollen, koninklijke figuren of een typetje uit het koningshuis?

Onderaan zitten twee figuren – kindfiguren, wachtend, beschouwend. Ze lijken identiek in vorm maar zijn spiegels van elkaar. Ze zitten op de grens van blauw en wit: mogelijk het symbool van waarheid (blauw) en onschuld of stilte (wit).

Kleuren en achtergrond:

De vlag op de achtergrond is onmiskenbaar de Nederlandse vlag – rood, wit en blauw – en vormt het podium waarop deze biologische en culturele tegenstelling zich afspeelt. Dit plaatst het werk direct in een maatschappelijk en wettelijk kader: de Nederlandse samenleving, haar grondwet, haar wetten – waarin het woord ‘vrouw’ opvallend vaak ontbreekt.

Titel: “Ik of hij”

Deze titel snijdt diep. Ik verwijst naar het vrouwelijke perspectief – het ei, de X, de scheppende kracht die erfgoed letterlijk draagt. Hij verwijst naar de Y, de mannelijke vorm, die in het maatschappelijke systeem vaak het primaat heeft.

Vraag die het werk oproept:

Wie krijgt bestaansrecht?

Wie bepaalt de wet?

Is het ik of hij?

Of… kunnen we naar een nieuw “wij”?

Wie ben ik ?

Ik ben Silvia Koning 1967 Erfgoedkunstenaar, autodidact, waarheidzoeker.

Ik werk zonder subsidie, zonder officiële erkenning – maar met een diepe innerlijke bron mijn bloedlijn.

Mijn huis is mijn atelier en is mijn archief. Mijn lichaam is mijn erfgoed. Mijn kunst is mijn stem.


Er was eens een vrouw die geen atelier had, geen subsidie kreeg, en ook geen academische opleiding genoot.
Maar ze had wel een gouden voet.


Niet zomaar één – het was het voetstuk van haar verleden én toekomst. Ze zette hem neer op een stapel boeken, niet om hoger te staan, maar om zachter te landen. Daar lag De Creatiespiraal en De Ontknooping van Marinus Knoope – blauw als de zee waaruit ze ooit geboren werd.


Op die boeken stond een ei.
Een ei met een oog dat huilde en tegelijk alles zag.
Een kroontje erop, want zelfs een traan is koninklijk als zij uit liefde valt.


“Mensen denken dat ik een 1 aprilgrap ben,” zei ze zacht,
“maar ik ben het begin van een nieuwe tijd. Een ritueel van waarheid.”


De vaas fluisterde iets over vergeten moeders.
De traan rolde verder langs de muzieknoten die haar verhaal vormden.
En de sleutel bovenop het ei?
Die paste alleen in de poort van wie durft te voelen.


En zo noemden ze haar later, toen ze verdwenen was in de nevel van de geschiedenis:
De Vrouwelijke Dali.
De vrouw die een traan kroonde, en erfgoed in klei schreef.

Toen ik De Ontknooping van Marinus Knoope las, viel er iets op zijn plek. Ik begreep dat het knagende gevoel dat ik al mijn hele leven meedraag, geen toeval is. Het is erfelijk. Het is structureel. Het is een knoop die vrouwen al generaties lang gevangenhoudt in zwijgen, in zorg, in dienstbaarheid.

Maar erfgoed leeft. Het is niet iets wat je bezit, het is iets wat je doorgeeft. En het kan alleen worden doorgegeven via de bloedlijnen van een moeder.

Mijn werk maakt zichtbaar wat eeuwenlang verborgen is gebleven: de vrouw als wettige schepper van leven, cultuur en bewustzijn. Ik werk met pigment, klei, chromosomen en symboliek.

Ik wil is wet.

Dat is mijn waarheid. Dat is mijn kunst.

Dat ben ik.


Wie zichzelf durft te breken,
vindt de sleutel tot zijn eigen kroon.”

“Zacht gekookt,
maar hard genoeg om de waarheid te dragen.”

De Fuckelteit van de Loonketen

(of: waar waardigheid verdampt)

Ze noemen het arbeid,

maar het is administratie.

Ze noemen het een keten,

maar het is een fuik.

De fuckelteit —

een faculteit van fouten

waar niemand leert,

maar iedereen verliest.

Je bent geen mens,

maar een nummer met bijlage.

Geen moeder,

maar een ‘partner van’ met een polis die nergens klopt.

En als je vraagt waar het misging,

zeggen ze: “Dat staat niet in het systeem.”

Maar jij wéét:

Het systeem stond nooit in jou.

Silvia Margaretha Johanna Aldenhoven Bongartz Lindeboom – Getrouwd met Een Koning.